De Franse oud-minister Papon is na meer dan vijftig jaar schuldig bevonden aan deportatie van duizenden Joden.
In die ene zin zitten drie schokkende mededelingen. Ten eerste natuurlijk het feit van de deportatie zelf, die in de meeste gevallen leidde tot de dood van de slachtoffers. Ten tweede dat de schuldige in het Frankrijk van na de oorlog minister kon worden, een man van aanzien. En ten derde dat het een halve eeuw moest duren voor deze waarheid uit een donkere periode in de Franse geschiedenis volledig boven tafel kwam.
Nuchter beschouwd is de straf van tien jaar cel licht: tweeëneenhalve dag per slachtoffer, heeft Simon Wiesenthal al uitgerekend. Het oordeel van de Franse rechter is dan ook vooral symbolisch. Aan de ene kant is tien jaar voor een man van 87 zo goed als levenslang. Aan de andere kant mag hij vrij blijven rondlopen tot het hoger beroep is afgehandeld, en dat zou ook wel eens tot het einde van zijn leven kunnen zijn. Tegelijkertijd worden hem voor de komende tien jaar, en waarschijnlijk dus voor de rest van zijn leven, zijn burgerrechten en onderscheidingen zijn afgenomen. En die vernedering is, voor een man die twintig jaar geleden nog minister was, de ware straf.
De uitspraak van de rechter is ook een heilzame stap in het proces waarin Frankrijk poogt met zijn verleden in het reine te komen. Het met de nazi's collaborerende Vichy-Frankrijk is duidelijk verantwoordelijk gesteld voor de deportatie van de Joden - en daarmee mede-verantwoordelijk voor hun dood. Dat is geen misdaad die op het conto van de Duitsers alleen geschreven kan worden, mannen als Papon hadden hun eigen verantwoordelijkheid.
Daardoor werd het proces tegen een oude man een onderzoek naar het geweten van de hele Natie. En de massale belangstelling in Frankrijk voor het proces toont aan dat er behoefte was aan dat zelfonderzoek.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.