Afgelopen maandag, negen uur in de avond. De Dallas Morning News zet, uren voor de eerste papieren exemplaren van de persen gaan rollen, een primeur in zijn editie, die via Internet elektronisch is te lezen. De gretigheid van de Texaanse krant is begrijpelijk. Zijn het tot nu toe kranten als de Washington Post en de New York Times, weekbladen als Time en Newsweek en de landelijke televisiejournaals van ABC, CBS, NBC en CNN geweest die met nieuwe onthullingen over president Bill Clinton en de Monica Lewinsky-affaire op de proppen zijn gekomen, nu is het de beurt aan de regionale Dallas Morning News.
Onderzoeker Kenneth Starr, wordt trots gemeld, is op het spoor gekomen van een agent van de veiligheidsdienst die de president in een compromitterende situatie heeft gezien met Lewinsky. Als bron noemt de on line-krant “een advocaat die op de hoogte is van de onderhandelingen tussen Starr en die getuige.” Geen misselijke primeur, want een nieuwe getuige geeft Starr de mogelijkheid de beschuldigingen tegen het Witte Huis beter te onderbouwen.
Het druk bekeken en als betrouwbaar beschouwde discussieprogramma 'NightLine' van ABC, dat 's avonds vanaf half twaalf Washingtonse tijd wordt uitgezonden, meldt het bericht. Presentator Ted Koppel tekent er nog bij aan dat zijn redactie niet de gelegenheid heeft gehad de juistheid ervan na te trekken. Maar de Dallas Morning News heeft een goede naam; de krant is met zes Pulitzerprijzen, de hoogste onderscheiding in de Amerikaanse krantenwereld, geen sufferdje.
Ook CNN neemt het bericht van de News over en het persbureau AP zet het op het net. Vier uur na de elektronische publicatie neemt de krant het bericht terug. “De bron van het bericht, een ervaren Washingtonse advocaat, die de kwestie goed kent, heeft later gemeld dat de verstrekte informatie onjuist was”, is de toelichting.
Maar het nieuws heeft zijn weg door Amerika's medialand al gevonden. De Detroit News heeft het prominent geplaatst, net als de Boston Herald, de Orlando Sentinel, USA Today en de New York Times, om de vier windstreken even langs te gaan. De New York Post, wiens voorpagina al jaren bestaat uit een grote foto en een kop schreeuwt: IK HEB HET ZE ZIEN DOEN!
Niet het in de fout gaan van de Dallas Morning News is het opmerkelijkste feit. Wel het feit dat de krant de berichtgeving heeft gebaseerd op de mededeling van één bron. Een paar dagen later stelde de Washington Post dat het in de berichtgeving over Watergate - waarin zoals bekend is de krant in de Amerikaanse hoofdstad een glansrol heeft gespeeld - traditie was dat de verslaggevers bij controversiële artikelen twee los van elkaar staande bronnen eisten, “maar die praktijk smelt dikwijls in de hitte van de concurrentie.” En die nieuwsmedia die de scoop van een ander herhalen - heel gewoon in de jaren negentig - trekken simpelweg niets na.
Het is nog maar twee weken geleden dat Newsweek besloot een artikel van Michael Isikoff nog even in portefeuille te houden. Isikoff, die zich al een jaar lang alleen nog maar bezighoudt met het juridische gevecht tussen onderzoeker Starr en het Witte Huis, had op grond van vertrouwelijk aan hem verstrekte informatie en simpel passen en meten een conclusie van jewelste getrokken: Starr was beschuldigingen aan het onderzoeken dat de president van de Verenigde Staten een verhouding had gehad met een jonge stagiaire en dat Clinton en zijn vertrouweling Vernon Jordan er bij haar op aan hadden gedrongen er onder ede over te liegen.
Op donderdag had de leiding van het weekblad het concept-artikel voor commentaar aan Starr voorgelegd. Die reactie loog er ook niet om: publicatie, zei Starr, brengt het onderzoek in gevaar. Geef ons nog één dag tijd om de vrouw in kwestie, Monica Lewinsky, over te halen als onze getuige tegen de president en Jordan op te treden. Newsweek stemde er mee in. Zaterdagochtend kreeg de leiding van het blad de opname van negentig minuten telefoongesprekken te horen tussen Lewinsky en een vriendin en collega van haar, Linda Tripp.
Isikoff pleitte als een bezetene voor publicatie van zijn verhaal van het jaar, misschien zelfs wel van het decennium. Maar hoofdredacteur Richard Smith, zo wordt in Newsweek van deze week in een verantwoording over het beleid gezegd, had in de opnamen te weinig aanwijzingen voor belemmering van de rechtsgang gehoord, de beschuldiging waar Starr uiteindelijk op wilde uitkomen. Ook waren er vraagtekens over de betrouwbaarheid van Lewinsky. De deadline verliep en het artikel werd niet gepubliceerd.
Woensdagochtend 21 januari walste het ABC-ochtendjournaal van zeven uur het nieuws de Amerikaanse huiskamers binnen en konden de lezers van de Washington Post op de deurmat lezen over de vermeende verhouding. Internetgebruikers hadden het nieuws rond middernacht op de on line-versies van de Post en de Los Angeles Times kunnen vernemen of via ABC-radio. De feeding frenzy, de groeiende razernij, waarmee een storm zich ontwikkelt, zoals de Amerikaanse politicoloog Larry Sabato het enkele jaren geleden in een kritisch geschrift over de Washingtonse media betitelde, was begonnen. En een tandenknarsende Newsweek heeft sinds vorige week woensdag het artikel van Isikoff op de on line-versie van het blad staan.
ABC en de Post hadden besloten niet langer te wachten met het in de openbaarheid brengen van de beschuldigingen, nadat in het weekeinde Matt Drudge via Internet had bericht dat Newsweek een artikel over de seksaffaire niet had willen publiceren. Drudge is een geval apart in de Amerikaanse mediawereld. Ofschoon, mediawereld? Drudge is een dertigjarige nieuwsfreak, die een Report op Internet heeft die wordt gevuld met roddel, achterklap en geruchten uit de wereld van de politiek, de journalistiek en de showbizz (www.drudgereport. com).
De voormalige kopijloper van CBS werkt vanuit Hollywood en verzamelt daar nieuwtjes en berichten uit de achttien kranten die hij leest. Voorts plukt hij zijn nieuws van de voor hem toegankelijke persbureaus, de uitzendingen op de drie tv's die hij in zijn appartement heeft staan en van de talkradio. Die praatprogramma's worden gepresenteerd door voor een klein deel serieuze lieden, maar de meesten zijn of superrechts, populistisch of gek en vaak is er sprake van een combinatie van die drie kwalificaties.
Het Drudge Report heeft naar schatting een kleine 100.000 afnemers en de teksten worden dikwijls door liefhebbers aan elkaar doorgespeeld. Matt Drudge rechtvaardigt zijn nieuwtjesstroom met het verwijt dat de gevestigde media zaken achterhouden, omdat ze het als roddel afdoen of omdat ze bang zijn voor de gevolgen van openbaarmaking. Wat dat betreft kreeg Drudge de eerste rekening voor zijn Report al gepresenteerd. Hij heeft vorig jaar een adviseur van Clinton, Sydney Blumenthal, ervan beschuldigd zijn echtgenote te slaan. Blumenthal is een proces wegens smaad begonnen en eist zestig miljoen gulden van Drudge. Op Internet hebben aanhangers van Drudge al een fonds geopend, waaruit de verdediging moet worden betaald.
Drudge meent grote invloed te hebben, want van de week pochte hij dat in de twaalf uur nadat het nieuws over de Lewinsky-affaire naar buiten was gebracht er vanuit het Witte Huis 2600 keer was aangeklikt op zijn Report. En afgelopen zondag was hij zo zeker van zijn zaak dat hij in een praatprogramma voorspelde dat vóór de week voorbij was, er nieuws zou zijn over een nieuw seksschandaal met Clinton en een vrouw in de hoofdrollen. Het was er gisterochtend nog niet van gekomen.
Sinds vorige week, beweert Drudge, is de belangstelling voor zijn Report zo gestegen dat hij een onderkomen heeft moeten zoeken bij een Internet-provider met een grotere capaciteit. “En daar kan men de boel ook al nauwelijks aan.” De belangstelling voor on line-nieuws is in elk geval enorm gestegen en het zijn niet alleen journalisten die over elkaars schouder trachten te kijken.
Ook grappenmakers pikken hun graantje mee van de gekte. In tal van variaties zijn er de afgelopen week homepages aangemaakt die de indruk moesten wekken dat het om het elektronische terrein van Lewinsky ging, van Monica's Place tot MonLewinsky en M4Monica. De meesten zijn er door de Internet-aanbieders alweer afgehaald.
Nieuw en opmerkelijk is dat in de serieuze Amerikaanse media de afgelopen week zo openhartig is gepraat over diverse soorten seksuele handelingen. Nightline-presentator Ted Koppel opende een van zijn uitzendingen met een doodernstig gezicht en zei: “Waar de hele affaire uiteindelijk op zou kunnen uitdraaien is orale seks.” Om vervolgens omstandig uit te leggen dat Clinton ervan overtuigd is dat orale seks geen overspel is, omdat er geen sprake is van geslachtsgemeenschap in de klassieke zin van het woord. Sindsdien laten presentatoren zonder een spoor van aarzeling of gêne de term orale seks over de lippen rollen. Alleen de demonstratie van hoe dat dan gaat ontbreekt nog.
Het razende karakter van de media in de Lewinsky-zaak begint wat af te nemen, al duren de wakes van horden cameraploegen, fotografen en journalisten bij het Witte Huis, het Watergategebouw - waar Monica haar appartement heeft - en het kantoor van Kenneth Starr voort. En het doet je mond openzakken van verbazing als de televisie beelden biedt van Betty Currie, de secretaresse van Clinton, die bijkans wordt geplet door de camera's en als een schuw vogeltje op de achterbank van een auto schuift.
Heel voorzichtig wordt hier en daar in de Amerikaanse media de vraag geopperd of de gekte niet alle spuigaten is gaan uitlopen. Maar de journalisten die het spel momenteel bepalen, zoals de Witte Huis-correspondenten en de presentatoren, voelen nog niks voor zelfonderzoek. Want er valt nog steeds volop te scoren met het onderwerp. Bovendien staat de uitkomst vast. Na de nieuwsvoorziening rond de aanhouding van O.J. Simpson en zijn berechting vroegen mediacritici zich af: Kan het nog gekker? De zaak-Lewinsky geeft het antwoord: Nou en of!
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.