Van onze redactie economie AMSTERDAM - Het Waalse staalbedrijf Boël stevent af op een faillissement. De beoogde partner van Hoogovens in een joint-venture kon ook gisteren geen akkoord bereiken met het personeel en de vakbonden over een sociaal plan.
Gisteren kregen de werknemers de kans om zich tijdens een referendum uit te spreken over de voorstellen van de directie voor verregaande maatregelen om het bedrijf uit de dieprode cijfers te halen en zo in ieder geval aantrekkelijk te worden voor een samenwerking met Hoogovens.
Het voorstel voor het referendum werd vrijdag gedaan door baron P. Boël, de bestuursvoorzitter van het staalbedrijf. Dat aanbod gold eigenlijk als een laatste hoofdstuk in zes wekenlang vruchteloos overleg met de vakbonden. Boël rekende erop dat het personeel bij meerderheid akkoord zou gaan met het vervroegd pensioneren van 500 man personeel en een vertrekpremie voor nog eens 300 werknemers die zelf ontslag zouden nemen. De vakbonden zouden vervolgens voor die meerderheid moeten zwichten en fors water bij de wijn moeten doen. De vakbonden lieten zich echter niet in het nauw drijven en riepen het personeel op het referendum te boycotten. Veel werknemers gaven gehoor aan die oproep. Zij die wel wilden stemmen, werd dat door anderen onmogelijk gemaakt.
Volgens een woordvoerder van het Waalse bedrijf zijn de bonden en de directie nu uitgepraat. Vandaag wordt een gang naar de rechtbank gemaakt om te praten over de criteria voor een faillissement. Volgens de woordvoerder gaat het slechts om een gesprek en niet om het formeel aanvragen van het faillissement van het bedrijf.
Voor Hoogovens rest volgens een woordvoerder van het staal- en aluminiumconcern vooralsnog niets anders dan achterover leunen. Hoogovens heeft baat bij een joint-venture met het Waalse bedrijf, maar “niet tegen elke prijs”. Een van de voorwaarden voor een gezonde bedrijfsvoering is dat de hoogoven op het fabrieksterrein in La Louvière sluit en dat het personeel dat daar werkt afvloeit. Zo lang dat niet gebeurt is, is een joint-venture met Hoogovens niet mogelijk.
Hoogovens en de familie Boël zijn bereid om ongeveer 168 miljoen gulden in de joint-venture te steken. Het grootste deel van dat bedrag is afkomstig van Hoogovens. Hoe hoog het feitelijke bedrag is, wil Hoogovens niet prijsgeven. Het geld is bedoeld voor het sociaal plan en voor investeringen.
Hoogovens is zeer geïnteresseerd in de walserij van Boël in La Louvière. De galvaniseer- en verfinrichtingen van het bedrijf in het Franse Maubeuge en hoopt de eigen producten in de toekomst te kunnen afzetten via het klantenbestand van het Waalse bedrijf.
Aanvankelijk leek het er op dat de joint-venture er rond de jaarwisseling al kon zijn. Echter, het stroeve overleg met de bonden over een sociaal plan gooide roet in het eten. Daarnaast zorgde ook de Waalse deelregering voor vertraging. In een ultieme poging om werkgelegenheid in de streek te behouden, zag de deelregering het familiebedrijf Boël liever samengaan met het aan de Brusselse beurs genoteerde staalbedrijf Cockerill Sambre. Een studie wees uit dat beide bedrijven echter slecht bij elkaar passen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.