*

 
dossier

Archief

'De kabelexploitant is geen liefdadige instelling'

MONIQUE DE HEER − 03/02/96, 00:00

De programmaraad van het Amsterdamse kabelnet is al weken slecht bereikbaar: “U begrijpt toch wel waarom”, veronderstelt de telefoniste. “Ze worden bedolven onder de telefoontjes van boze kijkers.” Het kabelnet werd vorig jaar verkocht aan een particulier bedrijf. Bij de Amsterdammers viel onlangs een brief in de bus met de opgewekte mededeling: 'Mogen wij ons even voorstellen: A 2000, uw nieuwe kabeltelevisiebedrijf'.

De volgende morgen waren Cartoon Network/TNT, NBC Superchannel en QVC Shopping Channel van de buis verdwenen. TV Gold, The Music Factory, een nieuwe lokale zender en het Spaanse TVE Internacional kwam daarvoor in de plaats. Lang niet alle kijkers in de hoofdstad zijn het eens met die keuze, maar ze kunnen niet meer bij de gemeente aankloppen. Ze moeten nu hun beklag doen bij A 2000, een samenwerkingsverband van het Amerikaanse bedrijf US West en Philips KTA.

Ook op het gemeentehuis van Brielle (6000 aansluitingen) is men druk bezig met de verkoop van het eigen kabelnet. “Dat doen we omdat nieuwe diensten te dure investeringen vergen”, aldus woordvoerder Barendrecht. “Vanwege de grote risico's daarvan sluiten we ons aan bij een heel groot bedrijf.” Samen met Hellevoetssluis, Westvoorne, Spijkenisse, Ridderkerk en Rozenburg zal het net van Brielle waarschijnlijk verkocht worden aan Eneco, de kabelmaatschappij die Rotterdam en omstreken van beeld en geluid voorziet. Veel kleine gemeentelijke netten zijn op dit moment in de verkoop. De reden is overal hetzelfde. Ook de kleine netten willen meedoen met de verwachte vooruitgang: het aanbieden van elektronische diensten als Internet en brand- en inbraakbeveiliging. Het doorgeven van radio- en televisieprogramma's lijkt geen hoofdzaak meer in deze discussie.

De overnamekoorts die in de Nederlandse kabelwereld woedt, doet vermoeden dat er puur goud in de grond ligt. Op dit moment zijn er nog zo'n honderd verschillende kabelbedrijven. Maar de vijftien grote maatschappijen nemen bij elkaar tachtig procent van de aansluitingen voor hun rekening. Technisch zijn die kabelnetten heel verschillend. Vooral in de oudere, kleinere netten zal veel geïnvesteerd moeten worden voor ze in staat zijn verbindingen te verzorgen voor Internet of telebankieren. Volgens Kick Donkersloot, algemeen secretaris van de Vecai, overkoepelend orgaan van de kabelexploitanten, is het niet zo dat de abonnee die de kabel alleen gebruikt voor de televisiesignalen gaat opdraaien voor de kosten: “We weten dat de concurrentie op de loer ligt. Als we het te duur maken, nemen de mensen schotelantennes, komen er mobiele toepassingen, straalverbindingen. Met een zendmast kun je ook heel aardige dingen doen. In noordoost-Friesland gebruikt een kabelexploitant die om moeilijk bereikbare huizen van televisie te voorzien.”

De beoogde winst moet uit andere toepassingen komen. Donkersloot: “Wij zien een aantal ontwikkelingen op het gebied van televisie kijken: pay-per-view, betaaltelevisie bijvoorbeeld. Volgens onderzoeken is daar duidelijk belangstelling voor. In Amsterdam, Den Haag en Utrecht worden daar goede ervaringen mee opgedaan. Daarnaast kun je denken aan FilmNet, data-verbindingen voor bedrijven, Internet-achtige toepassingen, alarmsystemen voor bejaarden en inbraakbeveiliging. In de toekomst zul je ook toepassingen zien van home-shopping en als na 1998 het monopolie van de PTT op de telefoonverbindingen vervalt, krijg je de telefonie.”

Maar geen van deze toepassingen zal voorlopig een echte 'trekker' worden, weet ook de Vecai. Want is er wel zoveel behoefte aan Internet en beveiliging via de kabel? Donkersloot: “Daar kun je je best zorgen over maken. Het voorbereiden van die toepassingen zou wel eens zo duur kunnen zijn, dat dat ten koste gaat van de investering die nodig is om die netten zelf in orde te maken. En dat betekent dat je uiteindelijk toch bij die abonnee zult aankloppen. Het hangt van de aard van de toepassing af wat er aan het kabelnet gedaan moet worden. Vaak is het al voldoende om de ruggegraat van het kabelnet te vervangen door glasvezel. Uiteindelijk verwachten wij dat de investeringen terugverdiend zullen worden omdat het allemaal toepassingen zijn die in eerste instantie kleinere doelgroepen zullen aanspreken. Maar veel verschillende diensten voor heel veel verschillende mensen levert heel veel verkeer over het kabelnet. De aard van het verkeer maakt niet uit, als er maar véél verkeer is op die kabel.”

Niet iedereen is even gerust op de goede wil van de kabelexploitanten. Op het ministerie van OCW wil men vooral voorkomen dat de televisiekijker over enige tijd geconfronteerd zal worden met hoge abonnementskosten. De tekst van het concept-wetsvoorstel is nog niet openbaar gemaakt, maar de bedoelingen van staatssecretaris Nuis zijn al bekend en de Vecai ziet de bui al hangen.

Harriët Broekema van het ministerie van OCW: “Voor de langere termijn is het wachten op het rapport van de commissie-Ververs, die onderzoekt wat er met de publieke omroep moet gebeuren na het jaar 2000. Maar ook voor de periode waar nu een concessie voor is afgegeven wil Nuis een basispakket garanderen. Het is duidelijk dat het die kant op zal gaan.”

De behandeling van het wetsontwerp is waarschijnlijk begin april. In het voorgestelde basispakket zullen dan in ieder geval de Nederlandse publieke omroepen zijn opgenomen en, naar wordt aangenomen, ook de Belgische, Duitse en Engelse. Dit basispakket zou minder moeten gaan kosten dan het huidige basispakket. De Vecai is uiteraard faliekant tegen. Donkersloot: “Nuis heeft nu in zijn hoofd dat basispakket verplicht aan te bieden voor een nogal wat lager bedrag dan het abonnement nu kost. In de abonnee die daarvoor kiest moet dus extra geïnvesteerd worden. Want er moet verhinderd worden dat die kijker de andere kanalen kan opvangen: er moeten filters geplaatst worden. Dat gaat zo'n 100 tot 150 gulden per aansluiting kosten. Dat is een investering waar de kabelexploitant nu juist niet op zit te wachten: dat is het uitgeven van extra geld, om te zorgen dat er minder mogelijk is. De resterende abonnees moeten dus meer betalen, want het totaalbedrag moet worden opgebracht. De exploitanten zijn immers geen liefdadige instellingen.”

“Nuis doet dit uit cultuurpolitiek oogpunt, hij vindt dat mensen deze programma's moeten kunnen ontvangen. Ten aanzien van de Nederlandse zenders kan ik me dat nog wel voorstellen, maar ik denk niet dat het de taak van Nuis is om cultuurpolitiek te voeren ten gunste van buitenlandse programma's. Het andere punt is dat de minder draagkrachtigen een goedkoop kabelabonnement moeten kunnen nemen. Maar wie nemen het minimumpakket af? Niet de minder draagkrachtigen, maar juist de hoger opgeleiden die weinig tijd hebben om televisie te kijken, en van hun goede salaris liever naar de schouwburg gaan. Wij schatten in, op basis van onderzoek, dat vijftien procent van de abonnees belangstelling heeft, die anderen moeten dan dus meer gaan betalen.”

“En wat gebeurt er als de politiek hiermee gaat stoeien? Als er pressie ontstaat om een aantal commerciële kanalen in dat basispakket op te nemen komen we in een hele lastige situatie. Ik houd rekening met de mogelijkheid dat de politiek in de verleiding komt te denken: 'Dit is een voorziening voor de burgers, biedt dan ook commerciële zenders die voor de burger interessant zijn'. Wanneer je hier RTL 4 en 5 bij zou doen, dan gaat meer dan vijftig procent over op dat basispakket, dan moet de rest vele guldens meer betalen voor een uitgebreid pakket.”

Maar gemeenten willen bij de verkoop van hun kabelnetten garanties dat de prijs per aansluiting niet de pan uit gaat rijzen. In het Amsterdamse verkoopcontract is bijvoorbeeld opgenomen dat A 2000 commerciële zenders niet mag betalen voor doorgifte. In plaats daarvan wil A 2000 geld ontvangen. Maar nu meer aanbieders op de kabel willen dan er plaats is, levert dat conflicten op. Eurosport weigerde onlangs te betalen en verdween van het scherm. Arcade diende klachten in bij diverse instanties omdat A 2000 per kanaal 750.000 gulden vroeg als bijdrage in de kosten voor de doorgifte van The Music Factory en TV 10 Gold.

Omdat er zoveel onduidelijkheid bestaat in de regelgeving op dit gebied nam de Tweede Kamer begin december amendementen aan van de Kamerleden Van Zuylen (PvdA) en De Koning (D66) waarin gevraagd werd bij conflicten het Commissariaat voor de Media een bindende uitspraak te laten doen. Dat moet een duidelijke en eerlijke toegang tot de kabel garanderen.

Ook de inmenging van het commissariaat en de beperkingen in verkoopcontracten zijn bij de Vecai niet echt welkom. Donkersloot: “Ik denk dat er de afgelopen jaren heel wat overnamecontracten afgesloten zijn, waarin geen rekening gehouden is met het feit dat er in 1995 zo'n golf van nieuwe programma's is aangeboden. Want als er aanbieders komen die andere eisen gaan stellen, kun je dan nog wel aan die afspraken gehouden worden? In een contract is niet voorzien in het gedrang op de kabel.”

De Vecai verwacht overigens dat dit een tijdelijk verschijnsel zal zijn. Donkersloot “Ik denk dat we heel snel toegroeien naar een situatie waarin de kijker individueel kan bepalen wat hij wil, en ook bereid is daarvoor te betalen. Er komt conditional access, dan kan de kijker zelf bepalen wat hij wel of niet wil ontvangen. Ik denk dat dat vrij snel gaat. Het wachten is alleen nog op de digitale decoder. Die is nu nog te duur, maar het zou best met anderhalf tot twee jaar zover kunnen zijn.”

Dan verandert het plaatje weer. Een aantal programma-aanbieders zal in een 'pluspakket' willen zitten, omdat ze dan geld van de kijker kunnen vragen. In dat kader is het belangrijk wat er met de Nederlandse commerciële zenders gebeurt. Als de Tweede Kamer bijvoorbeeld Veronica en RTL 4, volgens de wens van de Vecai, inderdaad niet verplicht in het basispakket laat opnemen, zou een aantal populaire zenders wel eens in verschillende pluspakketten terecht kunnen komen. De kabelabonnee zal dan extra moeten betalen voor de ontvangst. Kick Donkersloot: “Iedere keer dat een programma-aanbieder zegt: ik wil betaald worden, dan zegt de kabelexploitant: rekent u zelf maar af met de klant.”

Maar in Amsterdam is men voorlopig niet bang dat het basispakket te mager zal worden. Huub Winthagen, woorvoerder van de gemeente: “In ons contract staat dat er 20 tot 26 kanalen in het basispakket zullen blijven. En er zijn aanbieders genoeg.” Of de kijker die allemaal wel zo zo interessant vindt is de vraag. Maar op die manier kan de prijs van het basispakket wel binnen de perken blijven, en terecht. Het kabelnet werd immers ooit met gemeenschapsgeld aangelegd, mede op aandrang van de woningbouwverenigingen die van de antennes op het dak afwilden. Winthagen: “Het gaat dan ook niet aan, dat de bedrijven met commerciële doelstelling profiteren.” Maar of dat in de toekomst houdbaar is, vraagt ook hij zich af.

mailIcon print |