*

 
dossier

Archief

KOK OF DEN UYL?

WILLEM BREEDVELD − 12/01/96, 00:00

De sociaal-democratische premier Wim Kok scoort hoog bij ondernemend Nederland. Top-ondernemers die je normaal gesproken niet gauw zult betrappen op een aardige reactie op het gedachtengoed van de 'rooien', komen dit keer loftuitingen te kort om Kok in het zonnetje te zetten. In een VNO-enquête scoort de premier zelfs hoger dan Bolkestein, Van Mierlo, of Heerma en hoger ook dan oudgedienden als Lubbers en Wiegel. Dat is in de tijd van Den Uyls premierschap wel eens anders geweest. Toen, in 1976, sloegen diezelfde ondernemers groot alarm in een pagina grote, in alle landelijke dagbladen afgedrukte brandbrief.

Wat mij nu intrigeert is, of dit verschil in waardering van twee PvdA-premiers ook te herleiden is tot een objectief criterium en dan bedoel ik echt objectief, want subjectieve redenen waren er genoeg om Den Uyl te verketteren. Denk aan zijn Nijmeegse rede van 1974, waarin hij als zijn overtuiging uitsprak dat “de produktie uiteindelijk niet bepaald behoort te worden door vraag en aanbod, zoals ze op de markt tot gelding komen, maar door als tegenstelling geziene, democratisch getoetste gemeenschapsbeslissingen”. Dat was natuurlijk tegen het zere been van de heren ondernemers, want die verkeerden nog in de rozige overtuiging dat het de gemeenschap geen sikkepit aanging wat, hoe en waar er geïnvesteerd werd, ook al zouden het milieu en de werkgelegenheid daarmee naar de knoppen geholpen worden.

Het waren overigens dezelfde ondernemers die er later weer wel als de kippen bij waren om de 'staatsruif' van de gemeenschap leeg te eten toen ze met hun ongetwijfeld in opperste wijsheid genomen investeringsbeslissingen ernstig in de problemen kwamen. Maar dit terzijde. De vraag gaat over de objectiviteit. Wat opvalt is dat de ondernemers Kok vooral prijzen vanwege zijn stringente begrotingsbeleid en de voortvarendheid waarmee hij poogt het financieringstekort terug te dringen. Nu is zo'n beleid voor een ondernemer inderdaad van belang, want daarmee ontstaat meer ruimte voor de marktsector.

Maar als het financieringstekort de maatstaf is, wat hadden de ondernemers Den Uyl dan precies te verwijten? Zo constateert de oud-secretaris-generaal van economische zaken, Rutten, in zijn Zeven kabinetten wijzer (1993): “Het niveau van het financieringstekort van de overheid bleef overigens tijdens het kabinet-Den Uyl binnen de grenzen die daaraan mede door Zijlstra in de jaren zestig waren gesteld”.

En zo is het ook: het tekort liep pas echt uit de hand onder het centrum-rechtse kabinet-Van Agt. Nu kun je wel zeggen dat Den Uyl de basis had gelegd voor die ontsporing, maar dat is onbevredigend: Van Agt zat er onder Den Uyl ook al bij, samen met Lubbers, maar los daarvan, het is ook geen geldig excuus om zo de eigen verantwoordelijkheid te ontlopen.

Wat belangrijker is: ten tijde van Den Uyl was het voeren van een offensief conjunctuurbeleid een breed geaccepteerd fenomeen, ook in landen als Duitsland en Frankrijk. Bovendien zorgde Den Uyl er met het voeren van een stringent loon- en prijsbeleid voor dat de zaak niet uit de hand zou lopen. Ook Rutten spreekt daarom over “niet het minst geslaagde, stimulerende conjunctuurbeleid uit de vaderlandse geschiedenis”.

Wat je kunt zeggen is dat Den Uyl dichter bij zijn partij bleef dan Kok en dat hij op beslissende momenten zijn partij ook niet durfde of wilde bruskeren. Een gevolg daarvan was weer dat hij zich anders dan Kok maar moeilijk kon of wilde distantiƫren van socialistische stokpaardjes zoals de vermogensaanwasdeling (VAD) en een selectieve investeringsregeling (SIR).

Het waren juist dit soort zaken waar de ondernemers van gruwden. Maar juist zij hadden kunnen weten dat deze soep niet zo heet gegeten zou worden: de VAD stierf al gauw een stille dood en de SIR werd omgezet in de WIR. Precies, dat instrument waarover ondernemers moord en brand schreeuwden toen hun dit speeltje later weer werd ontnomen. Waarmee maar gezegd wil zijn dat je ondernemers niet gauw van objectiviteit kunt verdenken; ook niet als ze een PvdA-premier op een voetstuk zetten.

mailIcon print |