DEN HAAG - De circa tweeduizend kalvermesters in Nederland maken bange dagen door. Niet dat zij vrezen dat er gekke-koeienziekte geconstateerd zal worden in hun stallen. Maar het kalfs- en overig rundvlees is weer negatief in het nieuws. “Negatieve berichten hebben altijd hun weerslag op de consumptie”, stelt B. Ottink van de vereniging van kalfsproducenten in Nederland. “En als die afneemt gaat de prijs dalen.”
Kalvermesters van wie de dieren deze week worden geslacht, hebben pech. Kalfsvlees is onder invloed van één BSE-geval in Duitsland in een week tijd 15 cent per kilo in prijs gedaald. Dat betekent dat een gemest kalf zo'n 35 gulden minder opbrengt dan een week geleden. “Telt u maar na: als je er dan 1000 hebt. . .”, zegt Ottink.
Ook de tienduizenden stierenmesters en de melkveehouders - in totaal zijn er 40 000 rundveehouders in Nederland - kampen met zeer lage prijzen, zegt Jan Cees Vogelaar, voorzitter van de werkgroep melkveehouderij van de land- en tuinbouworganisatie LTO Nederland. Maar die hebben niet direct te maken met het nieuws van deze week. Het aanbod van rundvlees op de Europese markt is al ruim een jaar groter dan de vraag. Daaraan is dus ook niet alleen het BSE-nieuws van een krap jaar geleden schuldig. Vogelaar: “Maar met het jongste nieuws zijn we natuurlijk helemaal niet blij. Dit doet daar absoluut geen goed aan.”
Begin vorig jaar werd door wetenschappers voor het eerst een link gelegd tussen de 'gekke-koeienziekte' (BSE) en een dodelijke variant daarvan bij mensen. De verkoop van kalfs- en ander rundvlees in Nederland zakte in, maar herstelde redelijk snel. In het buitenland ging dat herstel langzamer. In Duitsland was de paniek groter waardoor het eten van rundvlees weinig populair is gebleven. De huidige BSE-berichten maken dat nog erger, zegt kalvermester Ottink. “Je kunt de Duitse televisie niet aanzetten of er is wel weer een bericht over BSE. Dat doet het imago van rundvlees natuurlijk geen goed.”
Dat de consumptie van rundvlees in Nederland zich weer op het niveau van voor de BSE-crisis bevindt, maar de boeren toch nog weinig geld voor hun vee krijgen, ligt volgens LTO-leider Vogelaar aan de tussenhandel, “die uit de situatie een slaatje slaat.” Volgens hem heeft de handel vorig jaar de eigen marges verhoogd ten koste van de boeren, die hun vee toch moeten verkopen, ook al is het tegen een lagere prijs.
Zowel Ottink als Vogelaar vinden dat het Nederlandse registratiesysteem feilloos gewerkt heeft bij het traceren van de verwanten van de koe uit Duitsland die vorige week BSE bleek te hebben. Binnen een paar dagen zijn de 41 afstammelingen getraceerd. In geen ander land werkt dit systeem zo goed, is hun overtuiging. “Er is nog steeds geen enkel BSE-geval in Nederland. Met ons vlees is niks mis”, zegt Vogelaar, “Wij maken onze kwaliteitsgaranties waar en de consument weet dat.”
Th. Hermsen, directeur van de Dumeco rundvleesfabrieken, een van de grootste vleesindustrieën in Europa, vindt eveneens dat het oormerksysteem zeer goed gewerkt heeft en Nederlands reputatie in het buitenland goed doet. Toch staat de export van Dumeco naar Duitsland onder druk. Die export van rundvlees naar Duitsland is het afgelopen jaar al teruggelopen van twintig tot vijf procent, vertelt hij. En ook die laatste vijf procent zou nu kunnen gaan afnemen, denkt hij.
Jos Ramekers van de Centrale organisatie van de vleesgroothandel, waarbij bijna alle slachterijen en vleesverwerkende bedrijven zijn aangesloten, noteert een toenemende bezorgdheid onder haar leden voor een nieuwe deuk in de reputatie van het rundvlees. Voor een afnemende belangstelling van de Nederlandse consument is hij niet bang. “Onze controles zijn goed, de consument weet dat ook. Ik ben niet bang dat er hier paniek ontstaat vanwege deze 41 koeien.”
Maar voor de export kan dat anders zijn, denkt Ramekers. Zo'n 50 procent van de Nederlandse rundvleesproductie gaat naar het buitenland “en daar is het vertrouwen eerder weg”. Dertig procent van die export komt in Duitsland terecht. “Daar reageert men nu heel heftig, dat kan een negatief effect hebben.” Maar ook in het Midden-Oosten, waarnaar Nederlands rundvlees wordt geëxporteerd, gaan de grenzen dicht wanneer er maar enige verdenking is dat er wat mis zou zijn. “Zover is het gelukkig nog niet, want er is nog geen enkel BSE-geval in Nederland. Maar dat moeten we wel zo houden.”
De campagne 'vlees bevat waardevolle voedingsstoffen' gaat ondanks de berichten gewoon door, meldt H. van Boxmeer van het Voorlichtingsbureau vlees. Er is geen reden de spotjes met de gebalde armspieren die in een rollade veranderen terwijl opgesomd wordt wat er allemaal voor nuttigs in vlees zit, even uit de roulatie te houden, tot de zaak is opgeklaard, vindt hij. “BSE heeft niets met die campagne te maken. De campagne slaat goed aan. Er is geen reden ermee te stoppen.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.