*

 
dossier

Archief

Vrees voor ongelijke behandeling Iraniërs

Door: redactie − 09/12/97, 00:00

Van een onzer verslaggeefsters AMSTERDAM - Tien van de ruim twintig vluchtelingen uit Iran die zaterdag probeerden zich aan te melden bij het aanmeldcentrum in Zevenaar zijn gisteren opgenomen in de zogeheten 24-uurs procedure.

Daarbij moet binnen 24 werkuren, dus in de loop van vanmiddag, duidelijk zijn of de aanvragers inderdaad in de verdere procedure worden opgenomen. Volgens Inlia is gisteren naast de gebruikelijke intake-gesprekken ook direct een tweede verhoor afgenomen. Gewoonlijk wordt dat tweede gesprek pas na doorverwijzing in een opvangcentrum gehouden. Dit om de aanvragers wat rust te geven. Inlia-directeur John van Tilborg meent daarom dat justitie nu “nadrukkelijk aanstuurt op het op straat zetten van mensen.”

Vorig weekeinde werd een groep uitgeprocedeerde Iraanse vluchtelingen wel meteen naar een opvangcentrum doorverwezen en tot de procedure toegelaten. Dat de nieuwste groep anders wordt behandeld, kan rechtsongelijkheid betekenen. Bovendien, zo benadrukt Van Tilborg, hebben rechters eerder in drie individuele gevallen bepaald dat een uitgeprocedeerde Iraanse vluchteling opnieuw in de procedure moest worden opgenomen.

“De stelling dat het beleid is van justitie om op voorhand mensen op straat te zetten, verwijs ik naar het rijk der fabelen”, reageert een woordvoerder van justitie. “Natuurlijk moet iemand die eerder is afgewezen en voor de tweede of derde keer een asielverzoek indient wel met nieuwe feiten komen. Die worden dan meegewogen.”

Vandaag houdt de Tweede Kamer een debat met staatssecretaris Schmitz over haar vreemdelingenbeleid.

Van Tilborg noemt het verder 'kolder' dat een woordvoerster van justitie gisteren verklaarde dat Schmitz zich niet aan de drie uitspraken van de rechters hoeft te houden. “Dat is schofferen van de rechterlijke macht.” De woordvoerster stelde zondag dat Schmitz zich alleen aan uitspraken van Rechteenheidskamer (dat is de hoogste vreemdelingenrechter) of de Hoge Raad hoeft te houden. “Juridisch slaat dat nergens op”, meent Van Tilborg. “Er is niet eens een beroepsmogelijkheid voor vreemdelingen.” Een woordvoerder van justitie bevestigt dat.

Schmitz stelde eerder dat ze zich niet aan de uitspraken van de rechters hoeft te houden omdat die volgens haar op verkeerde gronden tot stand zijn gekomen. Rechters zouden een kamerdebat over dat onderwerp niet goed hebben geïnterpreteerd. Volgens Schmitz worden asielzoekers uit Iran vooralsnog niet uitgezet omdat onduidelijkheid bestaat over de monitoring (het volgen van teruggestuurde vluchtelingen in Iran). Ook wil ze eerst afspraken maken over laissez passers. Dat zijn toegangsdocumenten waarmee uitgeprocedeerde asielzoekers het land van herkomst weer in kunnen. De veiligheidssituatie in Iran en de kwaliteit van de ambtsberichten hebben volgens Schmitz niets te maken met haar besluit voorlopig geen mensen terug te sturen.

Volgens in asielvraagstukken gespecialiseerd advocaat M. Wijngaarden worden processen van uitgeprocedeerde vluchtelingen die weer in de asielprocedure willen worden opgenomen door de houding van Schmitz een formaliteit. “Als zij rechterlijke uitspraken niet als jurisprudentie accepteert, moet elke zaak apart voor de rechter komen. Mensen zullen zaak voor zaak winnen. Een staatssecretaris die dan haar beleid niet verandert, is knettergek.”

De woordvoerster van justitie die zondag reageerde, was gisteravond niet voor commentaar bereikbaar.

mailIcon print |