*

 
dossier

Archief

Borst wil onderscheid in bijdrage patiënten van fysiotherapeut

Door: redactie − 23/03/95, 00:00

Van een onzer verslaggeefsters UTRECHT - De 200 miljoen die minister Borst volgend jaar op fysiotherapie wil bezuinigen, kan bereikt worden door de fysiotherapie-patiënten in vier groepen te verdelen. Eén groep krijgt dan alles vergoed, één groep niets of bijna niets. De derde en vierde groep zitten daar tussenin en moeten in ieder geval een deel zelf betalen.

Aanvankelijk was minister Borst van volksgezondheid van plan om ziekenfondsverzekerden vijftig procent van de eerste twaalf behandelingen zelf te laten betalen. Dit stuitte echter op veel bezwaren, en in overleg met verzekeraars en fysiotherapeuten wordt nu gewerkt aan een alternatief systeem, dat door de Haagse verzekeraar Azivo al vier jaar lang met succes beproefd is.

Dit systeem houdt grofweg in dat onderscheid wordt gemaakt tussen de verschillende soorten ziekten en het aantal behandelingen dat nodig is. Alle ziekten zijn ondergebracht in vier clusters. In het eerste cluster vallen de chronisch zieken: die kunnen - en moeten - vaak naar de fysiotherapeut en hoeven dan niets te betalen. Dit in tegenstelling tot mensen met bijvoorbeeld een verstuikte enkel, die in cluster vier zijn ondergebracht, en een paar behandelingen vergoed krijgen. In cluster twee en drie zitten mengvormen van beide categorieën. Zo'n patiënt heeft recht op een beperkt aantal behandelingen.

De grootste bezuiniging (700 miljoen) wil minister Borst behalen in de geneesmiddelen-sector. Vooral de invoering van een prijzenwet, waarbij de Nederlandse prijs wordt aangepast aan het gemiddelde prijsniveau in de omringende landen, moet veel opleveren.

In een reactie wees Nefarma, de koepel van de farmaceutische industrie, er gisteren op dat het hier om een “unieke wetgeving” gaat, namelijk een permanente sectorale prijzenwet, die nog juridisch-technisch uitgewerkt moet worden. Bovendien is Nefarma boos, omdat de minister zich niet aan haar afspraak heeft gehouden, om eerst “tijdig” met de betrokken partijen te overleggen. Nefarma doelt hier op de afspraken die op 1 juni 1994 gemaakt zijn, toen de industrie akkoord ging met een prijsverlaging van merkgeneesmiddelen met 5 procent.

Een derde belangrijk voornemen van minister Borst, het invoeren van een eigen risico voor alle verzekerden, levert vooral de ziekenfondsen veel werk op. Zij moeten namelijk hun administratiesysteem helemaal veranderen: de fondsen registreren nu per zorgaanbieder (bijvoorbeeld huisarts of fysiotherapeut) en niet per verzekerde. De particuliere verzekeraars daarentegen werken voor 80 procent van hun verzekerden nu al met eigen risico, en hebben hun registratiesysteem daar volledig op aangepast.

mailIcon print |