*

 
dossier

Archief

Deskundigen schetsen ander beeld van Haagse verpleger

Door: redactie − 10/02/98, 00:00

Van een onzer verslaggeefsters AMSTERDAM - De Haagse verpleger André du M. is een zachtaardige man, met weinig behoefte om anderen te domineren. Het feit dat hij van sommige van zijn patiënten heeft gestolen, betekent niet dat hij de injecties die hij aan andere patiënten gaf, kwaad bedoelde.

Dit bleek gisteren uit nieuwe psychiatrische onderzoeken naar de geestesgesteldheid van Du M., de verpleger die door de Haagse rechtbank wegens moord op vijf oudere dames tot levenslang is veroordeeld.

Zijn zwager, John H., die volgens de Haagse rechter samen met Du M. de 94-jarige mevrouw A. A. Sloos-Fischer heeft vermoord, werd op de derde zittingsdag van het hoger beroep alleen nog over enkele diefstallen verhoord. De Haagse rechtbank veroordeelde H. tot acht jaar cel, maar het hof liet hem twee weken geleden volkomen onverwacht vrij omdat zij onvoldoende aanwijzingen zag voor zijn schuld.

In het Haagse paleis van justitie liep John H. gisteren zichtbaar opgelucht rond, totdat procureur-generaal mr. J. Nuis aan het eind van de dag plotseling verzocht om hem opnieuw in hechtenis te nemen. “Deze man moet weer terug de gevangenis in”, betoogde Nuis, die zich vooral beriep op het rapport van een apotheker die hij na het vrijlaten van John heeft geraadpleegd.

Volgens deze apotheker, drs. A. Vinks, kunnen de verplegers de dood van mevrouw Sloos hebben bespoedigd door haar wel slaaptabletten en geen voedsel en vocht te geven. Andere getuigen-deskundigen oordeelden twee weken geleden nog dat dit vooral een theoretische redenering is, maar op grond van een nieuw computermodel noemde Vinks het toch mogelijk dat de zwagers een hand in haar overlijden hebben gehad. “Er is dus sprake van een stevige verdenking en niet alleen van een redelijk vermoeden tot schuld”, motiveerde Nuis.

Daarnaast voerde de procureur-generaal aan dat de drie getuigen-deskundigen die ten gunste van de verplegers rapporteerden, mogelijk zijn beïnvloed door de advocaten. Waarom kwamen zij anders, zonder dat justitie dit wist, met z'n allen in het bijzijn van de advocaten in een café te Utrecht bij elkaar? Tot grote opluchting van John (“ik zal toch niet weer de bak in moeten?”) had het hof echter niet veel tijd nodig om dit verzoek van Nuis te verwerpen. “Wij hebben geen enkele aanleiding aan de integriteit van de getuigen-deskundigen te twijfelen”, motiveerde mw. mr. H. Michiels-van Kessenich, voorzitter van het hof.

Het hof besprak gisteren ook de resultaten van de rapporten van de psychologe drs. E. Roorda en de psychiater prof. dr. A. van Leeuwen over Du M. Beide gedragsdeskundigen schetsen een gunstiger beeld van de verpleger dan een Haagse psycholoog en psychiater tijdens de behandeling door de rechtbank deden. Zowel Roorda als Van Leeuwen hebben geen enkele aanwijzing voor een persoonlijkheidsstoornis kunnen vinden en achten Du M., voor zover de ten laste gelegde feiten kunnen worden bewezen, volledig toerekeningsvatbaar voor zijn daden. De conclusie die de psychiater Elsman vorig jaar bij de Haagse rechtbank trok dat Du M. een 'obsessieve neiging tot pijnbestrijding' zou hebben, delen de nieuwe gedragsdeskundigen niet.

Du M., typeerde Roorda, heeft wel een sterke neiging om het anderen naar de zin te maken. “Hij was primair verpleger en kwam uit hoofde van die functie soms in de gelegenheid te stelen. Stelen is gebruikelijk in de verpleging; naar mijn mening hebben die diefstallen niets te maken met de taak van het verplegen zelf.”

Tijdens het verhoor over de diefstallen gaven beide heren gisteren toe sommige 'spulletjes' te hebben gestolen, maar naar hun zeggen zouden ze ook veel hebben gekregen. Du M. erkende bijvoorbeeld dat hij parfumflesjes en een kristallen pot wegnam bij een patiënt die bijna niks kon zien en dat hij dure cadeaus accepteerde van een demente vrouw die de waarde ervan niet meer besefte. “Zo kreeg ik een paar oorbellen, waarvan ik twee ringen liet maken voor mijn vrouw. Een juwelier schatte de waarde op 10 000 gulden”, vertelde André. Juist de grote rijkdom die hij in de appartementen van zijn patiënten aantrof, brachten hem naar zijn zeggen tot een dergelijk laag gedrag. “Als je dat dagelijks ziet, wordt de verleiding groot.”

De laatste dag van het hoger beroep - requisitoir en pleidooi - vindt plaats op 26 februari.

mailIcon print |