Vrijdag behandelt de partijraad van het CDA de wijzigingsvoorstellen van de gemeentelijke partij-afdelingen op het ontwerp-verkiezingsprogramma 'Samen leven doe je niet alleen.'
De media besteden veel aandacht aan de congressen waarop de politieke partijen hun programs vaststellen. De berichtgeving toont dat de democratische besluitvorming van de partijraden, desnoods tegen de partijbesturen in, er toe doet. Dat bleek afgelopen vrijdag ook bij de VVD, zelfs inzake de WW en het minimumloon. Het heeft, afgezien van de Partij van de Arbeid en de hypotheekrente, zin om lid van een politieke partij te zijn en aldus invloed uit te oefenen. Met een actiegroep bereik je dat niet.
Zo is er ook op het ontwerp-verkiezingsprogram van het CDA door de afdeling Amsterdam een interessant amendement ingediend, dat één van de publieke televisienetten reclame-vrij wil maken. Het partijbestuur is tegen, omdat het alle drie de netten gelijk wil behandelen.
Waarom niet een stap verder gezet? Zouden niet veel Nederlanders een zucht van verlichting slaken als de publieke omroep reclamevrij zou worden? Zelfs de interessantste tv-programma's en de boeiendste films over zaken waar het in het leven werkelijk om gaat, worden nog net niet onderbroken - die 'vrijheid' blijft gelukkig voorbehouden aan de commerciële omroepen - maar wel binnen een fractie van een seconde afgelost door de shockerende beelden en het happy consumer citizenship van STER-reclame en Postbus 51. Je kunt gewoon niet meer ontkomen aan de stuntende runderen, kattebrokjes, verzekeringspolissen en inlegkruisjes die beloven het leven goed te maken.
Tegen een beetje reclame op televisie is geen bezwaar, mits die de onafhankelijkheid van de programmamakers en het karakter van omroep als vrije meningsuitwisseling niet aantast. De kranten en de tijdschriften bevatten ook reclame. Het was te verdedigen dat in 1964 reclame op televisie werd toegestaan. Inmiddels worden de betere programma's echter uitgezonden als de werkende burger gaat slapen, omdat op normale tijdstippen het reclame-geld moet worden verdiend. Omroepprogramma's zijn voorts een soort vulling tussen de reclameblokken geworden, waar je naar moet zoeken. Hun lengte wordt ook daardoor bepaald.
De reclame is zo opdringerig geworden dat je amper meer kunt kiezen of je daar kennis van neemt of niet, zoals bij krant en tijdschrift. Wie die keuze wil maken, wordt een opgejaagd dier, dat voortdurend op zijn qui-vive moet zijn. Het beeld van het hijgend hert uit de psalmen is eerder van toepassing dan dat van de autonome burger die vrij kiest wat hij wil zien of niet.
Er is dus zowel een christelijk als een liberaal motief voor terugdringing van de reclame in de publieke omroep. Waarom niet bijvoorbeeld op alle drie netten reclame vóór acht uur afgeschaft als kinderen kijken? De BBC en de Deense omroep bewijzen dat het zónder reclame kan. De Engelse regering roomt daartoe de inkomsten van de commerciële omroepen, die zo immers méér reclame kunnen uitzenden, af ten gunste van de publieke BBC.
Als de omroepbijdrage deels wordt gefiscaliseerd, zoals het ontwerp-CDA-program wil, moet het gedeeltelijk of geheel wegvallen van de STER-opbrengst, die in totaal een paar honderd miljoen gulden bedraagt, binnen de rijksbegroting kunnen worden gevonden. Een publieke omroep met minder of geen reclame heeft ook een sterkere positie in de concurrentieslag met de commerciëlen dan de huidige, door reclame verziekte publieke netten.
Hebben we in Nederland nog geld over voor beschaving? En zijn er nog politici en NOS-bestuurders die dat willen bewerkstelligen? Ik ben benieuwd naar de uitslag van de stemming over het amendement van Amsterdam op de CDA-partijraad, vrijdag.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.