“Ik wil een eigen melkveehouderij als ik ben afgestudeerd”, zei Sylvia van der Kooy twee jaar geleden. Ze had haar opleiding 'veehouderij' aan de Christelijke Agrarische Hogeschool Dronten bijna achter de rug. Haar drijfveer is liefde voor beesten, al heeft die zo zijn grenzen. “Als een beest ziek is moet ie weg, zo is dat nu eenmaal. Dat gedoe van stadsmensen met huisdieren is niets voor mij.” Beesten moeten functioneel zijn. Dat bleek ook uit haar pantoffels, die de vorm hadden van grote, zachte egels.
Sylvia van der Kooy woont tegenwoordig in Middelie, een piepklein dorpje in Noord-Holland. Geheel in strijd met de landelijke omgeving heeft het dorp op een achterafje hoogbouw neergezet. Nou ja, hoogbouw, twee lagen op elkaar. De liefhebster van het boerenbedrijf heeft uitgerekend op de eerste etage een woning gevonden. “Nee, dat ìs niet zielig, echt niet. Het is een fijn huis, met uitzicht over het weiland.”
Sylvia zit net te eten, bord op schoot, want onmiddellijk na het interview moet ze naar koorrepetitie. Ze is lid van het kerkkoor, een van de weinige hobby's waar ze tijd voor heeft. Slechts af en toe zit ze na het werk op de bank, met een borduurwerkje of een boek. Met lekker warme sloffen aan haar voeten. De egeltjes zijn verdwenen, de zolen waren door. Nu heeft ze koeien. Er staan ook koeien op een stoel, pluche beesten in allerlei afmetingen. De klok op de tv heeft een slinger in de vorm van een koeiekop. En er staat een porseleinen koe op de vensterbank. “Dat is nog maar de helft”, zegt Sylvia. “Ik heb ook theedoeken, pannelappen en handdoeken met koeien erop.”
Sylvia wist twee jaar geleden al dat het een tijd zou duren voordat ze levende koeien om zich heen zou hebben. Een eigen bedrijf kost kapitalen, minstens een half miljoen, schat ze. Dat is nog wel even sparen, dus. Maar Sylvia is niet vies van aanpakken. Na haar afstuderen is ze in een kwekerij gaan werken. In elke hortensia moest een stokje gezet die de bloemen overeind hield. Stokje erin, ringetje erom, stokje erin, ringetje erom.
Na drie maanden was er geen werk meer en vertrok Sylvia naar Zwolle. Daar werkte ze via een uitzendbureau bij een handelaar in melkrechten. Ze stelde contracten op voor het overschrijven van melkrechten. Dat sloot dus redelijk aan op haar opleiding. Het was een baan voor drie maanden, met uitzicht op vast werk, maar na twee maanden gaf ze het op. Elke dag reizen van Dronten naar Zwolle werd haar te veel. Bovendien had ze in beide plaatsen niets te zoeken. Haar studievrienden uit Dronten hadden inmiddels de polder verlaten en Zwolle was als woonplaats te ver van Noord-Holland, waar haar vriend werkt.
Intussen was het zomer. Ze verhuisde naar Noord-Holland en besloot vier weken te luieren. Toen kreeg ze een baantje bij PTT-Post, als postbode. De bedoeling was het zeven weken te doen, maar het werd een half jaar. Na de kerstdrukte was er echter geen werk meer bij de post en ging ze terug naar de kwekerij waar ze precies een jaar geleden haar eerste baantje vond. De stokjes stonden er weer. “Je moet er gewoon de lol van in zien, dan gaat het best. En je hebt een inkomen.”
In juni, het is nu 1996, werd ze aangenomen bij De Landbouw Voorlichting (DLV)in Hoorn, op projectbasis voor drie maanden. De onderneming geeft bedrijfsadviezen aan boeren. Ze deed een adviesproject naar energie- en waterverbruik. Na de zomer kreeg ze een jaarcontract, als bedrijfsdeskundige. Ze wordt nu opgeleid om boeren te adviseren over hun bedrijfsvoering. Na bijna twee jaar eindelijk een vaste baan. “Ik ben de laatste van de vriendenclub waarmee ik afstudeerde. Dat komt doordat ik in Noordholland wil werken. In het oosten zijn meer banen in deze sector. Ik heb het geprobeerd in Zwolle, maar dat ging echt niet.”
Dat ze een meisje is, en dat ze er jong uit ziet voor haar leeftijd, heeft geen rol gespeeld, denkt ze. “Dat is me juist meegevallen. Ik was een van de weinige meisjes op mijn opleiding dan denk je dat dat iets bijzonders is. Maar ik heb nog nooit gemerkt dat een veehouder zich daar iets van heeft aangetrokken.”
Sylvia is blij met haar baan bij DLV. “Je moet iemand helpen en daarin ben je relatief onafhankelijk. En je bent praktisch bezig. Bovendien is het een groot, toonaangevend bedrijf in deze sector, er werken 700 mensen. Voorlopig ben ik druk met me inwerken, dat is best een klus. Ik heb anderhalf jaar lang werk gedaan waarbij ik niet al te veel hoefde na te denken. Ik moet er aan wennen dat weer wel te doen, deze baan vergt best veel van je.”
Sylvia's dagelijkse frustatie is dat ze dingen nog niet kan en nog niet weet, die ze wel wil kunnen en weten om een veehouder te helpen. Haar oude studieboeken liggen klaar om er nog eens in te kijken, maar ze is 's avonds te moe. En het weekend is er voor ontspanning, dat moet ook. Haar zaterdagsbaantje als postbode is daar uitermate geschikt voor, vindt ze. 's Ochtends om zes uur post sorteren, daarna post wegbrengen met de auto, in en rondom Middelie.
“Het is lekker simpel. Eerst een beetje lol maken met de collega's tijdens het sorteren, schuine moppen tappen. En dan bezorgen, dat is goed voor de lichaamsbeweging. Bovendien leer ik dan een beetje de mensen in de buurt kennen.” Voor het geld doet ze het niet, zestig gulden is weinig voor een dag werk.
Voorlopig vindt ze het leven prima zo. Maar het ideaal van een eigen bedrijf is niet verdwenen. “Als ik bij een veehouder kom om over zijn bedrijf te praten, dan ben ik een beetje jaloers. Als je een bedrijf hebt ben je altijd iets aan het opbouwen, je hebt er alles voor over. Je bent met iets van jezelf bezig, je bent je eigen baas. En het is afwisselend werk, je doet steeds wat anders.”
Een tijdje terug heeft ze vier melkgeiten gehad, om het een beetje uit te proberen. Ze stonden bij het bedrijf van de ouders van haar vriend. Elke ochtend, voor ze naar het werk reed, ging ze er heen om ze te melken en om ze te knuffelen. En ze heeft gefokt, er kwamen zeven lammetjes. De bevallingen heeft ze zelf gedaan. Maar uiteindelijk heeft ze de dieren aan een vriend gegeven. “Het bracht niets op. In die tijd begon iedereen met melkgeiten dus de prijzen waren laag.”
Dat veel mensen dieren houden voor de lol en het normaal vinden dat ze er niets op verdienen, weet Sylvia natuurlijk ook wel. Maar dat bedrijfsmatige denken zit er nu eenmaal diep in bij haar. “Ik mis ze wel. Maar als ze niets opleveren kun je er net zo goed mee ophouden.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.