Van onze buitenlandredactie AMSTERDAM - Het Joegoslavië-tribunaal heeft de Bosnische autoriteiten gisteren verzocht de twee in Sarajevo aangehouden Bosnisch-Servische officieren in voorlopige hechtenis te houden. Het Tribunaal verdenkt hen van oorlogsmisdaden.
Woordvoerder Christian Chartier van het in Den Haag gevestigde Tribunaal toonde zich gisteren verheugd over de aanhouding van de twee militairen. Vorige week werden de twee (samen met een aantal andere Bosnisch-Servische militairen) opgepakt door de Bosnische autoriteiten. “Er is geen sprake van irritatie, omdat Bosnië ons voor de voeten zou lopen of onze agenda zou bepalen. Alle landen die geconfronteerd worden met oorlogsmisdaden mogen mensen die verdacht worden aanhouden. Dat behoort tot de mogelijkheden.”
De aanklagers zullen komende dagen beslissen of zij generaal Djordje Djukic en kolonel Aleksa Krmanovic - die overigens niet voorkomen op de lijst van 52 personen die tot nu toe door het Tribnaal zijn aangeklaagd - in staat van beschuldiging stellen. Als dat het geval is, zal het Tribunaal de uitlevering verlangen van de twee.
Chartier wees de suggestie van de hand dat de actie van de Bosnische regering de medewerking van Serviërs (en Kroaten) aan het vredesproces niet zal bevorderen. “Daar hebben we geen boodschap aan. In dat soort tactische bespiegelingen begeven wij ons niet. Wij zullen onder alle omstandigheden pogen ons werk goed te doen en waarderen alle hulp die wij kunnen krijgen.”
Vertegenwoordigers van de Ifor-troepenmacht in Bosnië toonden zich minder enthousiast. Een enkele Navo-vertegenwoordiger noemde de arrestatie van Serviërs door de Bosnische regering 'provocerend'. Een woordvoerder liet weten dat het 'niet de bedoeling is dat nu lukraak mensen worden opgepakt'. De vrees bestaat dat de Serviërs wraak zullen nemen.
De Bosnische Serviërs hebben in ieder geval woedend gereageerd op de arrestatie van de twee hooggeplaatste militairen en hebben besloten tot een boycot van besprekingen met de moslim-Kroatische federatie en internationale bemiddelaars. Generaal Milan Gvero, de tweede man van het Bosnisch-Servische leger, eiste gisteren de onmiddellijk vrijlating van de twee 'als we vrede in Bosnië willen bereiken'.
De leiding van de Bosnische Serviërs zegde gisteren ontmoetingen met VN-bemiddelaar Carl Bildt en de Britse kroonprins Charles af. Eerder al werden de contacten met de moslim-Kroatische federatie verbroken. De Bosnisch-Servische leiding in Pale liet gisteren weten ook alle besprekingen over uitvoering van het Dayton-vredesakkoord te zullen boycotten. - Vervolg op pagina 5
Ook in Mostar lopen spanningen hoog op VERVOLG VAN PAGINA 1
Opmerkelijk is dat de Bosnisch-Servische leiding gisteren in eigen kring onder vuur kwam te liggen. De kritiek kwam naar buiten nadat de leiding van de 'Servische republiek' in Pale de invloedrijke burgemeester van Banja Luka verboden had met de Amerikaanse afgezant Robert Galucci te spreken. Banja Luka is de belangrijkste stad in handen van de Bosnische Serviërs, en burgemeester Predrag Radic geldt als een mogelijke opvolger van de Bosnisch-Servische 'president' Radovan Karadzic.
Leiders van de Bosnisch-Servische oppositie toonden zich zeer verbolgen over de blokkade, die volgens hen alleen zal resulteren in een verdere isolatie. “We kunnen deze praktijken van staatsleiderschap niet accepteren”, zei Milorad Dodik, een oppositieleider. Met de blokkade zou de Bosnisch-Servische leiding rond Karadzic willen voorkomen dat de macht hen verder uit handen glipt.
Afgelopen weekeinde verhinderden de leiders in Pale, het hoofdkwartier van Karadzic en de zijnen, al een ontmoeting van Radic met de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Warren Christopher. Vorige maand had de burgemeester van Banja Luka wel een ontmoeting met de Amerikaanse president Clinton, tijdens diens bliksembezoek aan Bosnië-Hercegovina.
Sinds de ondertekening van het vredesakkoord van Dayton hebben westerse diplomaten toenadering gezocht tot Radic, Dodik en andere oppositieleiders. De Bosnisch-Servische leiding rond Karadzic, die door een groot deel van de bevolking als corrupt wordt gezien, probeert de invloed van de oppositie aan banden te leggen. Volgens het Dayton-akkoord moeten uiterlijk in september in Bosnië verkiezingen worden gehouden.
De Bosnisch-Servische oppositie, die vooral in Banja Luka sterk is, kan rekenen op de steun van de Servische president Milosevic. De socialisten timmeren aan de weg, terwijl de Servische Democratische Partij van Karadzic steeds meer barsten vertoont.
Behalve door de perikelen rond de arrestatie van de twee Bosnisch-Servische militairen liepen gisteren in Bosnië de spanning ook op door conflicten in Mostar. Kroatische betogers vielen het hoofdkwartier van de EU in de stad aan en omsingelden de auto van EU-bestuurder Hans Koschnick. Deze voerde woensdag per decreet een verdeling van Mostar in zeven districten in. De moslims en de Kroaten, die elkaar tot begin 1994 hevig bevochten, krijgen elk drie districten, waarin zij over een grote mate van autonomie beschikken. Het zevende district is een centrale zone, waarin onder meer het vliegveld, het station en de waterkrachtcentrale liggen. Deze zone valt rechtstreeks onder het gezag van de burgemeester van Mostar.
De Kroaten, die hun zinnen hebben gezet op de hele stad, wijzen het decreet van de hand en lieten gisteren hun ongenoegen overduidelijk blijken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.