*

 
dossier

Archief

Jacky Margés wilde de bouw in, maar: 'Ik mot geen timmerwief'

ANNEMARIE HOMMES − 07/02/98, 00:00

DOETINCHEM - Jacky Margés uit Doetinchem had als puber een droom. Ze wilde de bouw in. Haar moeder was het er niet mee eens, maar desondanks zette ze door.

Inmiddels is ze 42 en twintig jaar vervolgcursussen verder na het behalen van haar mts-diploma. Vast werk heeft ze nog steeds niet. “Meer dan eens heb ik bij binnenkomst te horen gekregen: o jee, het is een vrouw. Als ik dat had geweten, had ik je niet gevraagd. Als ik dan voorstelde dat bij de politie vast te laten leggen, keken ze me alleen maar dom aan.”

“Ik ben ook op een sollicitatie geweest dat degene die me moest interviewen met de vingers op de tafel aan het trommelen was en zei: we zijn erg behoudend. Mannen hebben al moeite om leiding te geven, laat staan vrouwen. Weer een ander reageerde met: ik mot geen timmerwief.”

Na jaren van ongelijke behandeling heeft Jacky Margés eindelijk bewijs in handen. Een intermediair van het uitzendbureau Start schreef haar, nadat ze had gesolliciteerd op een baan als leidinggevend timmerman m/v: de sollicitatieprocedure wordt niet met u voortgezet. De reden hiervoor is dat men vindt dat deze functie niet door een vrouw kan worden ingevuld.

Margés diende een klacht in bij de Commissie Gelijke Behandeling. Die doet begin maart uitspraak.

Margés: “Ik wil dat mensen zich bewust worden dat vrouwen in de bouw het recht hebben om te werken. Als je jong bent, ben je idealistisch en denk je er niet aan dat je misschien straks moeilijk aan werk kunt komen. Op de scholen wordt er geen onderscheid gemaakt. Dat verandert als je daarna de maatschappij in gaat. Dan pas komt het besef dat je niet aan de bak komt. En is de kans er dat alles voor niets was.”

“Bij het leerlingwezen hoef je dan, net als ik, niet meer aan te kloppen. Daarvoor ben je na een studie van minimaal vier jaar te oud. En omscholen is er ook al niet bij, want op het arbeidsbureau krijg je te horen dat er veel vraag is naar bouwvakkers. Daarnaast ben je ook nog te hoog gekwalificeerd voor omscholing.

Het idee om iets in de bouw te doen, ontstond op de mavo. “Ik ben een boekenwurm en ik heb altijd graag en veel gelezen over wereldwonderen als kathedralen en piramides. Ongelofelijk hoe ze die hebben gemaakt. Verder deed ik ook hele dolle dingen. Zo besloot ik op een gegeven moment onze tuin in kaart te brengen. Ik legde met symbolen precies vast waar in de tuin een roos stond en waar een jasmijn.”

Toen haar keus eenmaal vaststond, wist ze ook meteen dat ze op de bouwplaats zelf wilde werken. “Ik wilde met mensen werken. Zelf de hamer vasthouden. Ik wilde worden ondergedompeld en niet iemand zijn die constant roept: je moet dit of je moet dat vanuit een kantoor.”

Ik wil ingenieur weg- en waterbouw worden, zei ze dus tegen de rector op de vraag wat ze na de mavo wilde doen. “Dat had ik m'n moeder niet moeten zeggen. Ze had het beeld van iemand die achter de kruiwagen loopt met een schep in de hand. Een beeld dat ze waarschijnlijk heeft overgehouden aan haar jeugd in Indonesië. Zij wilde dat ik iets administratiefs ging doen. Ze was niet te overtuigen en ik heb toen net gedaan alsof ik haar wens inwilligde, - ze was namelijk analfabeet - maar ik ging naar de mts.”

“Toen ik begon met werken, was er een recessie gaande in de bouw. De eerste klappen vallen dan bij de overheid. Maar een hts'er kan een stapje terug doen, een mts'er niet. Dan kom je bij het leerlingwezen terecht. Ik werkte toen met tussenpozen. Zicht op vast werk was er niet, want wie het laatst binnenkwam, moest er als eerste weer uit. Er werd me ook geen vak geleerd, want ze waren bang dat ik op hun baan aasde. Dus dan stond ik daar. In naam was ik uitzetter, maar ik deed het sjouwwerk. Op zichzelf niet erg, maar ik wilde wel een kans krijgen. Je leert dit werk immers alleen door het te doen. Voor ik het wist was het project echter al weer afgelopen en kon ik vertrekken.”

Als ze werkte aan een project, waren de meeste collega's best schappelijk. “Het is nu eenmaal zo, dat mensen vreemd opkijken als er een uitzondering binnenkomt. Maar daar moet je doorheen. Wat je overal helaas ook tegenkomt zijn pestkoppen, die je kleineren, omdat ze overwicht willen hebben. Is er een uitzondering in de buurt, springen ze er gelijk bovenop. Ze zijn vaak niet populair bij de jongens, maar wel de lievelingen van de werkgever. En dan krijg je geëtter.”

“Het waren vaak van die kleine aanvallen die ik steeds over me heen kreeg. Als je iedere aanval apart bekijkt, denk je waar maak ik me druk om, maar op een geven moment ga je er aan onderdoor. Terwijl zíj een potje kunnen breken, omdat ze er al lang werken. Dat is me een paar keer opgebroken. En dan ging ik maar als leerling aan de slag, omdat ik wilde werken, maar ik heb gewoon meer in m'n mars.”

“Belachelijk toch, ik ben timmerman, maar mag niet eens timmeren.”

Voor sommige werkgevers was mijn komst een schok. “Dan hadden ze gewoon over de foto heen gekeken en zag ik ze alsnog in allerlei bochten wringen om er onderuit te komen. Ze voerden dan redenen aan als: we zoeken iemand die meer gespecialiseerd is. Of als de reistijd lang was: we bieden je onderdak aan in de bouwkeet op het bouwterrein. Maar er wordt veel in keten ingebroken, daar kun je toch geen ja op zeggen?”

“Er zijn momenten dat ik me behoorlijk moedeloos voel. Maar ik heb besloten terug te vechten en moet gewoon maar afwachten wat de commissie beslist. Ik verwacht trouwens dat ze de intermediair als zondebok gaan gebruiken. Start en het bedrijf doen alsof het een solo-actie was. En als hij dat ontkent, is hij zijn baan kwijt. Ik ben bang dat het na de uitspraak in de doofpot wordt gestopt. Terwijl ik wil dat er iets gaat veranderen.”

“Ik weet dat ik gelijk heb, maar ik ben bang dat ik ongelijk krijg. Het is namelijk niet de eerste keer dat ik een zaak begin. Er loopt nog een zaak van mij. Maar die loopt al vier en een half jaar en er zit geen schot in. Als ik die verlies, kom ik in de bijstand terecht. Maar wat voor alternatief heb ik? Als ik niets doe ook.”

Dat het Jacky Margés ondanks haar wil om te werken en tal van bijscholingscursussen niet is gelukt vast werk te vinden, komt I. van Westrienen van het Servicepunt vrouwen in de bouw niet vreemd voor. “In de bouw heb je nu eenmaal meer dan in andere sectoren te maken met projectwerk. Zij is één van de weinigen van haar generatie die het zo lang op de bouwplaats heeft volgehouden. Vrouwen die tegelijk met haar begonnen, zijn vaak doorgestroomd naar kantoorbanen. Anderen zijn een eigen bedrijf begonnen, omdat ze ook niet aan de slag kwamen. Je zou haar eigenlijk als dé voorloopster kunnen zien, omdat ze er nog steeds werkt.”

Volgens Westrienen krijgt het servicepunt vaker verhalen binnen van vrouwen die zijn gediscrimineerd of zich seksuele intimidaties moesten laten welgevallen.

“Dan gaat het om een handjevol klachten, want er zijn nog steeds maar weinig bouwvaksters. Twee op de 100 is vrouw.” In 1986 waren er 119 vrouwen op een totaal van 195 700 in de bouw werkzaam, in 1993 373 vrouwen op een totaal van 193 000 bouwvakkers. En in 1996 waren er 394 vrouwen.

“De meeste klachten komen er op neer dat er wordt beweerd dat er minder wordt geproduceerd, omdat vrouwen langzamer werken. Ze maken er dus een financiële kwestie van. Wat is er makkelijker om te zeggen: het ligt aan haar. Terwijl het minder presteren misschien wel ligt aan een verziekte werksfeer of een te hoge werkdruk.”

“Maar” zegt ze, “een meid die nu begint, heeft meer kans op werk. Ons servicepunt wil de gedachte dat een meisje op de bouw voor problemen zorgt, uit de wereld hebben. We leggen aan werkgevers uit dat ze er ook hun voordeel mee kunnen doen. Vrouwen zijn vaak gemotiveerder. Een jongen denkt sneller: ik kies maar voor de lts, want wat moet ik anders. Maar een meisje kiest er echt voor.”

Oogarts. Een slechtziende oogarts uit het (AMC) in Amsterdam heeft besloten te stoppen met opereren. Hij gaat zich bezighouden met onderwijs en oogartsen opleiden. De inspectie stelde een onderzoek in, nadat de oogarts negatief in de publiciteit was gekomen. In de pers werd hij ervan beschuldigd dat hij door een beperkt gezichtsvermogen fouten zou hebben begaan bij operaties. Het ziekenhuis heeft hem steeds gesteund.

mailIcon print |