Het Groninger Museum is financieel gered. De gemeente Groningen steekt, als de gemeenteraad instemt, jaarlijks 1,3 miljoen gulden extra in het museum. Ook komt er eenmalig een bedrag van drie miljoen gulden op tafel voor een reorganisatie in het personeelsbestand en 3,6 miljoen voor een schuldsanering. De helft van dit bedrag bestaat uit een lening onder vriendelijke voorwaarden.
Eerder al besloten Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen de jaarlijkse subsidie met een miljoen tot 1,7 miljoen gulden te verhogen. Daarvoor moeten Provinciale Staten nog toestemming geven. De totale subsidie van gemeente en provincie zou daarmee op 6,8 miljoen per jaar komen.
Het Groninger Museum kwam in 1999 in grote financiële problemen. Oorzaak is onder meer een teruglopend aantal bezoekers, dat sinds de opening van het nieuwe gebouw in 1994 is gehalveerd tot circa 200 000 per jaar.
Volgens museumdirecteur K. van Twist zijn het museumbestuur en de overheden door de aanvankelijk zeer gunstige cijfers te optimistisch geweest over de inkomsten die het museum zou genereren. Het uitgangspunt was dat het museum 45 procent van zijn inkomsten zelf zou kunnen verdienen, terwijl verreweg de meeste musea voor tachtig tot negentig procent van hun inkomsten afhankelijk zijn van gemeenschapsgeld.
De dekking van de tekorten bij het museum heeft tot wrijving tussen provincie en gemeente geleid. Wethouder W. Pattje van cultuur is teleurgesteld dat de provincie niet wil bijdragen aan de schuldsanering. ,,Daarmee leggen ze een wel erg zware verantwoordelijkheid op onze schouders.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.