Wie is de ware liefhebber van kunst? De beroeps die veertig keer om den brode hetzelfde stuk speelt? Of de amateur die weliswaar gedijt bij publieke aandacht, maar die genoegen neemt met een expositie in de plaatselijke bibliotheek? De Tweede Kamer wil meer aandacht voor de beoefening van amateurkunst, en staatssecretaris Aad Nuis is het daarmee eens. Maar waarom, omdat de amateur, soms 'de kunstzinnige burger' genoemd, een intensieve bezoeker van professionele kunst blijkt? Of vanwege de eigen merites van de amateur? Deze weken onderneemt Trouw een speurtocht naar de oprechte liefhebber. Vandaag: De eigenzinnige amateurtheatergroep De Krenten.
In een achteraf-zaaltje op de zolder van De Vorst, een centrum voor kunsteducatie in Tilburg, speelden de jongeren met veel flair een voorstelling naar teksten van de Russische absurdist Daniil Charms. Het balletje kwam aan het rollen, de voorstelling ging op reis en 'Voorvallen zonder titel' won in 1995 het Landelijke Festival Amateurtheater, dat jaarlijks speelt in de Amsterdamse Nes-theaters.
Carla Bakker, regisseur van De Krenten: “Een aantal jongeren volgde al zo lang theater-cursussen bij De Vorst dat het idee ontstond om met een vast groepje verder te gaan.” Dat groepje werd aangevuld via een advertentie in de krant en daarop reageerde de toen twaalfjarige Katrien Willemen: “Ik las in de krant dat het om gevorderden ging. Dat was ik helemaal niet en daarom vroeg Carla mij om eerst een cursus te volgen. Maar ik zei: Nee, ik wil bij De Krenten. Mijn eerste rolletje was in 'Woyzeck' van Buchner. Ik speelde het kind van Marie en ik moest in het stuk vooral mijn mond houden en kijken naar wat er gebeurde.” Woyzeck was de eerste produktie en inmiddels gaan De Krenten het vijfde seizoen in. Carla: “Als reactie op Woyzeck, wilde ik lossere scènetjes gebruiken. Van zo'n integrale toneeltekst kun je je zo moeilijk losmaken en ik wilde meer ruimte om het potentieel in de jonge spelers op te zoeken.”
Na Woyzeck kwamen daarom 'Plume', een verzameling acts naar aanleiding van anekdotische reisverhalen over het mannetje Plume van de surrealist Henri Michaux en 'Voorvallen zonder titel'. Korte, absurdistische tekstjes, die de jongeren veel ruimte gaven. Met de teksten van Daniil Charms is een klein seizoen gerepeteerd. Eerst twee uur per week, later vijf uur en ten slotte leverden De Krenten een hele week van de vakantie in. Carla: “Toen werd het de spelers wel duidelijk dat het geen kattepis is om theater te maken. Je moet veel reizen en leuke dingen afzeggen. Verliefdheden en repetities met muziekbands komen dan even aan de kant te staan en dat valt niet altijd mee.” Katrien: “We speelden allerlei improvisaties. Je kreeg de teksten en je mocht alles doen, want je had geen vaste voorstelling. Als spelers werden we heel los gelaten en het werd steeds losser. Echt alles kon.” Twan: “En je mocht je eigen 'Charms verhaaltje' schrijven, in de geest van Charms.” Op de vraag wat die 'geest' is, antwoordt Katrien: “Het hoeft niet logisch te zijn.” Carla: “In de teksten van Charms wordt het gewone van de dingen ontregeld. Je kunt associëren zonder de dingen logisch te rangschikken.” Zijn werk bleek op de spontaniteit van de jongeren te werken. Twan: “Je kunt gewoon doen wat er in je op komt. Ineens in een microfoon gaan praten en als er dan geen geluid uit komt gebruik je dat in de voorstelling.” Katrien: “En dansjes maken naar aanleiding van een tekst, dat was ook leuk.” De favoriete scène van Twan droeg de titel 'Rehabilitatie': “Ik had me helemaal ingepakt in een kostuum, met ingevouwen benen. Ik had een bril op en een vork in mijn hand en met een onschuldig stemmetje zei ik een hele lugubere tekst. Alles zat daarin, tot aan necrofilie toe.” Carla: “Een gouden regel bij De Krenten is dat je alleen speelt wat je graag wilt spelen.” Twan beaamt: “Als ik een scène afschuwelijk vind, speel ik het gewoon niet.” Carla: “De scènes zijn daardoor zo persoonlijk geworden en passen zo bij de spelers dat zij niet vervangbaar zijn. Dan zou de voorstelling meteen een ander verloop krijgen. Je kunt stellen dat ze alles zelf hebben gemaakt en ik heb het materiaal geschift. Daarna zijn we gaan weven, een filmpje gaan maken van al die dia's.” Het resultaat was een aaneenschakeling van korte, absurdistische en humoristische scènes, vol moord en doodslag, grootse drama's en klein leed. Te midden van een verzameling oude, sfeervolle spullen en een uitgeklede piano, waarmee een kale puber de scènes van een intro voorzag, speelden De Krenten de sterren van de hemel.
Carla: “Het is gewoon uit de hand gelopen spielerei. Iemand van het Landelijk Jongerentheaterfestival kwam bij ons kijken en was zo verrast dat hij ons uitnodigde om te komen spelen. En daarna wonnen we ook nog compleet onverwacht het Landelijke Festival Amateurtheater. Na de voorstelling daar riep ik tegen de spelers: 'Die prijs krijgen we niet, maar we hebben wel een leuk weekend gehad in Amsterdam.' Ik was bang om als anti-climax een kritisch juryrapport over ons heen te krijgen.” Katrien: “Toen Mette Bouhuijs de prijs bekend maakte bleven we gewoon zitten, want we geloofden het niet.” Alleen Twan had het voorzien: “Ik zal heel eerlijk zijn: ik had het wel gedacht. Dat gevoel had ik gewoon.”
In de nieuwste voorstelling, 'Kerstmis bij de Ivanofs', spelen de Krenten voor het eerst samen met twee professionele acteurs. “Voor Katrien waren het indringers”, zegt Carla en Katrien beaamt dit. “De eerste week was heel erg eng, ik voelde me niet op mijn gemak. Maar toen hebben we het erover gehad en nu zien we ze als gelijken.”
Carla: “De spelers zijn eerlijk en hard tegen elkaar, maar ze houden elkaar altijd de hand boven het hoofd. Ook de chauffeur van onze bus is een dikke vriend geworden. Iedereen gaat voor De Krenten, ik heb nog nooit iemand horen zeggen dat het een afschuwelijke groep is.” Katrien: “We zeggen altijd precies wat we er van vinden, we zijn echte pubers.”
Maar pubers hebben ouders, een niet te verwaarlozen factor volgens Carla: “Als een van de jongeren huisarrest krijgt tijdens een generale repetitie heb ik een probleem. Ik bemiddel dan ook veel.” Katrijn: “Carlijn moest een keer eerder weg van een repetitie want ze moest afwassen. Toen hebben we als grap met de hele groep een brief geschreven aan haar ouders waarin stond dat ze niet alles kunnen hebben. Een dochter die aan het toneel is en dan ook nog thuis afwast.” Carla: “Tijdens repetities nodigen we de ouders vaak uit om te komen kijken. Dat werkt, ze zijn nu bijna allemaal vrienden van De Krenten geworden.”
Op de vraag of zij de liefde voor het theater van huis uit hebben meegekregen zegt Katrien: “Mijn ouders zijn allebei beeldend kunstenaar en zijn dus veel met kunst bezig. Door mij nu ook met theater. Ze komen altijd vijf keer kijken naar een voorstelling, om te zien hoe het groeit. Eigenlijk heb ik het wel van ze meegekregen.” Twan: “Ik niet. Ons mam is kapster en mijn vader houdt als hobby vogeltjes; kanaries en sijsen. Ik ben altijd aan het fantaseren en ik lieg ook vaak. Vroeger had ik een fantasiehondje waarmee ik ging wandelen in het bos. En toen ik klein was play-backte ik altijd. Met de staafmixer als microfoon liep ik door het huis en op de voetbalclub trad ik op als Michael Jackson of Bon Jovi, met leren bandjes om mijn armen.” Carla: “Waar jij het mee gemaakt hebt is dat je als klein mannetje van twaalf meteen al iedereen van de vloer speelde en volkomen los ging.” Twan wil van zijn hobby wel een beroep maken. “Ik vind audities spannend dus daarom ga ik ook auditie doen bij de toneelschool en als ze me aannemen dan doe ik het.” Carla: “Maar als je er je vak van maakt is het niet alleen maar leuk. Juist niet, je moet keuzes maken en veel laten vallen.”
De doelstelling van De Vorst is niet alleen het maken van theater, maar ook het confronteren van amateurs aan professionele makers en voorstellingen. En dit blijkt te werken. “De meest ontoegankelijke voorstellingen vallen goed bij de jongeren”, zegt Carla. “De Vorst is het enige vlakke vloertheater in Tilburg, waar alle tweede en derde circuit-voorstellingen spelen.” Twan gaat vooral kijken naar voorstellingen als er bekenden in spelen of 'als we met de hele groep gaan. Katrien gaat zo'n twee keer per maand naar een voorstelling. “Ik vind het heel leuk om voorstellingen te zien”, zegt ze met nadruk. “Als je van De Vorst een uitnodiging krijgt dan weet je gewoon dat je moet gaan kijken. 'De Wetten van Kepler' en 'Of Scheikunde' van de Vlaamse groep Victoria vond ik geweldig. Als ik het nog niet goed begrepen heb of als ik niet weet wat ik er van vind, ga ik soms twee keer kijken.”
De Krenten zitten in de lift en misschien gaat de voorstelling zelfs spelen op het professionele Jeugdtheaterfestival in Den Bosch. “Maar toch wil ik van theater geen beroep maken”, zegt Katrien stellig. “Dan is het geen hobby meer. Nee, dan zou ik het niet meer leuk vinden.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.