Het anti-speculatiebeding gaat in Utrecht voor alle nieuwbouwhuizen gelden. De gemeenteraad heeft besloten nog verder te gaan dan het college van b. en w., die voor de huizen tot vijf ton zo'n beding wilde invoeren.
De gemeenteraad komt hiermee tegemoet aan de kritiek van de Vereniging Eigen Huis, die het discriminerend vindt als alleen de speculatie met huizen onder een bepaalde prijs wordt bemoeilijkt. Een meerderheid van de raad vond het daarom beter geen onderscheid meer te maken naar prijsklassen.
Alleen de VVD en Leefbaar Utrecht stemden tegen. Zij wilden de prijsgrens juist verlagen naar 350000 gulden, omdat dit meestal huizen zijn waarin gemeenschapsgeld is geïnvesteerd. Het tegengaan van speculatie met duurdere woningen noemen de VVD en Leefbaar Utrecht een aanslag op de democratische vrijheid van de burger.
Met het anti-speculatiebeding willen de raad en het college voorkomen dat nieuwbouwhuizen, vooral in de nieuwe wijk Leidsche Rijn (30000 huizen), met een forse winst worden doorverkocht nog voordat de eigenaar erin trekt. Vanaf januari moeten mensen die hun net opgeleverde huis verkopen, in het eerste jaar de hele winst weer afstaan. Tijdens het tweede tot en met vijfde jaar daalt de afdracht steeds met 20 procent per jaar. Uitzonderingen gelden voor eigenaren die om bepaalde redenen gedwongen zijn hun huis te verkopen, zoals in het geval van echtscheiding, overlijden of een nieuwe baan in een andere gemeente.
In afwijking van het college, stelde de gemeenteraad ook een zogeheten kettingbeding in. Dit betekent dat eventuele tweede en latere kopers ook aan het anti-speculatiebeding vastzitten als ze het huis binnen de termijn van vijf jaar verkopen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.