*

 
dossier

Archief

'Samenleving vraagt om rekenschap na euthanasie'

Door: redactie − 09/02/98, 00:00

Van een onzer verslaggeefsters UTRECHT - “Sorgdrager wil hulp bij euthanasie pas dan uit het strafrecht halen als meer artsen bereid zijn de hulp bij levensbeëindiging te melden. Maar dat is een heilloze cirkelredenering van de minister: artsen zullen zich pas vrij voelen om elk geval te melden, als zij niet meer bang hoeven te zijn voor het strafrecht.”

Onder luid applaus van de 700, meestal oudere congresgangers uitte H. Schraven, voorzitter van de Nederlandse vereniging voor vrijwillige euthanasie (NVVE) zaterdagmiddag stevige kritiek op het recente voorstel van de ministers Borst en Sorgdrager om - op zoek naar een goede regeling - vijf regionale toetsingscommissies in te stellen. Deze commissies moeten achteraf beoordelen of de arts zorgvuldig heeft gehandeld. Schraven: “Het lijkt erop dat justitie niet de inhoud, dus de hulp bij zelfdoding belangrijk vindt, maar alleen maar geïnteresseerd is in de verbetering van de meldplicht. Instellen van toetsingscommissies betekent voortgaan op de heilloze weg van het strafrecht: wij willen dat er nu een begin wordt gemaakt met nieuwe wetgeving.”

'Haal euthanasie uit het strafrecht op voorwaarde dat de arts aan de wettelijke criteria heeft voldaan', luidt de kernboodschap van de NVVE, die zaterdag haar 25-jarig jubileum vierde. De vereniging telt zo'n 95 000 leden. Elk jaar laten ruim 3000 Nederlanders een voortijdig einde aan hun leven maken, terwijl 9000 verzoeken worden afgewezen. Hooguit veertig procent van de artsen meldt euthanasie, uit angst voor vervolging en wegens de administratieve rompslomp.

Om geen misverstand op te laten komen, zo leek het, zaten er in de forumdiscussie zaterdag alleen maar voorstanders van een nieuwe euthanasiewetgeving buiten het strafrecht. Zo vond prof. C. Kelk, hoogleraar strafrecht dat het bij het euthanasiedebat vooral moet gaan om de normen voor zorgvuldigheid. Dat kan het beste via toetsing door collega's, waarbij volgens hem sancties moeten worden uitgesloten.

Ook de huisarts F. Weisz stelt dat er een betere toetsing, door collega's 'in een veilige sfeer' mogelijk moet worden. “De toetsing moet zo worden opgezet dat de arts rustig durft terug te kijken, ook op dingen die misschien fout zijn gegaan.” Volgens Weisz is het niet zo, als sommige - soms achter de microfoon huilende - congresgangers veronderstelden, dat artsen maar al te blij zijn met hun 'monopolie op recepten.' “Als ik een gesprek voer met iemand over zijn mogelijke euthanasie, neem ik een houding van 'zorgzaam paternalisme' aan. Als iemand lijdt aan het leven, vraag ik me eerst af 'kan ik helpen met het leven'. Een definitief verzoek om euthanasie is ook voor een arts moeilijk en verwarrend.” Weisz vindt het daarom belangrijk dat een arts en een patiënt de afspraken die ze samen maken over mogelijke omstandigheden voor euthanasie goed op papier zetten. “Daarbij blijkt soms dat de hulpvrager heel andere beloftes van de arts heeft gehoord dan deze heeft aangeboden.” Weisz pleitte daarnaast ook voor meer onderzoek naar de technische methoden. “Een arts voelt zich vaak opgelucht als de euthanasie technisch goed is gegaan, want dat is nog niet vanzelfsprekend.”

Voor de aan multiple sclerose lijdende publiciste Karin Spaink gaat het bij euthanasie vooral om de troost dat iemand niet 'afhankelijk en alleen' dood hoeft te gaan. Zij verzet zich tegen de 'medicalisering' van euthanasie door de verplichting van een arts erbij. “Er moet betere technische informatie komen, zodat je niet voor een trein hoeft te springen en de machinist een trauma bezorgt. Maar ook andere informatie is nuttig: hoe maak je je dood bespreekbaar bij vrienden zodat zij geen schuldgevoelens hebben.” Maar volgens D66-er R. van Boxtel hoort een arts erbij:“De samenleving vraagt terecht rekenschap. Zonder een arts en een goede procedure kun je verdachtmakingen op je laden.” Voor mensen die psychisch lijden en daarom euthanasie willen, moeten er volgens hem nog meer zorgvuldigheidseisen in acht worden genomen. Van Boxtel: “Overigens kan ik me goed voorstellen dat een huisarts morele problemen heeft met euthanasie. Dan heeft hij, wat mij betreft wel een expliciete plicht om de patiënt door te verwijzen naar een andere huisarts.”

mailIcon print |