KOPENHAGEN - “Weet je al van de actie '180 dagen van Kopenhagen tot Peking', die op 8 maart wordt gelanceerd? Er wordt fantastisch samengewerkt door de vrouwen in Kopenhagen. Er zijn er ook veel. Nederland steekt daarbij een beetje schril af.”
Dorien Mijksenaar is druk in de weer bij de stand van de Vrouwenpartij. In een stortvloed van woorden beschrijft ze alle vrouwenactiviteiten op de voormalige marinebasis Holmen van de afgelopen dagen. Ze maakt tegelijk maskertjes voor de actie '180 dagen', in het kader van Internationale vrouwendag. De solidariteitsmaskers moeten in Kopenhagen door vrouwen worden beschreven en gaan de komende maanden naar allerlei vrouwenbijeenkomsten. Uiteindelijk zullen ze worden uitgedeeld bij de VN-vrouwenconferentie in Peking.
De vrouwen uit Azië, Afrika, Amerika en Europa zijn op de conferentie van niet-gouvernementele (particuliere) ontwikkelingsorganisaties in groten getale aanwezig. Een groot deel van de pakweg 100 dagelijkse workshops en bijeenkomsten is specifiek gewijd aan de positie en belangen van vrouwen. De meeste vrouwen-workshops zijn overvol en elke dag worden de schriftelijke verklaringen gewild of ongewild verspreid onder bezoekers.
Vanuit Nederland is de opkomst nogal mager. De meeste vrouwenorganisaties zijn in eigen land te druk met de voorbereidingen voor de Vrouwenconferentie in Peking, zegt Dorien Mijksenaar. “Jammer, want hier wordt ook al veel voorbereid voor Peking.”
De Internationale Vrouwendag valt precies middenin de Sociale Top en de VN heeft toegezegd deze dag speciaal in het teken te zullen stellen van vrouwenproblemen. Maar een dag vóór de 8e is het de meeste delegatieleden nog onduidelijk wat er precies gaat gebeuren. Een demonstratie, discussiebijeenkomsten en verder weten ze het niet.
De meeste vrouwen lijken drukker met het leggen van contacten en het uitwisselen van ervaringen. Vooral de goed opgeleide en fanatieke vrouwen zetten de toon. Maar deze strategie heeft zijn uitwerking niet gemist. Vrouwen zijn bij de Verenigde Naties een machtige lobbygroep geworden. De verklaring over armoede, sociale uitsluiting en werkloosheid staat bol van de intenties om de situatie van vrouwen te verbeteren. Dat is ook niet verwonderlijk, want volgens de VN is van de 1,3 miljard armen in de wereld tussen de zestig en zeventig procent vrouw. Bestrijden van armoede moet dan ook vooral gericht zijn op vrouwen, zo concludeert de Sociale Top. Met die uitspraak kunnen alle belangenorganisaties hun specifieke wensen inbrengen tijdens de top.
Parttime werk
Er wordt druk gepraat over woorden in de verklaring, het onder druk zetten van de Wereldbank en IMF en over parttime werk, kinderopvang en gelijke kansen. Ze zitten als een bok op de haverkist als blijkt dat het Vaticaan probeert terug te komen op afspraken die tijdens de bevolkingstop in Cairo zijn gemaakt.
Europese en Amerikaanse vrouwen willen met name onbetaald werk erkend krijgen als economische maatstaf. Op dit moment is daarover in de verklaring nog geen overeenstemming. Volgens berekeningen van de internationale arbeidsorganisatie ILO doen vrouwen wereldwijd tweederde van al het werk. Toch verdienen ze slechts 5 procent van het wereld-inkomen en bezitten ze minder dan 1 procent van alle eigendom. De vrouwenlobby stelt dat als huishouden, vrijwilligerswerk en zorg voor kinderen, zieken en ouderen zou meetellen in het bruto nationaal produkt van een land, de cijfers er volledig anders zouden uitzien. Een Filippijnse becijferde voor haar land dat het BNP bijna drie keer zo hoog zou uitkomen.
De regeringsleiders - ook de Nederlandse - zijn echter huiverig voor dit soort wijzigingen, die de traditionele rekenmethode op zijn kop zou zetten. “Vrouwenwerk moet gaan meetellen in de statistieken”, stelt Susan Huybregts van de Vrouwenalliantie voor economische zelfstandigheid. “Alleen dan krijg je een erkenning voor dat werk. Het hoeft ook niet direct in het BNP, maar je kunt er een aparte berekening van maken, zodat toch duidelijk is wat de bijdrage van vrouwen aan een economie is.” Om alvast een begin te maken worden briefjes uitgedeeld aan vrouwen waarop ze moeten beschrijven hoeveel uren ze onbetaald aan de conferentie besteden. Berekend met 30 dollar per uur, wordt uiteindelijk vastgesteld hoeveel de conferentie voor vrouwen zou hebben gekost.
Volgens de Amerikaanse Dawn is de bezuinigingsdrift van overheden in het westen, de belangrijkste reden waarom steeds meer vrouwen tot de onderklasse behoren. “Bezuinigen op gezondheidszorg, onderwijs en hulpverlening betekent direct dat banen verdwijnen die juist door vrouwen worden vervuld. Maar het is wel werk dat moet worden gedaan. Iemand moet het oppakken. Dus zie je dezelfde ontslagen vrouwen later weer terug in dat werk, maar nu als vrijwilliger. En ze krijgen vervolgens te horen dat ze met hun uitkering 'niets' doen. Als onbetaalde arbeid wordt meegerekend, dan wordt dit werk ook eindelijk eens erkend en wordt er wellicht minder snel op bezuinigd.”
'Luxe probleem'
Voor de vrouwen uit ontwikkelingslanden lijken de westerse problemen van vrouwen echter nog een luxe doel voor een verre toekomst. Zij pleiten voornamelijk voor meer toegang tot scholing, leningen en het recht op eigendom. Op het platteland in Afrika en Azië bereikt nog geen tien procent van alle kredieten en leningen vrouwen, terwijl zij tachtig procent van de totale voedselproduktie verzorgen. “We accepteren gewoon niet meer dat we overal buiten worden gehouden”, zegt een Ghanese vrouw. “We worden in armoede geboren, mogen vervolgens niet naar school, maar moeten werken op het land en het huishouden. We krijgen dan kinderen die we geen beter leven kunnen voorschotelen en we sterven in dezelfde armoede.” Ze wil dat banken, ontwikkelingsorganisaties en IMF en Wereldbank eindelijk eens gaan erkennen dat vooral hulp aan vrouwen de belangrijkste bijdrage kan zijn om armoede uit de wereld te helpen.
Deze opvatting lijkt langzamerhand ook binnen de VN en de Wereldbank door te dringen. Wereldbank-directeur David de Ferranti zei daarover deze week: “Investeren in mensen, vooral vrouwen, heeft in economische termen een veel groter effect dan investeren in bruggen en dergelijke. Bovenaan de lijst staat dan ook het opleiden van meisjes. Investeren in meisjes heeft drie keer zoveel effect als je praat over bestrijden van armoede. Want als zij meer geschoold zijn, dan hebben ze meer kans om geld te verdienen waar automatisch de hele familie van profiteert. Ze nemen minder kinderen, zorgen voor betere hygiëne en voeding en dus neemt de gezondheid toe. Daar ligt onze topprioriteit.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.