De auteur is burgemeester van Arnemuiden en voorzitter van de Vereniging van RPF-bestuurders.
De procedure voor benoeming gaat nu in vogelvlucht als volgt: vacature, solliciteren, profielschets (door de gemeenteraad), gesprekken met kandidaten door de commissaris der koningin (CdK), CdK stuurt een aantal kandidaten door naar de vertrouwenscommissie uit de gemeenteraad, deze geeft een meervoudig advies aan de CdK, de CdK geeft dit advies met zijn aanbeveling door aan de minister, de Kroon benoemt. Bij grote gemeenten komt het kabinet er ook nog aan te pas. In de meeste gevallen wijkt de CdK en/of de minister niet af van het door de vertrouwenscommissie gegeven advies, zeker niet als dit unaniem is.
Velen hebben bezwaren tegen deze procedure, en deze is dan ook al jarenlang punt van discussie. Na het rapport-Van Thijn (1993) en steeds weer veranderende zienswijzen, ook bij het kabinet, ligt nu de notitie 'Aanstellingswijze...' bij de Tweede Kamer.
Volgens het kabinet moet uitgangspunt van beleid zijn:
1. De huidige invloed van de gemeenteraad op de burgemeestersbenoeming wordt gehandhaafd met een versterking op onderdelen (inzicht in de totale lijst van sollicitanten, meer invloed bij herbenoeming en ontslag).
2. De benoeming door de Kroon blijft gehandhaafd.
3. De kwaliteit van de benoemingsprocedure moet op verschillende momenten nadrukkelijker worden bewaakt en getoetst.
4. Er moet ruimte zijn voor bovenlokale, beleidsmatige afwegingen (voorkeursbeleid, politieke spreiding, loopbaanbeleid).
Belangrijke punten van verschil met de huidige procedure zijn dus, dat de vertrouwenscommissie de complete lijst met (soms wel honderd) sollicitanten krijgt, zelf referenties mag inwinnen en rechtstreeks aan de minister een aanbeveling van minstens twee kandidaten stuurt. De CdK adviseert daarnaast de minister, maar heeft geen weet van de aanbeveling van de vertrouwenscommissie.
Wat zal er nu in de praktijk veranderen? Weegt voor de minister de aanbeveling van de vertrouwenscommissie straks zwaarder dan nu het advies via de CdK? Nu en straks (zie punt 3 en 4) kunnen toch boven lokale afwegingen en kwaliteitsargumenten reden zijn om van de aanbeveling af te wijken? Hierover moet duidelijkheid komen, evenals over de vraag of de vertrouwenscommissie verplicht is de door de CdK geselecteerde kandidaten te ontvangen.
Geen visie
Een groot bezwaar tegen de voorgestelde wijzigingen is het ontbreken van een (geformuleerde) visie op het besturen van een gemeente. Gaat men stilzwijgend uit van een verschuiving van ons monistisch stelsel naar een dualistisch of een mengvorm van beide? Ook de geopperde mogelijkheid van de benoeming van wethouders van buiten de raad wettigt deze vraag. Ieder bestel vraagt immers om zijn eigen bestuurders en zijn specifieke manier van besturen. Pas als die visie er is, is het zinnig de aanstellingswijze van de burgemeester ter discussie te stellen. Nu wordt stap voor stap de invloed van de raad op de aanstelling van de burgemeester vergroot, terwijl de bevoegdheden van raad en burgemeesters gelijk blijven.
De burgemeester wordt, hoe je het ook wendt of keert, bij deze voorstellen afhankelijker van de raad, zeker wanneer we daarbij ook de grotere invloed van de raad bij herbenoeming en ontslag betrekken. De wijze van besturen verandert niet, wel de positie van de burgemeester.
Ik ga ervan uit dat men het huidige systeem wil handhaven, want ik heb geen pleidooi gehoord om dat te veranderen. Bij dit systeem hoort een door de Kroon benoemde burgemeester, vindt ook het kabinet. Dat betekent ook nog steeds een burgemeester die onafhankelijk moet zijn van de raad. De huidige manier van benoemen is naar onze mening een perfect uitgebalanceerde wijze om èn de raad èn de Kroon tot hun recht te laten komen. Daaraan morrelen zonder bezinning op consequenties voor de manier van besturen is altijd een verslechtering.
Een ander nadeel van de voorgestelde procedure is dat de waarborging van de kwaliteit minder wordt. De CdK beschikt over veel meer informatie dan de vertrouwenscommissie. Bovendien: bij wie gaat de vertrouwenscommissie inlichtingen inwinnen? We krijgen niet alleen moeilijk vergelijkbare informatie, maar ook nog allerlei lobbyisten met hun verlangens en gegevens.
Door dit alles zal de privacy van de kandidaten onder druk komen te staan en worden hun belangen onnodig geschaad. Nu al zijn er vaak 'lekken'. Hoeveel te meer straks, als de vertrouwenscommissie zelf ook nog eens gaat informeren en er dus nog meer personen bij betrokken worden. Een extra kans dat goede kandidaten - die hun naam niet zo op straat willen - afzien van een sollicitatie, met als gevolg minder kwaliteit. Een meervoudige aanbeveling/advies (bij voorkeur van minstens drie kandidaten) kan de onafhankelijkheid en de kwaliteitsgarantie bevorderen.
Heel de notitie geeft blijk van het hinken op twee gedachten: benoemen én kiezen. Men kiest voor benoemen, maar werkt ook aan kiezen. De consequenties van het laatste worden echter niet doordacht. Een duidelijk voorbeeld daarvan is ook de wens de raad het recht van aanbeveling tot herbenoeming of ontslag te geven. In feite weer een stap verder in het afhankelijk maken van de burgemeester van de raad.
De kans om als burgemeester speelbal van allerlei politieke machinaties te worden, wordt steeds groter. Een voor de burgers herkenbare, onafhankelijke, vertrouwen inboezemende, samenbindende bestuurder komt dan steeds meer op de tocht te staan.
Ook de gedachte om de aanstellingswijze van de burgemeester uit de Grondwet te halen spreekt mij niet aan - dat zal uit het voorafgaande wel duidelijk zijn. De zorgvuldigheid komt dan in gevaar.
Alleen al de veelheid van ideeën die de afgelopen jaren, ook in het Haagse, opgeld deden, pleit ervoor om voorlopig pas op de plaats te maken. Wij moeten niet toegeven aan de waan van de dag en die zeker niet wettelijk de kans geven.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.