*

 
dossier

Archief

'Je moet een beetje chaos leuk vinden'

ANNIEK VAN DEN BRAND − 28/03/98, 00:00

“Druk hoort nu eenmaal bij dit beroep. Je wordt van tevoren getest op stressbestendigheid, en je moet een beetje chaos ook leuk vinden.” Mary Platjee is al 24 jaar verkeersleider bij NS Verkeersleiding. Haar werkplek in de Vliegende Schotel, het verkeersleidingscentrum in het NS-gebouw bij Amsterdam CS, geeft uitzicht over de wirwar van sporen. Voor haar werk heeft Platjee die aanblik al lang niet meer nodig: op verschillende computerschermen en een immens tableau worden de passerende treinen weergegeven.

“Zolang alles volgens dienstregeling verloopt, hebben wij eigenlijk niks te doen”, zegt teamleider Harry Korsten, ook al 29 jaar werkzaam bij het Spoor. “Als mijn baas binnenkomt, en ik zit met mijn benen op tafel, dan doe ik het goed. Vergelijk ons werk maar met dat van de brandweer: wij hoeven pas uit te rukken als het fout gaat.”

Dat is steeds vaker het geval, omdat het spoorwegnet erg intensief wordt gebruikt. Om zoveel mogelijk treinen te laten rijden, is de dienstregeling van de Nederlandse Spoorwegen verworden tot een buitengewoon ingewikkeld en erg kwetsbaar vlechtwerkje. Bovendien dienen de eerste concurrenten zich aan, die ook een plek tussen de rails willen. Vorig jaar werden maar liefst 80 000 zogeheten buitendienststellingen genoteerd, voor dit jaar worden er 100 000 verwacht: baanvakken waarover kortere of langere tijd geen trein kan rijden.

“Gaat een trein uit Maastricht te laat weg, dan heeft dat een sneeuwbaleffect tot in Haarlem”, legt Korsten uit. “Van ons wordt dan verwacht dat we die trein zijn verloren minuten laten inhalen door hem hier en daar voorrang te geven op andere treinen. Of dat we de volgende trein die dezelfde route zou rijden uit de dienstregeling halen, zodat de vertraging niet alle treinen op die route betreft. In ieder geval proberen we van hier uit op de verschillende stations om te roepen hoelang een vertraging duurt. Kan een trein helemaal niet meer verder, dan regelen wij dat er bussen komen.”

Maar ja, wat doe je als je twintig bussen nodig hebt, en de streekvervoerder in de buurt heeft er maar zes staan? Wat moet je als je computer informatie geeft, die niet met de werkelijkheid blijkt te stroken? En hoe blijf je kalm als het ene na het andere probleem zich aandient, omdat het hele land plotseling overvallen wordt door ijzel?

“Soms verlies je het overzicht op het geheel”, zegt Platjee. “Als een trein het begeeft midden op de rails, til je de treinen die er achteraan komen daar niet even overheen. Je probeert de boel zo snel mogelijk weer op orde te krijgen, maar soms red je dat gewoon niet. Als je dan ook nog -tig telefoontjes krijgt van allerlei collega's die vinden dat het allemaal de schuld van de verkeersleiding is, dan word je wel eens even helemaal gek. Ook al weet je dat jij aan sommige dingen helemaal niks kunt doen.”

mailIcon print |