*

 
dossier

Archief

Houdbare melk en vla toppers bij de benzinepomp

HARRIET SALM − 27/01/96, 00:00

Op het eerste gezicht lijkt er niet veel veranderd aan het Fina-station te Velserbroek. Maar nadere bestudering van de schappen leert anders. Pindakaas, jam, wc-papier, pakken koffie, kant-en-klaar diepvriesmaaltijden, pizza's, cd's, video's, speelgoed en zeepjes sieren planken, waar tot voor kort de motorolie stond.

In theorie mag het nog niet, want de nieuwe winkeltijdenwet is wel de Tweede, maar nog niet de Eerste Kamer gepasseerd. Waarschijnlijk volgende maand zal dat gebeuren. Het ministerie van economische zaken zal tot die tijd geen boetes gaan uitdelen voor overtreding van de oude wet. Fina is daarom alvast begonnen met ombouwen. In Velserbroek is de pomp al klaar, en nog voor de zomer zullen er zeker dertig van de 170 Fina-stations een verbouwing ondergaan.

Volgens de 'oude' - nu nog geldende - wet mogen de benzinestations 7 dagen per week, 24 uur open. Maar ze kunnen in hun shop alleen zogenoemde 'weggebonden artikelen' verkopen. Spullen die iemand in de auto nodig kan hebben. Een ijsje mocht, een ijstaart niet. Hebben ze ook pakken koffie of tandpasta in de aanbieding, dan mag dat alleen op de tijden die ook voor een gewone winkel gelden. Niet op zondag en van maandag tot en met zaterdag van negen tot 18.30 uur (zaterdag vijf uur) en in totaal ook nog eens niet meer dan 55 uur in de week.

“Dat betekende dat tot voor kort bepaalde artikelen achter een rolluik verdwenen zodra die tijd om was”, vertelt Joop ten Have van Fina Nederland. “Rolluiken aangesloten op computers van beveiligingsfirma's, zodat de tijden officieel konden worden overgelegd aan de instanties.” De pomphouders boden de artikelen aan op tijden dat daar vraag naar was, bijvoorbeeld in de ochtendspits wel sigaretten, dan twee uur lang niet, dan in de lunchtijd weer wel, enzovoorts. Om die 55 uur dat ze in de aanbieding mochten zo goed mogelijk te gebruiken. “Het gevolg was echter dat de klant geen idee meer had wanneer hij wat kon krijgen.”

Verder was het volstrekt onduidelijk voor de pomphouders wat nu wel en niet een 'weggebonden artikel' was. “Die nogal vage regel heeft een hoop geharrewar opgeleverd.” Menige rechtszaak is gevoerd door de belangenorganisaties van de pomphouders over wat wel of niet een boete opleverde. “Eén mars mag wel, maar een familiepak met 20 kleine marsjes niet. Dan komt er iemand die zegt: ja, maar wij zitten met zijn vieren in de auto, we willen die kleine marsjes. Weer een rechtszaak erbij. Of het ging om de bonbons, in dichte verpakking mag wel, maar met een ruitje erin, is een cadeau en mag niet. Tandpasta is ook verboden. Het was gewoon niet meer te volgen. Zelfs over de puntzakken drop is jurisprudentie, die mochten uiteindelijk wél.”

Ruim tien jaar geleden hebben een aantal oliemaatschappijen ook al een tijd lang een ruim assortiment produkten uit de supermarkt aangeboden, “maar die experimenten zijn een zachte dood gestorven,” zegt Ten Have. Dat er met de oude wet lokaal nogal de hand gelicht werd, kan niemand verbazen. En nu het einde aan alle beperkingen in zicht is gekomen met het huidige paarse kabinet, zien de pomphouders een nieuwe kans.

GEMAKSWINKEL Wie daarvan een revolutie verwacht, wordt overigens teleurgesteld, het aanbod in de Fina-shop is gering en de prijs is zeker vijf procent hoger dan in een gewone zaak. Een buurtsupermarkt is de pompshop niet. Ten Have legt uit dat het ook zeker niet de bedoeling is om supermarkten concurrentie aan te doen. “Het is een lelijk Engels woord, maar het is niet te vertalen: we willen een 'convenience' winkel zijn.” Een gemakswinkel voor de klant die iets kleins vergeten is bij het doen van boodschappen of die onverwacht visite krijgt. Daarop is het assortiment dan ook vastgesteld. “Met een groep zijn we bij elkaar gaan zitten en hebben alle produkten opgeschreven die je in zulke gevallen nodig kúnt hebben. Dat is bijvoorbeeld het pak koffie, maar ook de suiker en het kleine pakje koffieroom. Dat zijn de luiers, maar dan niet de grote verpakking voor 35 gulden, maar een klein pakje, net genoeg om de zondag door te komen.”

GOEDKOPER GVA, grootverbuik Ahold, is leverancier van een deel van de produkten. Daarin ligt het enige verschil met de Shell-stations die met Albert Heijn zelf in zee gaan en tevens kleine supermarktjes willen gaan maken van hun pompwinkels. Shell onderhandelt nog over de exacte invulling, maar naar alle waarschijnlijkheid zal daar het AH-huismerk in de schappen komen, waardoor de Shell-winkel goedkoper zal zijn dan de Fina-shop, die de 'echte' A-merken heeft.

Ten Have overigens denkt niet dat mensen hun pomp daar op den duur op zullen gaan afstemmen. “Kijk, het zijn nooit mensen die voor de dagelijkse boodschappen naar de pomp gaan, ook niet bij Shell. Dat is gewoon niet waar de olieconcerns op mikken. Iemand die spullen uitzoekt op prijs, komt hier niet terecht. Het gaat gewoon om de klant die iets vergeten is, of die onverwacht bezoek krijgt, die willen we van dienst zijn.”

De hoofdactiviteit blijft natuurlijk gewoon 'het buitengebeuren', aldus Ten Have en hij wijst naar de pompen. Maar Fina verkocht tot voor kort slechts vijftien procent van de omzet van de 'shop' aan mensen die niet komen tanken. “Dat ging om de buurtbewoners die een ijsje komen halen.” En die omzet moet nu omhoog. Twee weken zijn ze open in Velserbroek en Ten Have meldt: “Echte resultaten hebben we natuurlijk nog niet te melden, maar één ding is opvallend: de lang houdbare melk en de vla verkopen goed.”

mailIcon print |