*

 
dossier

Archief

Mario van der Ende redt Utrecht - Feyenoord

MATTY VERKAMMAN − 09/02/98, 00:00

UTRECHT - Mario van der Ende heeft gistermiddag bij FC Utrecht-Feyenoord (2-3) zijn aanwijzing voor het WK-voetbal van een uitroepteken voorzien. De Haagse arbiter bevestigde in eigen land de absolute nummer één te zijn door deze moeilijke, uiterst explosieve wedstrijd toch nog in de hand te houden.

Dat was een prestatie van formaat van Van der Ende, want de spelers leken vanaf de eerste balomwenteling op stieren die te lang in een donker hok waren opgesloten en eenmaal losgelaten alles en iedereen te lijf wilden gaan. Van der Ende begreep van meet af aan dat hij van doen had met een collectief gezelschap booswichten. In een gemiddelde eredivisiewedstrijd schommelt het aantal overtredingen over negentig minuten tussen de 25 en 35. Over de veertig is fors, bij vijftig loopt het al aardig uit de hand. Utrecht-Feyenoord eindigde met precies zeventig overtredingen. Dat is excessief veel, maar door zijn scherpe manier van fluiten voorkwam de scheidsrechter dat de wedstrijd compleet ontspoorde.

Van der Ende zag de soms bizarre vormen van agressie slechts enkele minuten aan. Hij begreep direct dat hier bijna alle spelers op het ook nog eens riskante veld de grenzen van het toelaatbare ruimschoots wilden overschrijden. Derhalve gaf hij in de derde minuut al geel aan Jean-Paul de Jong, de Utrechtse kaarten-recidivist die net een uurtje mee mocht doen en maar liefst negen overtredingen maakte. De Jong was de schoffelkampioen, maar ook andere spelers gingen veelvuldig over de schreef. Aan de kant van Feyenoord (in totaal 33 overtredingen) werden de meeste free kicks veroorzaakt door Claeys (6), Van Gastel (5), Bosvelt (5) en Schuiteman (4). Na De Jong waren bij Utrecht (in totaal 37 overtredingen) de grootste boosdoeners Van Mol (7), Beekink (6), Lawson (5) en Witschge (4).

Utrecht - Feyenoord stond vooral in de eerste helft bol van de wederzijdse vijandigheid, maar dankzij het bluswerk van Van der Ende, werd het al met al ook een meeslepend gevecht. Met een mindere arbiter lopen wedstrijden van deze soort gemakkelijk uit de hand. Nu was alsnog de slotconclusie dat het een enerverende, Engels aandoende voetbalmiddag was geweest. Dat Feyenoord heel ver meeging in de hardhandige aanpak van de tegenstander, wees er nog eens op dat de Rotterdamse club alles op alles zet om aan het wel degelijk op de loer liggende noodlot van te missen Europees bekervoetbal te ontkomen. Een nederlaag in Utrecht, waar tien jaar lang niet was gewonnen, zou dat scenario weer wat hebben bijgekleurd. Ook al omdat volgende week opnieuw een zware uitwedstrijd wacht, bij FC Twente, was het gisteren voor het team van Leo Beenhakker een heel belangrijke wedstrijd.

Don Leo is in de loop der jaren wel wat gewend geraakt, maar nieuw voor hem is dat hij de broodnodige punten moet pakken met een team dat feitelijk in opbouw is. Gisteren werd met twee nieuwelingen gestart: de Georgiër Georgi Demetradze als rechtsbuiten en de Ghanees Christian Gyan als rechtsback en later als centrale verdediger. In de tweede helft kwam er met de jonge rechtsback René Bot uit het tweede elftal nog een derde debutant bij. Waar Feyenoord dit seizoen toch al niet zo soepel draait, leek een hoeveelheid van drie nieuwelingen riskant, maar in de praktijk van de zware wedstrijd deed de één het zowaar nog beter dan de ander. Demetradze, door voorzitter Van den Herik tijdens de nieuwaarsreceptie gepresenteerd als 'de betere Babangida', was vooral in de eerste helft gevaarlijk. Hij is snel en wendbaar. Gisteren prepareerde hij de 1-2 die door de scherpe Julio Ricardo Cruz werd geproduceerd. Even eerder had Gyan met een diepe bal op Cruz de gelijkmaker ingeleid. Er was een veel discussie oproepende openingstreffer van Michael Mols aan voorafgegaan. De spits in vorm, die door bondscoach Guus Hiddink werd bekeken en mogelijk een kandidaat is voor de Oranje-trip naar Amerika, nam de bal met de hand mee. Van der Ende kon die overtreding niet zien, waarna Feyenoord in woede ontstak omdat grensrechter Hubers niet corrigerend optrad.

Feyenoord werd na de rust heel lang onder druk gezet. Die zware druk riepen de gasten mede over zich zelf af, omdat vooral Henk Vos tekortschoot bij tal van counterkansen. De linksbuiten strafte het geblunder van de Utrechtse afweer kort na de rust eerst nog wel af met een treffer, zijn eerste voor de competitie van dit seizoen. Vos raakte nadien de paal en de lat - eerder had Sanchez de bal ook al van paal naar paal en ten slotte in handen van Wapenaar zien rollen - maar Vos vergooide ook drie opgelegde kansen.

Feyenoord kwam in de problemen nadat Van Mol na een kopbal op de paal van de sterk debuterende Schot Booth voor 2-3 had gezorgd. Utrecht, met trainer Mark Wotte voor het eerst in de competitie op de bank, had twintig minuten de tijd om gelijk te maken. Er kwamen kansen, Van der Gaag raakte met een sterke kopbal ook al de paal, maar zelfs het inbrengen na maandenlange blessure-ellende van Van Loen liet het scorebord niet meer naar 3-3 verspringen. Het had wel zomaar gekund. En Beenhakker wist waarom. “Eerst verloren we Van Bronckhorst met een enkelblessure en vervolgens ook zijn vervanger Sanchez met een enkelblessure. Korneev was geblesseerd en dus kwamen we voetballend vermogen tekort.”

Dat was waar; in de wedstrijd waar het bovenal om vechtvermogen ging.

mailIcon print |