Van een onzer verslaggevers DEN HAAG - Het gerechtshof in Den Haag heeft gisteren het onderzoek gesloten tegen drugsbaron Kobus L. en tien mede-verdachten. L. zei in zijn slotwoord dat hij onschuldig is. “Ik ben geen drugshandelaar en heb me daar nooit mee beziggehouden. De politie heeft mij gebruikt.”
Op de slotdag van het maandenlange proces deed de advocaat mr. Tj. van der Spoel een beroep op het hof om een einde te maken aan de 'mensonterende' opsluiting van zijn cliënt in de zwaarbeveiligde inrichting (TEBI) in Vught. L. verblijft daar, onder zware beperkingen, sinds september 1994.
Behalve L. ontkenden ook de overige verdachten dat zij bij omvangrijke drugshandel en witwas-operaties betrokken zouden zijn geweest. Eén van hen uitte felle kritiek op de lange duur van de processen, die februari '95 voor de Rotterdamse rechtbank begonnen en later een vervolg kregen voor het hof in Den Haag. “Ik heb in deze zaak al langdurig in het huis van bewaring gezeten en probeer sinds ik vrij ben weer een plek in de maatschappij te verwerven”, zei de man, tegen wie 2,5 jaar gevangenisstraf is geëist. “Zo heb ik orders voor de export van 150 000 kilo waspoeder naar Bosnië en 200 000 luiers naar Wit-Rusland. Maar als justitie haar zin krijgt, moet ik terug naar de cel en zijn de resocialisatie-programma's zinloos geweest.”
Het hof doet 11 februari in alle zaken uitspraak. Centraal staat de vraag, of de deal die justitie medio 1993 met kroongetuige Helio S. maakte, rechtmatig is. Hij legde tal van belastende verklaringen af over Kobus L. en werd als tegenprestatie niet vervolgd voor de ernstige, strafbare feiten waarvan hij zelf werd verdacht. S. werd overigens in december '93 door onbekenden doodgeschoten. De rechtbank in Rotterdam hechtte eerder veel waarde aan zijn verklaringen, die in belangrijke mate ook bijdroegen aan de veroordeling van L. in 1995.
Van belang is verder de vraag, of de informatie die het OM over een infiltratie-actie lange tijd heeft verzwegen, tot een niet-ontvankelijkheid moet leiden. Procureur-generaal mr. C. Flint-van Noord heeft deze fout voor het hof erkend, maar meent dat die geen invloed mag hebben. “Het OM is één en ondeelbaar, de infiltratie is alsnog in het proces gebracht en daarmee is aan alle eisen voldaan. Bovendien is de bewuste informatie niet willens en wetens verzwegen.”
De openbare aanklagers hebben tijdens de processen telkens toegegeven dat het onderzoek naar L. alsmede het verzamelen van bewijsmateriaal uiterst moeizaam is verlopen. Uit vrees voor represailles van de als 'gewelddadig' omschreven L. zouden getuigen en mede-verdachten niet zelden de waarheid uit de weg zijn gegaan. Het feitelijke bewijsmateriaal zou hierdoor 'flinterdun' zijn.
Het onderzoek en de processen tegen L. en zijn organisatie hebben ettelijke miljoenen guldens gekost. Zo moest onder meer een groot deel van de bijna 84 000 telefoontaps worden uitgewerkt en werd eerst de rechtbank en vervolgens het hof tijdens de zittingen door een arrestatie-eenheid bewaakt. L. zelf werd vanuit de Tebi beurtelings met een gepantserde auto of helikopter naar de justitiegebouwen vervoerd.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.