Paul McCartney componeerde drie jaar geleden, bij het honderdjarig bestaan van de Britse platenmaatschappij EMI, de symfonie Standing Stone. Volgens de componist ging het werk over zijn leven en de Celtic-roots. Volgens zijn opdrachtgever, toenmalig EMI-topman Sir Colin Southgate, behandelde het stuk echter 'geschiedenis en toekomst van het bedrijf'.
Waar opdrachtgever en componist al verschilden over de betekenis van Standing Stone moet aangenomen worden dat in het instrumentale muziekstuk geen ruimte was gereserveerd voor een toekomst met fusiepartner Time Warner. Dat was, om in de woorden van EMI's troetelkind McCartney te blijven, nu net een 'stepping stone' te ver.
Vier jaar deed Paul McCartney er over het stuk te schrijven, de fusie tussen EMI en Time Warner is heel wat sneller in elkaar gezet. Kreeg Sir Paul McCartney de opdracht tot het schrijven van de symfonie op grond van zijn vriendschap met Sir Colin, de fusie tussen de Britten en de Amerikanen loopt eveneens via persoonlijke relaties.
Ongetwijfeld onder het genot van een mooi muziekje lijkt de fusie gecomponeerd door Roger Ames (Time Warner) en Ken Berry (EMI). Ames, de hoogste baas van Warner Music, zit een halfjaar bij Time Warner en stapte vijfentwintig jaar geleden via EMI de muziekindustrie binnen. Tussen zijn huidige werkgever en EMI had hij de leiding over de muziekafdeling van Polygram. Toen Philips Polygram aan Seagram verkocht moest Ames zich een tikkie ongelukkig hebben gevoeld. Hij ventileerde dat bij vriend Ken Berry en die trachtte hem over te halen naar EMI over te stappen. Ames is nu niet naar EMI overgestapt, maar heeft Time Warner simpelweg meegenomen naar EMI. Berry en Ames zijn verenigd.
De eerste heeft de dagelijkse leiding bij Warner EMI Music, Ames wordt op afstand zijn baas als bestuursvoorzitter.
Tot dit weekeide gold EMI als een concern dat met enig succes, vooral gebaseerd op klappers als de Spice Girls, zijn ruim honderdjarige zelfstandigheid zou weten te bewaren. De inmiddels van het toneel verdwenen Sir Colin wist steevast overnames tegen te gaan. De Duitse uitgever Bertelsmann klopte tevergeefs aan. En in mei 1997 nog was het Canadese Seagram een kaper op de Britse kust. Maar de Canadezen besloten door te reizen naar Eindhoven en kochten van Philips Polygram. De markt leek daarna tot rust te komen. Vijf grote spelers, Seagram, Sony, Bertelsmann en Time Warner verdeelden de markt zonder dat er één grote dominante speler was. Daarin is sinds dit weekeinde verandering gekomen. De nummers drie en vier op de lijst, EMI en Time Warner, klimmen samen naar de toppositie. En aangezien hun marktaandeel net boven de 27 procent uitkomt, kunnen alleen de Amerikaanse en Europese 'kartelpolities' de stijging met stip nog doorhalen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.