Van een onzer verslaggevers ENSCHEDE - Blijven de ministers Sorgdrager en Borst bij hun afhouden van wetgeving inzake het klonen van mens en dier, dan ontstaat de kans dat er ten slotte op dezelfde ondemocratische manier een regeling komt als gebeurd is met euthanasie.
Meestal volgt de rechterlijke macht de politiek, maar als die het laat afweten, gaat de rechter zijn eigen gang. Dat meent de Twentse bestuurskundige Bernard Steunenberg. Hij is verbonden aan de Nederlandse Onderzoeksschool voor de Bestuurskunde, een samenwerkingsorgaan tussen de Universiteit Twente en vijf andere universiteiten.
Steunenberg komt met zijn waarschuwing op basis van een studie die verscheen in het British Journal of Political Science naar de wijze waarop de regeling inzake euthanasie in Nederland totstandkwam.
Doordat de politiek niet in staat was met wetgeving te komen, ontstond er ruimte voor de rechterlijke macht om via het scheppen van jurisprudentie een regeling te treffen. Daaruit blijkt dat de rechterlijke macht in Nederland niet neutraal is. “Het blijken mensen van vlees en bloed. De arresten van de Hoge Raad en enkele gerechtshoven bewogen zich weliswaar binnen een door de politiek bepaalde bandbreedte, maar democratisch was de regeling daardoor allerminst.”
“Het was een gemiste kans voor de politiek”, zegt Steunenberg. “Ik sluit niet uit dat de jurisprudentie bij andere ethische kwesties, zoals medische ingrepen bij de voortplanting of het klonen van mens en dier, eveneens de politiek inhaalt. De kans daarop is kleiner, omdat het CDA nu geen deel uitmaakt van de coalitie. Maar de mogelijkheid bestaat dat de christen democraten terugkeren in een kabinet. PvdA en VVD weten dat zij misschien opnieuw met het CDA als coalitiegenoot te maken krijgen. Wetgeving vergt veel tijd en misschien is er tegen de tijd van presentatie in de Kamer alweer een andere coalitie.”
Het komt weinig voor dat een Nederlandse bestuurskundige met een Nederlands onderwerp toegang krijgt tot een blad als het British Journal. In zijn artikel lanceert Steunenberg de hypothese dat de rechterlijke macht bij politieke inertie haar eigen gang gaat. Hij staaft dat met een historische analyse van bijna 20 jaar politiek euthanasiedebat. “Strafbaar stellen of niet? Toestaan onder bepaalde voorwaarden? Uiteindelijk ging de rechterlijke macht als het ware op de stoel van de wetgever zitten.”
Steunenberg noemt de rechterlijke macht daarom een politiek activist. “Actiegroep vind ik te zwaar uitgedrukt, want ik heb geen aanwijzingen dat de rechterlijke macht op voorhand al wist waar hij zou uitkomen. Het was meer een wedstrijd tussen twee beleidssystemen. Als de wetgever geen haast maakt, geeft hij het stokje aan de rechterlijke macht. Het kabinet belandde in een patstelling, doordat de rechter vanaf het begin van de jaren '80 het initiatief nam. Het CDA wilde geen regeling, waardoor er geen compromis binnen het kabinet bereikbaar was. Zodra de rechter sprak, stond de Kamer buiten spel.”
“Het CDA heeft zich dus als gevolg van zijn vasthoudendheid tegen euthanasie, waarschijnlijk onbedoeld, verantwoordelijk gemaakt voor de bestaande regeling. Maar na 1993 liet ook het paarse kabinet na iets te regelen. In het regeerakkoord werd gekozen voor de lange baan, waardoor de Hoge Raad de zaak voorlopig beklonk in een meer liberale zin. Zo bleef de situatie bestaan waarbij euthanasie door de rechter wordt geregeld. Wél bleef de rechter daarbij binnen de bandbreedte die werd geschapen door de verschillende standpunten van de coaltitiepartijen.”
“In 1993 aanvaardde het parlement na 15 jaar debatteren een wettelijke basis voor de huidige procedure die artsen moeten volgen in het geval van euthanasie. De handeling bleef in het strafrecht en is nog steeds een misdaad. Er is dus geen wettelijke regeling van euthanasie, maar er is wel een gedogen van de lijn die met de ontstane jurisprudentie was ingezet. De arts die euthanasie toepast, gaat aldus onder bepaalde omstandigheden en onder nauwomschreven voorwaarden, vrijuit.”
Of de rechterlijke macht het erop heeft aangelegd daar uit te komen betwijfelt Steunenberg. “Elke rechterlijke uitspraak was gebaseerd op voorafgaande, waarbij de euthanasie sinds 1984 als een zorgvuldige handeling van de arts in een noodsituatie werd gezien.”
Steunenberg woonde, toen hij het artikel voor het British Journal schreef, in Amerika. “Men dacht daar dat de euthanasie-wetgeving in Nederland veel liberaler was dan in werkelijkheid het geval was. Ook in de VS worstelt men met een regeling van deze zaak. Maar of Nederland als voorbeeld kan dienen, is voor mij een vraag. Zoals het in Nederland is gegaan, is typisch voor een parlementair systeem als het onze. In de VS heb je meer te maken met individueel handelende politici. Maar je ziet ook dat de rechter er meer dan hier zelfstandig handelt binnen het systeem.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.