Een rechtbank in de Kroatische hoofdstad Zagreb beslist vandaag of de voormalige kampbeul Dinko Sakic moet verschijnen op het proces dat vandaag tegen hem begint.
De 77-jarige Sakic is sinds de onafhankelijkheid van Kroatië de eerste die voor misdaden van het Ustasjabewind voor de rechtbank moet verschijnen. Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor de dood van tenminste 2 000 mensen en riskeert de hoogste straf in Kroatië: twintig jaar cel. Maar volgens zijn advocaat is het onwaarschijnlijk dat Sakic verschijnt, omdat hij gisteren ziek werd opgenomen in het gevangenishospitaal in Zagreb.
In de Tweede Wereldoorlog was Sakic commandant van het beruchte concentratiekamp Jasenovac. In dit 'Auschwitz van de Balkan' zijn honderdduizenden joden, Serviërs en zigeuners vermoord, en ook Kroaten die tegen het fascistische Ustasjabewind waren. Sakic zegt trots te zijn op zijn verleden, en beweert dat de slachtoffers stierven aan tyfus.
De zaak wordt gezien als een kans voor Kroatië om met zijn oorlogsverleden in het reine te komen. Totdat Kroatië zich in 1991 afscheidde van Joegoslavië, beschreven de geschiedenisboeken, onder druk van de Serviërs, de misdaden van het fascistische regime. De huidige regering heeft zich echter nooit gedistantieerd van dat bewind. De door de Kroatische regering gecontroleerde pers houdt nu vol dat het dodental in Jasenovac niet hoger was dan 85 000; president Franjo Tudjman spreekt zelfs van 50 000 doden. Het Simon Wiesenthal Centrum houdt het op een half miljoen slachtoffers.
Sakic ontvluchtte Kroatië in 1944. Drie jaar later vestigde hij zich in Argentinië. Vorig jaar werd hij ontdekt en uitgeleverd.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.