*

 
dossier

Archief

Natuur deze week

HENK VAN HALM − 02/09/00, 00:00

De zomer zit erop, maar de herfst is nog niet echt begonnen. Een enkele berk is al aan het vergelen en veel lijsterbessen hebben de helft van hun blad verloren. Maar in de bossen zijn nog maar weinig paddestoelen te vinden.

Een zwam die op de pleistocene zandgronden in zomer en herfst algemeen op de heide en in de bossen voorkomt is de aardappelbovist, een bolvormige paddestoel, die een opmerkelijke gelijkenis vertoont met een aardappel.

Een laatbloeier is de zulte, een lila bloeiend zusje van de herfstaster, dat met name groeit op opgespoten terreinen en op kwelders, in het algemeen op plaatsen waar zout in de bodem zit. Zulte of zeeaster wordt hier en daar als groente gegeten.

De zeewinde is een zeldzame plant van de zeereep. De bloemen zijn grote purperen kelken aan kruipende stengels met honderden kleine niervormige bladeren.

De grijsbruine koollangpootmuggen zwermen nu. Na de paring leggen de vrouwtjes eitjes in de grond, waarbij ze gebruik maken van een spitse legboor. De larven zijn de om hun schadelijkheid beruchte emelten.

Op de Wadden pleisteren honderden zilver- en goudplevieren op doortrek. De vogels zijn merendeels nog in zomerkleed, met zwart gezicht en zwarte borst en buik.

De goudhaantjes hebben hun broedplichten achter de rug. Ze verlaten de sparrenbossen, waarin ze nestelden, en komen nu ook in de stadstuinen, plantsoenen en parken, waar ze in de zomer ontbreken.

Ook de eerste trekkende roodborsten zingen op plaatsen waar ze 's zomers niet gezien worden.

Lepelaars verzamelen zich voor de herfsttrek in de Mokbaai op Texel, op het Balgzand bij Den Helder, in de Oostvaardersplassen en de Delta.

Er zijn nog veel meerkoetenparen met heel jonge kuikens.

mailIcon print |