*

 
dossier

Archief

Nederland geen koploper in toelaten asielzoekers

Door: redactie − 21/01/98, 00:00

Van een onzer verslaggevers AMSTERDAM - Nederland laat veel minder asielzoekers toe dan de ruim zestig procent waarvan sprake is in het jaarrapport 1996 van de Hoge commissaris van de Verenigde Naties voor vluchtelingen (UNHCR). De 'koppositie' die Nederland op grond van deze cijfers zou innemen in Europa is gebaseerd op onjuiste gegevens van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND).

De verantwoordelijke statisticus van de UNHCR is op het verkeerde been gezet door het aantal door de IND opgegeven afgewezen asielzoekers. Volgens het UNHCR-rapport 'State of the world's refugees' werd in 1996 het verzoek van 15 297 asielzoekers afgewezen, terwijl in het jaarverslag van de IND over dat jaar een getal genoemd wordt van 51 686, een verschil van ruim 36 000 afwijzingen. In werkelijkheid werd derhalve niet ruim zestig procent toegelaten, maar slechts 28,1 procent: 23 590.

Van de toegelaten asielzoekers kregen er in 1996 8806 de A-status van erkend politiek vluchteling, 7384 een verblijfsvergunning op humanitaire gronden (een VTV of C-status) en 7400 een voorwaardelijke vergunning tot verblijf (een gedoogden- of ontheemdenstatus). Dat jaar zijn 8795 asielzoekers vertrokken of trokken zij hun asielverzoek in.

Een woordvoerder van de Hoge commissaris voor vluchtelingen in Genève heeft nog geen verklaring voor de onderling afwijkende cijfers in de jaarrapporten van IND en UNHCR. Wel bevestigde hij dat er deze week overleg plaatsvindt over deze zaak.

In een intern stuk, gedateerd 19 december 1997, bijna twee weken na publicatie van het UNHCR-jaarrapport in diverse dagbladen, geeft de IND toe dat de cijfers onjuist zijn. “De UNHCR baseert het percentage (toelatingen) op een onjuist cijfer.” Daarbij laat de IND in het midden wie verantwoordelijk is voor die fout. De immigratiedienst verzuimde overigens Genève op de hoogte te stellen van de fout.

Een woordvoerster van de IND zegt de verschillen te kunnen verklaren door te wijzen op het feit dat er gemakkelijk verwarring ontstaat over de cijfers, doordat de UNHCR uitgaat van besluiten in eerste aanleg, terwijl de IND-cijfers alle besluiten in dat jaar, inclusief bezwaren en beroep, bevatten. Maar als dat waar is, zouden ook de IND-gegevens over 1996 met betrekking tot het aantal toelatingen moeten afwijken van die van de UNHCR. En dat is niet zo. Bovendien stemmen de getallen over het aantal afwijzingen uit voorgaande jaren volledig met elkaar overeen.

Ahmed Pouri van Prime, een organisatie die opkomt voor de belangen van met name Iraanse vluchtelingen, ontdekte de fout. Hij werd anoniem bedreigd na publicatie van het UNHCR-rapport waarin Nederlands asielbeleid zo ruimhartig leek.

- Pagina 4: “Nederland moet meer Algerijnen opnemen”

mailIcon print |