De Israëlische premier Ehoed Barak toonde zich gisteren zijn zelfverzekerde zelf, vol vertrouwen dat hij de regeringscrisis met de Sjas-partij zal weten op te lossen.
Sjas kondigde gisteren aan uit de coalitie te stappen, waardoor de regering haar meerderheid zou kwijtraken. De rabbijnen van de religieuze partij hadden daartoe gisterochtend in een telefonisch rondje besloten omdat er nog altijd geen akkoord is over de financiering van hun Sjas-scholen. De religieuze leider van de oriëntaalse partij, de voormalige opperrabbijn Ovadja Joseef, zou al enige tijd genoeg hebben van de wijze waarop er met zijn partij wordt gesold.
Sjas heeft haar aanhang vooral onder de armere oriëntaalse Joden en is met zeventien zetels de derde partij in grootte. Zij heeft zich de laatste jaren weten op te werken als factor van betekenis juist dankzij haar sociale activiteiten in de arme buurten en haar eigen schoolsysteem, waarbij de kinderen de hele dag onderdak zijn, en een warme maaltijd krijgen. Daarbij heeft Sjas niet op de centen gelet, met als gevolg dat de partij enorme schulden heeft. Zij eist nu zestig miljoen extra voor haar scholen en nog eens 140 miljoen extra voor haar ministeries, sociale zaken en gezondheidszorg.
Onder vorige regeringen heeft Sjas haar politieke trouw altijd goed weten te verkopen. Ook bij de formatie deze zomer was het duidelijk dat Sjas bereid was tot regeringsdeelname als daar een behoorlijke vergoeding tegenover stond. Maar Barak en met name de minister van onderwijs, Jossi Sarid van de linkse Meretspartij, eisten dat Sjas orde op zaken zou stellen in eigen huis. Deels is dat geschied. Maar met nog vier dagen te gaan voor het jaarlijkse begrotingsdebat, wil Sjas dat de regering nu over de brug komt. Barak leek Sjas zondag te slim af te zijn door een akkoord te sluiten met enkele oppositiepartijtjes, zodat de begroting er door zou komen, ook zonder Sjas. Dat nu is Sjas in het verkeerde keelgat geschoten.
De partij weet dat Barak haar niet kwijt wil, zeker niet nu Israël een kritiek jaar tegemoet gaat op het vredesfront. Rabbijn Joseef geldt als politiek gematigd en kan bij de beslissing over de vredesregeling de doorslag geven, temeer daar alle zeventien parlementsleden van Sjas hun geestelijk leider trouw gehoorzamen.
Maar ook Sjas kan niet zonder het regeringspluche en de bijbehorende centen. Anders dreigt haar hele netwerk als een kaartenhuis in te storten, en verliest zij haar achterban en macht.
De politieke rotten in Jeruzalem zien de crisis als het bekende spierballenspel dat altijd in de begrotingsweek wordt opgevoerd. Met het voorbehoud dat de politiek in Israël nooit helemaal voorspelbaar is.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.