ERM - De 38-jarige Yep Kramer had sinds zijn juniorentijd nooit meer het genoegen mogen smaken van een Nederlandse titel. Vaak mocht hij als langebaanschaatser aan de eerste plaats ruiken, maar op het hoogste trapje van het podium stond hij nooit. Afgelopen zaterdag rekende Kramer op Ermerzand af met het 'Zoetemelk-gevoel' en eiste hij na 100 kilometer het Nederlands marathonkampioenschap op natuurijs voor zich op.
“Het is een heel gek gevoel dat er niemand meer naast komt. Ik kan het bijna niet geloven dat ik nu na tien schaatsmarathons eindelijk een belangrijke titel te pakken heb,” vertelde een dolgelukkige Kramer na afloop van het kampioenschap, dat in een recordtempo van twee uur 38 minuten en 45 seconden werd afgelegd.
In het begin van de wedstrijd, die over dertig ronden van 3333 meter ging, zag het er niet naar uit dat Kramer in de voorste linies zou eindigen. De schaatser uit Oudeschoot miste de start volledig. Zonder aankondiging van de speaker probeerde de Drentse commissaris van de koningin, Relus ter Beek met een weigerend pistool de 93 marathonschaatsers weg te schieten. Toen de eerste rijders vertrokken, kregen Lammert Huitema en Yep Kramer van omstanders te horen dat ze als de sodemieter moesten vertrekken. Kramer over het voorval: “Heel vreemd. Meestal hoor je van de speaker nog vijf minuten of zoiets en nu vertrokken de rijders ineens. Daardoor schaatsten wij helemaal achteraan en moesten we ons trainingspak al rijdend uittrekken en de veters onderweg nog een keer aantrekken. Belachelijk. Daarna moet je dat hele lange lint van rijders nog voorbij, terwijl onder andere Arnold Stam al met een groepje was gedemarreerd.” De mannen van de Klerk's ploeg, Piet Kleine en Kramer, verspilden veel energie door het gat weer dicht te rijden. Na veertig kilometer ontstond er opnieuw een kopgroep. Hierin waren drie duo's, Hagen en Verduin (Dasia), Bouma en Kromkamp (Netwerk VSP), de broertjes Ruitenberg (pa Ruitenberg) en twee eenlingen, Kramer en De Vries (Van Lingen) vertegenwoordigd. De groep werkte prima samen en bleef uit het zicht van het peloton. Lammert Huitema ontbrak in de voorhoede. De kunstijskoning, die ruim een week geleden nog het Nederlands kampioenschap op kunstijs wist te winnen, staakte na zeventien ronden de strijd, omdat er voor hem geen eer meer te behalen viel. “Ik ga me niet total loss rijden voor een vijftiende plaats. Bovendien lag er erg veel zand op het ijs, waardoor de schaatsen enorm bot werden. Wil ik dan nog vooruit komen, dan moet ik met een prikslag de wedstrijd vervolgen, maar dat kost mij gewoon mijn liezen. Er komen nog genoeg mooie wedstrijden,” zei de ranglijstaanvoerde van het KNSB-cup klassement. Huitema, die Kramer acht dagen geleden nog als een meesterknecht bestempelde en dacht dat zijn ploeggenoot zijn beste tijd had gehad, zag dat Kramer de sterkste en de slimste van de kopgroep was. Voor de laatste bocht ging Peter de Vries onverwacht de sprint aan, maar Kramer ging diep zitten en kwam er met grote klappen overheen. Hij liet zich niet meer verrassen en kwam voor De Vries en RenĂ© Ruitenberg over de finishlijn. Kramer, die voor het tiende seizoen in het Klerk's pak rijdt, vond het niet ongunstig dat hij in zijn eentje in de kopgroep terecht was gekomen. “De duo's moesten elke demarrage pareren. Zij moesten alles controleren. Als je in hun spoor mee kunt rijden, verspil je in ieder geval minder krachten.” Kramer erkende dat het aan hem knaagde dat hij sinds zijn juniorentijd nooit een eerste plaats had behaald waaraan een Nederlandse titel was verbonden. “Bij het langebaanschaatsen heb ik veel tweede en derde plaatsen veroverd. Nu schaats ik al weer zo'n tien jaar marathons en nog nooit had ik een NK gewonnen. Dan ga je jezelf toch afvragen, wat er aan mankeert. Daarom kan ik het bijna niet geloven, dat het nu wel is gelukt.” Kramer is wel zo eerlijk om toe te geven dat zijn tijd op het kunstijs voorbij is. “Daarop kan ik nog wel veel werk voor Huitema verzetten, maar niet meer domineren. Op natuurijs gaan andere factoren een rol spelen. Je moet je altijd kunnen aanpassen aan de omstandigheden, want die zijn iedere keer weer anders. Door het zand moet je bijvoorbeeld je slag kunnen veranderen, anders ben je kansloos. Bovendien moet je over het juiste karakter beschikken om door te schaatsen,” meende Kramer.
Ook voor de 28-jarige Peter de Vries was de tweede plaats een complete verrassing. De voormalige Jong Oranje rijder leek op weg naar de kernploeg, maar door een ernstig auto-ongeluk in 1987 was hij een lange tijd uit de roulatie. Aan het begin van dit seizoen sloeg het noodlot echter opnieuw toe. Bij een hoogstestage in Zuid-Frankrijk, begin september, liep de man uit Luxwoude een chronische achillespeesblessure op, die hem tien weken van het ijs hield. De Vries begon pas een kleine drie weken geleden weer met de training, maar kon zaterdag toch met de besten mee. “Deze tweede plaats geeft enorm veel voldoening, al zal het echte besef pas thuis bij de oliebollen naar boven komen. Dit is een prachtige opsteker.” De Vries hoopt dat de Elfstedentocht nog even wegblijft. “Daar ben ik nu nog niet klaar voor, want na deze wedstrijd heb ik een paar dagen nodig om te herstellen. Maar ik zou die tocht graag willen meemaken. De helden worden op natuurijs geboren. Ook het publiek vindt het prachtig, want die zitten met hun neus op de televisie en denken: 'wat een bikkels'. Die trotseren de kou, wind en scheuren. Bovendien ben je onsterfelijk, als je wint. Natuurijs spreekt bij iedereen veel meer aan dan kunstijs.”
Bij de vrouwen werd Gretha Smit de nieuwe Nederlandse kampioene marathonschaatsen op natuurijs. Halverwege de 60 kilometer mislukte een ontsnappingspoging van haar twee jaar jongere zusje Jenita (21). Gretha Smit won met ruim een minuut voorsprong op titelverdedigster Laura Kamminga. Marjan Mager eindigde als derde.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.