Het stuk over Ruusbroec (Trouw, 9 december) bevat twee slordigheidjes.
Citaat 1: ,,Tegen Bloemardine schreef Ruusbroec zijn eerste traktaten. Niet in het Latijn, maar in het oud-Nederlands, opdat ontwikkelde leken het konden begrijpen.' Dit klopt niet. Naast het Latijn, de taal van wetenschap en godsdienst in die tijd, gebruikten schrijvers soms ook hun moedertaal, de volkstaal, om hun verhaal op schrift te zetten. Die moedertaal was niet 'het oud-Nederlands' (want dat bestond helemaal niet meer in Ruusbroecs dagen), maar het Brabants van de veertiende eeuw. Citaat 2: ,,Jan van Scoenhoven, een oud-leerling van de Vlaming.' Ruusbroec is geboren en getogen in het hertogdom Brabant, en woonde er zijn hele verdere leven. Hij was dus allerminst een inwoner van het graafschap Vlaanderen. In de veertiende eeuw maakte dat nog een wereld van verschil uit.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.