*

 
dossier

Archief

'Religie geeft oog voor het onbeheersbare'

Door: redactie − 04/02/00, 00:00

De Haagse remonstrantse predikant Johan Goud is onlangs aangetreden als bijzonder hoogleraar in de wijsgerige theologie aan de Universiteit van Utrecht. Doel van het ruim twee eeuwen oude Haagsche Genootschap, dat hem op deze post heeft benoemd, is het vrijzinnig christendom te verdedigen en te bevorderen. Voor Goud is ook vrijzinnigheid zeer gebaat bij kennis: 'De religieuze toerist zou bijvoorbeeld meer aan de doop beleven, als hij de bijbelse achtergronden van de watersymboliek kende.'

Nooit gingen de zaken sneller vooruit. Alles is in beweging, en niets of niemand is bij machte dit autonoom voortgaande proces een halt toe te roepen. De postmoderne mens is erin gevangen geraakt, is zelf een 'denkende lawine' geworden.''

In dit klimaat is het gevoel voor toevalligheid geradicaliseerd. Tegenwoordig is het gemeengoed dat je religie of religie-loosheid afhangt van de plek waar je wieg stond, dat je persoonlijkheid gevormd wordt door toevallige omstandigheden en gebeurtenissen. Maar ook Freud herleidde de vermoede ongelovigheid van Leonardo da Vinci al tot de vaderloosheid in zijn jeugd en zijn daardoor verworven zelfstandigheid.

Maar is het niet aanstootgevend, vroeg Freud zich vervolgens af, om het levenslot van een mens tot zulke toevalligheden terug te voeren? Nee, antwoordde hij. Want wie het toeval onwaardig acht om over ons lot te beschikken, valt terug op een vroom soort wereldbeschouwing.''

De tegenwoordige mens leeft met het besef van toevalligheid maar is tegelijkertijd religieus. Alleen ziet die religiositeit er anders uit dan vroeger, stelde Johan Goud onlangs in zijn oratie die hij hield ter gelegenheid van zijn bevestiging als bijzonder hoogleraar in de wijsgerige theologie aan de Universiteit van Utrecht.

Goud is benoemd door het Haagsche Genootschap, dat in 1785 is opgericht en zich tegenwoordig de 'verdediging en bevordering van het vrijzinnig christendom' ten doel stelt. Zijn leeropdracht: 'reflectie op de pluralistische en eclectische omgang met religie, zoals deze plaatsvindt in de hedendaagse westerse samenleving'

De remonstrantse predikant leidt het Uytenbogaert-centrum in Den Haag, In dit 'centrum voor religie en cultuur' kunnen geïnteresseerden proeven aan een mengeling van religie, literatuur en kunst.

,,Als alles toevallig is, waarom zou je dan dat ene gezaghebbende verhaal verkiezen en niet de polymythologie, de uit vele bronnen puttende wijsheid? De begrenzing van de ene canon moet wijken voor de vrijheid om te kiezen uit meer tradities.'' In hedendaagse taal: ,,De zoeker klampt zich niet vast op één gegevensbestand, maar klikt een link aan en surft van het ene naar het andere.''

De vrijzinnigheid heeft het geloof ontdaan van niet wetenschappelijk te verdedigen absoluutheidspretenties. Als geloofsvoorstellingen mensenmaaksels zijn, kunnen ook kunst, literatuur en vreemde religieuze beelden inspireren. Ziet u in het post-christelijke reli-surfen een geestverwant?

,,Vrijzinnigen zijn gedeeltelijk geestverwant aan de religieuze knutselaar en zwerver, die onbelemmerd door tradities en instituties de eigen geloofsvoorstellingen en rituelen bijelkaar scharrelen. Want dit surfen veronderstelt scepsis over waarheidclaims en absoluutheidspretenties - zelfs zonder dat men zich daarvan bewust is. Dankzij het besef van de toevalligheid zijn moderne gelovigen geneigd geloofsuitspraken te relativeren. Dit leeft zowel bij de new age-geïnteresseerden als onder christenen. Ik kom mensen tegen die aan astrologie doen en er om moeten glimlachen. Dat is het kenmerkende van de hedendaagse levenshouding: voor mogelijk houden dat het niks is, maar ook niet uitsluiten dat het wel wat is. Astrologie heeft voor hen waarde omdat het betekenis geeft, iets over jezelf vertelt.''

Religie als spel met betekenisvolle metaforen?

Agnosticisme, het inzicht in de onkenbaarheid van geloofswaarheden, mag niet leiden tot de veronderstelling dat religieuze taal alleen maar beeldspraak is. Er is een transcendente dimensie in de werkelijkheid waarop mensen zich van oudsher met woorden en riten richten. Die dimensie spreekt ook in de ethische relatie met anderen. De werkelijkheid hiervan wil ik blijven verdedigen. Je laat het transcendente onvoldoende tot zijn recht komen als je ervan uitgaat dat je ervaringen alleen maar subjectief zijn. Religie is niet alleen maar 'een manier van zeggen waarmee wij de wereld bewoonbaar maken'. Religie is niet vrijblijvend, maar gaat over zaken van leven of dood.''

Hoe verhoudt religie zich tot kunst?

,,Ook het maken van een kunstwerk kan een zaak zijn van leven of dood. Vrijblijvende kunst bestaat niet. Voor sommigen geldt dat creativiteit lijkt op religieuze ontvankelijkheid: je ondergaat het passief. In andermans woorden: 'Kunst ontstaat door samenwerking van God en de kunstenaar en hoe minder de kunstenaar erbij doet, des te beter.' Dat betekent niet dat alle kunst religieus geïnspireerd is. Zo wijst de dichter Kopland de religie af. Toch schuilt het transcendente ook in zijn werk. Hij schrijft over een liedje dat hem als kind zo ontroerde. Het gaat over een vogeltje. 'O zeg, o zeg ons aardig beest, wat toch uw meester is geweest.' Hij analyseert het liedje net zo lang tot in plaats van God alleen een gat is overgebleven. 'Meester' als metafoor voor iets waar je eigenlijk niets over kunt zeggen of voelen. Het transcendente onttakeld. Dat vind ik jammer. De filosofe Nussbaum staat wel open voor die dimensie. Het kinderliedje 'twinkle, twinkle, little star, how I wonder what you are', leert volgens haar kinderen zich te verwonderen over wat er is en over wat verborgen blijft, het drukt een mengelig van nieuwsgierigheid en ontzag uit. Deze gevoelens zijn een must, ze erkennen de niet-vrijblijvende aard van het transcendente.''

Wie zegt: 'Ik ben religieus omdat religie tegemoetkomt aan mijn smaak', is volgens u heilloos bezig. Wat hebt u tegen het 'religieus consumentisme'?

,,Dat onze rijke samenleving vrijblijvende consumptie uitlokt, is duidelijk. Maar bij zowel religie als kunst gaat het erom geraakt te worden. Daarvoor moet je ontvankelijk zijn, openstaan voor iets van buiten. Dat kan pas werkelijk met een ernst die iedere vrijblijvendheid uitsluit.

Wie het bij de eerste sensatie laat, blijft steken in oppervlakkigheid. De religieuze toerist zou bijvoorbeeld meer aan de doop beleven, als hij de bijbelse achtergronden van de watersymboliek kende. Traditie is overgeleverde ervaring en biedt de mogelijkheid de beleving te verdiepen.''

Als de hongerige religie-consument met meer ernst, openheid en kennis van traditie, meer ervaring kan krijgen, zal hij zich hierin proberen te bekwamen. Kun je volgens u religieus zijn zonder te geloven?

,,Geloof in de zin van overgave blijft nodig, vind ik. Niet in niet-wetenschappelijk te bewijzen voorstellingen, wel in een transcendente werkelijkheid, die als het even kan niet in tegenspraak is met de wetenschap. Ik noem dit 'minimaal realisme'. Zo geloof ik in een God die de levende is en mensen niet loslaat.''

Gaat het geloof in engelen of wonderen u te ver?

,,In mijn pastorale praktijk is het vaker voorgekomen dat mensen me in vertrouwen nemen en me - omgeven met mitsen en maren - vertellen over ervaringen. De verschijning van een engelachtige gestalte, het gevoel van een hand op de schouder. Dit heeft steevast diepe indruk gemaakt en is van grote waarde. Het wordt pas problematisch als zo'n ervaring tot strijdpunt wordt verheven, of het wel of niet echt is gebeurd. Dan wordt een engel als bouwsteen van een wereldbeeld gebruikt. Ik heb echter geen probleem met engelen als de vraag naar de status van de engel tussen haakjes wordt geplaatst. In de poëzie, zoals die van Achterberg of Bernlef, treedt de engel wel als metafoor op. Ook bij hen staat de engel voor iets zeer reëels.''

Is radicaal geloof in toeval niet het einde van alle vroomheid, zoals Freud beweerde?

,,Het toevalligheidsdenken blijkt als het geradicaliseerd wordt zelf religieuze trekken te krijgen. Hoe toevalliger de toevalligheid en hoe eindiger de eindigheid gedacht worden, des te ontvankelijker blijken ze voor betekenissen die de toevalligheid en de eindigheid overstijgen.

Oog voor het toeval vergroot de hedendaagse gevoeligheid voor religie. 'Toevalligheid' is een bestaans-ervaring die gelovigen altijd al zagen. Neem Boerhaave die sectie moest plegen op een terechtgestelde misdadiger. 'Salva gratia, behoudens de genade zou ik het kunnen zijn die hier op de snijtafel ligt.' Religie geeft oog voor het fundamenteel onbeheersbare van het leven.

Het begrip van religie vervaagt tegenwoordig steeds meer. Zo verliest de tegenstelling tussen sacraal en werelds haar betekenis. Als een religieuze traditie een toevallige steen heilig noemt, dan kan elke steen een geheim vertellen.

Elke religieuze gedachte loopt uit de hand als hij wordt verabsoluteerd. Zo is karma een manier om het gevoel dat niets toevallig is onder woorden te brengen. Maar net als predestinatie, kan dit begrip ontsporen. Zoals 'toeval' mensen onverschillig kan maken. Ik houd van de uitspraak van Levinas: 'Over God kun je alleen met de knipoog van het raadsel spreken'.''

mailIcon print |