*

 
dossier

Archief

Aantreden wethouder kan buiten raad om

Van onze redactie politiek − 09/12/00, 00:00

Het kabinet wil dat na de eerstkomende landelijke raadsverkiezingen, op 6 maart 2002, wethouders van buiten de raad kunnen aantreden. De ministers hebben gisteren ingestemd met een wetsvoorstel van hun collega De Vries (PvdA) van binnenlandse zaken en koninkrijksrelaties.

Het wetsvoorstel is gebaseerd op de aanbevelingen van de commissie-Elzinga. Die heeft voorgesteld om de bestuurlijke verhoudingen in gemeenteraden (en provinciebesturen) meer te laten lijken op die in de landelijke politiek. Een college van burgemeester en wethouders dat bestuurt, een raad die controleert.

Als gevolg van deze dualisering kan iemand niet langer lid zijn van de gemeenteraad als hij tot wethouder wordt gekozen. Voorts kan iemand als wethouder worden benoemd zonder dat hij eerst in de gemeenteraad is gekozen.

Verder kan de raad besluiten dat een wethouder in een andere gemeente mag blijven wonen. Dat zet de deur van het stadhuis open voor iemand die bijvoorbeeld graag een grote stad bestuurt, maar liever in een kleinere gemeente woont.

Ander element van het wetsvoorstel is dat elke gemeente verplicht wordt een rekenkamer in te stellen, die toezicht houdt op de financiën. Maar dat hoeft niet iedere gemeente apart te regelen. Een clubje gemeenten kan ook besluiten samen een rekenkamer op te richten.

Bij de raadsverkiezingen in 2002 zullen ook voor het eerst de stembureaus een uur langer open zijn: tot negen uur 's avonds. Het kabinet hoopt zo de opkomst te bevorderen.

Als het gaat om de wijze waarop de Tweede Kamer wordt samengesteld, blijft het kabinet weigeren voorstellen te doen. ,,De Tweede Kamer moet daarin zelf keuzes maken'', aldus vice-premier Jorritsma gisteren na afloop van het kabinetsberaad.

Tweede Kamer en kabinet zijn al een tijdje bezig met touwtrekken hierover. De vorige minister van binnenlandse zaken, Peper, stuurde de Kamer vorig jaar december een notitie met een aantal varianten voor kiesstelsels om de invloed van de kiezers op de personele samenstelling van de volksvertegenwoordiging te vergroten. De Kamer moest daaruit maar kiezen.

In februari dit jaar kreeg Peper een kort briefje terug: of het kabinet maar met een eigen standpunt wilde komen waarover de Tweede Kamer zou kunnen praten. Maar Peper bleef erbij dat de Kamer zelf eerst aan zet was.

Ook zijn opvolger De Vries stelt zich op dat standpunt, zo zal hij de Tweede Kamer volgende week in een brief uiteenzetten. Jorritsma: ,,Wij hebben er weinig zin in om allerlei mensen aan het werk te zetten om een wetsvoorstel voor te bereiden, waarvoor vervolgens geen meerderheid te vinden is.''

mailIcon print |