*

 
dossier

Archief

De Amerikaanse rivierkreeft verovert sloten en vaarten, vijvers en grachten

HENK VAN HALM − 18/11/00, 00:00

Er was een moord gepleegd en de dader had het mes in de gemeentevijver gegooid. Dreggen bracht het moordwapen niet boven water. Een vijvergedeelte werd daarom leeggepompt. Tot verbazing van brandweer en politie bleken er honderden rivierkreeften in de modder rond te kruipen.

Dat gebeurde in Amstelveen, waar zoetwaterkreeften tot dan toe onbekend waren. Wel verschenen in het plaatselijke weekblad verontruste berichten over 'enge beesten onder vuilniszakken of rondkruipend in de tuin', die dan onveranderlijk aan gemeentewater grensde.

Ruim een eeuw geleden werd in Duitsland voor de consumptie een rivierkreeft uit Noord-Amerika ingevoerd, die verrassend op de inheemse rivierkreeft leek: Orconectes limosus, al snel bekend als de Amerikaanse rivierkreeft. Het is verwonderlijk dat het eerste exemplaar in ons land pas in 1968 werd gevangen. In 1972 werd de Amerikaanse rivierkreeft waargenomen in het Julianakanaal in Limburg en van daaruit is het dier een onstuitbare opmars over grote delen van Nederland begonnen.

In fuiken

De Amsterdammers Geert Timmermans en Martin Melchers, auteurs van het opmerkelijke boek 'Haring in het IJ' (1991), meldden dat beroepsvissers en muskusrattenvangers in het begin van de jaren tachtig Amerikaanse rivierkreeften aantroffen in hun fuiken in het Amsterdam-Rijnkanaal, de Diem en het Lozingskanaal. Eerst waren het maar een paar exemplaren per jaar, maar in 1985 ging het al om tientallen, in 1986 en 1987 om honderden. In 1988 werden in de Diem en het Amsterdam-Rijnkanaal tot de sluis op Zeeburg minstens duizend kreeften gevangen.

Tot 1991 was de Amerikaanse rivierkreeft in Amsterdam vrijwel beperkt tot de oostkant. Waarschijnlijk via de grachten is het dier in het Nieuwe Meer terechtgekomen en vandaar heeft het zich in zuidelijke richting verder verbreid. Tegenwoordig komt de kreeft voor in vrijwel al het water in en om Amsterdam, dat niet brak of zout is. De kreeften kunnen een tijdje buiten water, wat ongetwijfeld heeft geholpen bij hun verovering van sloten, vijvers, vaarten en grachten. Over land bereiken ze zelfs tuinvijvers!

Wellicht veel meer

Melchers en Timmermans denken dat de verspreiding van de Amerikaanse rivierkreeft onvolledig bekend is: ,,Veel Amsterdams oppervlaktewater wordt niet bevist door beroepsvissers en ook niet onderzocht door muskusrattenvangers.''

Tegenover de opmars van de Amerikaanse rivierkreeft staat dat de inheemse Europese rivierkreeft (Astacus astacus) met grote snelheid uit ons land is verdwenen. Al in 1951 signaleerde de natuurjournalist Kees Hana dat de rivierkreeft met de dag zeldzamer werd. Pas in 1973, toen de Natuurbeschermingswet haar beslag kreeg, kwam de rivierkreeft op de lijst van beschermde diersoorten. Te laat - er is nog maar een plek waar 'onze' rivierkreeft voorkomt: in de Rozendaalse beek bij Velp, gelukkig in een particuliere tuin, waar het beekwater door stroomt en speciaal voor dit dier schuilplaatsen zijn aangebracht.

Ooit gewoon

De inheemse rivierkreeft is zeer gevoelig voor waterverontreiniging, voornaamste oorzaak van zijn verdwijning. Het dier kan niet buiten helder en zuurstofrijk stromend water. Vroeger was het in Oost- en Zuid-Nederlandse beken niet zeldzaam. Het heette ooit gewone rivierkreeft. In 1860 brak de kreeftenpest uit, een schimmelinfectie die bijna alle rivierkreeftpopulaties in Nederland uitroeide. Later deden watervervuiling en beeknormalisatie de rest.

Rivierkreeften leven van visjes, kikkerlarven en andere waterdieren en eten ook aas. De voormalige bewoner van kasteel Rozendaal vertelde mij dat hij gasten wel eens bij lamplicht de rivierkreeften liet zien, die 's avonds en 's nachts in de kasteelvijver actief waren.

Onze rivierkreeft houdt zich overdag op in oeverholen en gaat 's nachts op jacht. Mannetjes kunnen minstens twintig jaar worden en dan een lengte hebben van vijfentwintig centimeter bij een gewicht van 150 gram. De Amerikaanse rivierkreeft haalt hooguit dertien centimeter. Hij is sterker dan de Europese rivierkreeft. Hij kan zich prima handhaven in stilstaand en vervuild water en is immuun voor de kreeftenpest. Hij graaft geen holen en jaagt zowel overdag als 's nachts.

Smakelijk

Ondanks zijn geringe grootte kan de Amerikaanse rivierkreeft met zijn scharen hard knijpen, wat ik zelf ondervond. Een week lang bleef de snee in mijn wijsvinger zichtbaar.

De auteurs van 'Haring in het IJ' uitten zich vol lof over de smaak van de Amerikaanse rivierkreeft. Zij geven zelfs een recept voor het smakelijk klaarmaken op de barbecue, speciaal voor wie nooit eerder iets gekookt of geroosterd heeft. ,,Wrijf de verse kreeften in met zeezout en wat cayennepeper. Neem een kwastje met olijfolie en penseel de kreeften rondom in met olie. Leg de kreeften op het rooster van een warme barbecue. Rooster ze aan elke kant vier minuten. Draai ze voorzichtig om met een tang. Pel de kreeften pas als ze geroosterd zijn. Druppel er citroen over uit.'' Maar hoe je ze doodmaakt, schrijven ze niet.

Zowel de Amerikaanse als de Europese rivierkreeft heeft forse, aan de bovenkant gekorrelde scharen. Maar de kans dat je beide soorten verwisselt, is klein, gezien de zeldzaamheid van de Europese rivierkreeft. De Amerikaanse heeft achter het oog aan de zijrand van het rugschild tien stekels, de Europese een of twee. De Amerikaanse rivierkreeft is donkerbruin met oranjeachtige vlekken, de Europese egaal donkerbruin tot zwart en slanker dan de Amerikaanse.

Nog twee nieuwelingen

Er zijn binnen afzienbare tijd nieuwe soorten rivierkreeften in onze wateren te verwachten. Timmermans kreeg een paar levende Turkse rivierkreeften (Astacus leptodactylus) van zijn buurman, die ze 'voor in de soep' had gekocht. Ze zijn roder dan de Amerikaanse en wat kleiner. Er was een vrouwtje bij met eitjes, dat hij in de Watergraafsmeer losliet, nadat hij haar een poosje in een aquarium had geobserveerd.

Turkse rivierkreeften zijn nog niet in ons land gevangen. Wel de rode Amerikaanse rivierkreeft (Procambus clarkii): tientallen exemplaren werden aangetroffen in de waterbassins van de plantenkwekerij van Anna's Hoeve in de Watergraafsmeer. Ze hebben nog gemenere scharen dan de 'gewone' Amerikaanse rivierkreeft, net slanke, messcherpe vogelsnavels met een krom puntje.

mailIcon print |