Het is een symbolische spijtbetuiging, geen exact berekende schuld. Zo bekijkt voorzitter mr E.J. Numann van het Centraal Joods Overleg, dat de belangrijkste joodse organisaties vertegenwoordigt, de 250 miljoen gulden die de Nederlandse overheid volgens de commissie-Van Kemenade moet uitkeren aan de joodse overlevenden van de vernietigingskampen.
Volgens Numann was eerst sprake van 150 miljoen, maar na ruggespraak met onder meer het CJO is dat bedrag met honderd miljoen verhoogd.
Numann wil zich pas morgen, als het rapport van de commissie openbaar wordt, uitlaten over de vraag of het CJO die 250 miljoen genoeg vindt. Tussen de regels door blijkt hij het bedrag echter aan de lage kant te vinden. Gisteravond meldde NRC Handelsblad dat de Nederlandse overheid 300 à 400 miljoen te veel heeft opgestreken aan successierechten van joodse slachtoffers van de holocaust. De schatting is afkomstig van historicus Gerard Aalders van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (Niod). Numann wijst erop dat die successierechten slechts een deel vormen van de totale claim van joodse Nederlanders op de overheid.
Na de Tweede Wereldoorlog schoot de overheid ernstig tekort in het rechtsherstel van de teruggekeerde joden, stelde een vorige regeringscommissie enkele jaren geleden vast. De commissie-Van Kemenade werd in het leven geroepen om te berekenen hoeveel de overheid verschuldigd is.
Het Centraal Joods Overleg is al enige tijd bezig met het zoveel mogelijk herstellen van het materiële verlies van de joodse gemeenschap tijdens en kort na de Tweede Wereldoorlog. ,,Er is rechtsherstel gepleegd door de Nederlandse overheid'', zegt Numann. ,,Alleen zijn er wel wat losse eindjes blijven zitten. Hier en daar zijn instellingen op joods geld blijven zitten. Dat onrecht proberen we nu goed te maken.''
Enkele maanden geleden kwamen de verzekeraars als eersten over de brug. Zij keerden 50 miljoen uit voor onopgeëiste polissen van in de oorlog vermoorde joden. Verder is het CJO in onderhandeling met de banken over joodse spaarrekeningen. Binnenkort opent het het gesprek met de Amsterdamse beurs over joodse aandelen. En dan is er de kwestie die de commissie-Van Kemenade onderzocht, die van de joodse overlevenden die na de oorlog niet door de overheid gesteund werden in het terugvorderen van hun geld en goed. Het CJO gaat het zeker niet alleen om geld, zegt Numann. ,,We denken dat dit een belangrijke factor is bij het emotioneel herstel van de mensen om wie het gaat.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.