*

 
dossier

Archief

De incisie wordt steeds kleiner

Door: redactie − 22/01/00, 00:00

De geneeskunde richt zich de komende eeuw waarschijnlijk grotendeels op preventie, en niet zozeer op therapie. Het brandpunt van de zorg verschuift daardoor van ziekenhuizen naar huizen, scholen en werkplekken.

Ziekenhuizen zullen zich vooral ontwikkelen tot centra voor moeilijke behandelingen, zoals transplantaties en noodhulp aan zwaargewonden. Chirurgische ingrepen vinden vaker plaats op afstand, de zogeheten telechirurgie, al blijft het naar verwachting altijd veiliger wanneer de chirurg ter plekke is.

De ingrepen worden in toenemende mate 'minimaal-invasief'. Er zullen steeds kleinere snedes nodig zijn; kijk- of sleutelgatoperaties volstaan en dagbehandelingen worden vaker mogelijk. Uit de nanotechnologie komen bovendien minirobotjes voort, die door het lichaam kruipen om kleine ingrepen uit te voeren.

Daarnaast gaan artsen vaker diagnoses stellen met behulp van computerprogramma's. Althans, als de huidige trend van informatisering doorzet. De scepsis hierover is echter groot; patiënten zijn unieke wezens en hun klachten zijn vaak wazig, zodat bèta-achtige standaardvragen uit de computer niet zinnig lijken.

Wat vrijwel zeker een grote vlucht zal nemen, is de virtuele geneeskunde. Studenten kunnen er operaties mee oefenen op denkbeeldige patiënten. En nieuwe operatiekamers kunnen voor de bouw virtueel worden uitgeprobeerd.

De voorspellingen in het schema hiernaast gelden alleen voor rijke landen. De arme landen zullen nauwelijks van de 'high tech'-geneeskunde profiteren. Zij blijven afhankelijk van eenvoudige middelen, zoals vaccinaties.

mailIcon print |