Het is zeer spijtig dat Zeljko Raznatovic, alias Arkan, niet meer door het Joegoslavië-Tribunaal kan worden berecht voor oorlogsmisdaden. Dat was gisteren de overheersende reactie op de moordaanslag op Arkan op zaterdag.
De 47-jarige Arkan werd doorzeefd met kogels in het Intercontinental Hotel in Belgrado. Hij werd onder meer drie maal getroffen in het hoofd en overleed vrijwel direct. Ook een lijfwacht en een vriend van Arkan kwamen om. De daders, van wie de identiteit onbekend is, ontkwamen.
De vertegenwoordiger van de Verenigde Naties in Bosnië, Jacques Klein, omschreef Arkan als een 'psychopaat en een lafaard'. ,,Huilen om Arkan is hetzelfde als huilen om (de nazi Adolf) Eichmann. Je moet geen tranen laten om een massamoordenaar.''
Arkan was een van de belangrijkste verdachten van het Joegoslavië-Tribunaal in Den Haag. Zijn naam is in verband gebracht met slachtpartijen in Kroatië in 1991 en in Bosnië tussen 1992 en 1995. De 'Arkan-Tijgers', een paramilitaire eenheid die zich hulde in zwarte kledij, terroriseerde Kroaten en moslims in een poging gebieden etnisch 'schoon te maken'. Daarbij toonden Arkan en zijn mannen ,,een barbaarsheid die we sinds de Tweede Wereldoorlog niet meer hadden gezien'', aldus Klein. Arkans militie zou ook actief zijn geweest in Kosovo.
De Verenigde Staten, Groot-Brittannië en verscheidene andere landen zeiden in een reactie te betreuren dat de slachtoffers en nabestaanden hem niet meer voor het gerecht kunnen zien. Arkan had bovendien belangrijke bewijzen kunnen leveren voor de schuld van de Servische president Slobodan Milosevic aan oorlogsmisdaden begaan tijdens de Joegoslavische oorlogen. Arkan zelf heeft de beschuldigingen altijd ontkend. Het Joegoslavië-Tribunaal overweegt de aanklacht tegen Arkan openbaar te maken.
Volgens de Servische Vernieuwingsbeweging van oppositieleider Vuk Draskovic is de moord op Arkan een bewijs dat de Serviërs 'leven in een land waar staatterreur heerst'. In Belgrado gaan speculaties dat Arkan is gedood in opdracht van de regering. Die zou bang zijn geweest voor wat hij kon vertellen over betrokkenheid van de Servische top bij oorlogsmisdaden. Regeringsmedia besteedden gisteren geen enkele aandacht aan de moord, wat voedsel gaf aan de speculaties dat Arkans dood de regering wel uitkomt. Er wordt overigens ook gedacht aan een afrekening in de onderwereld. Arkan, een van de rijkste mannen in Servië en eigenaar van casino's, restaurants, en de voetbalclub Obilic, zou geld hebben verdiend met onder andere illegale wapen- en oliehandel.
Arkan werd gezocht in zeven landen, waaronder Nederland, voor bankovervallen en afpersing in de jaren zeventig en tachtig. Hij is verscheidene keren gepakt en veroordeeld, maar wist iedere keer te ontsnappen. Zo verdween hij in 1981 uit de Bijlmerbajes.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.