*

 
dossier

Archief

De hemel is hoog in China

Anne Meijdam − 11/01/00, 00:00

Toen Ricky Wong na een inbraak in zijn huis in Peking al zijn fotoapparatuur kwijtraakte, maakte hij een basisfout: hij belde de politie.

Na een paar uur kwam er eindelijk een patrouillewagen. Ricky dacht duidelijk te weten wie er achter de diefstal zat, maar na het voorrijden deed de politie niets meer. Na een paar dagen besloot de Hongkongse beroepsfotograaf daarom zelf actie te ondernemen. Hij bezocht een tweedehandsmarkt in fotoartikelen en zag tot zijn stomme verbazing de dief daar, druk bezig zíín professionele spullen te verkopen.

,,En toen maakte ik de tweede fout'', vertelt Ricky. ,,Weer belde ik de politie en meldde dat ik de inbreker zelf had gevonden.'' Dit keer waren de agenten razendsnel ter plekke. De verdachte werd hardhandig ingerekend en tezamen met de peperdure spullen ogenblikkelijk in een politiebusje afgevoerd.

Maar toen begon de ellende pas echt. Weken lang belde de gedupeerde fotograaf het politiebureau om te informeren wanneer hij zijn eigendommen eindelijk terug zou krijgen. Elke keer was er aan weer een andere procedure-eis nog niet geheel voldaan. Langzaam begon Ricky te wanhopen of hij zijn camera's ooit terug zou zien.

Vrienden raadden hem aan een hoge ome duur uit eten te nemen. Een advocaat suggereerde een banier te laten maken. Met in goud geborduurde karakters zou de politie daarop moeten worden geprezen voor de heldhaftige wijze waarop zij deze misdaad had opgelost.

Na zes weken liep het toch nog goed af. Een werkdag lang moest hij op het politiebureau portretten maken van agenten. Tegen de avond kreeg hij zijn bezittingen terug.

Dat wat betreft de wetteloosheid in de Chinese hoofdstad. Op het platteland is de toestand vele malen erger. Daar voert de politie in samenwerking met de rijken en machtigen vaak een waar schrikbewind. Elke dag worden er ergens in China vrouwen ontvoerd en als slaven verkocht. Arrestanten van lage komaf worden in politiecellen stelselmatig gemarteld, kleine zakenmensen uitgeknepen.

Op straffe van een pak slaag mogen winkeleigenaren alleen artikelen van de lokale fabriek verkopen. ,,De hemel is hoog en de keizer is ver weg, zeggen we hier in China'', verklaart een jurist die alleen anoniem in de krant wil. ,,Dat wil zeggen, hoe verder weg van Peking, des te krachtelozer de wet. Iemand kennen met macht, is zeker op het platteland nog altijd een stuk belangrijker dan wat de wet voorschrijft.'' Vele wetten die door het Chinese parlement zijn goedgekeurd, worden in het uitgestrekte achterland simpelweg niet uitgevoerd.

Volgens professor Liu Han, verbonden aan de Chinese Academie van sociale wetenschappen, is dat vooral te wijten aan corruptie en inmenging van de plaatselijke bureaucratie in de rechtsgang. De meeste rechters gehoorzamen simpelweg de aanwijzingen van lokale machthebbers, zegt Liu. ,,Meer dan zeventig procent van de commerciële geschillen die aan de rechtbank worden voorgelegd, worden volgens directieven afgehandeld. De rechterlijke uitspraak heeft dan niets met de wet te maken.''

Maar, zegt de eerder genoemde anonieme jurist, ook de gebrekkige opleiding van juristen draagt bij aan de chaos. Pas de laatste jaren - voor het eerst in de Chinese geschiedenis - wordt een verdachte als onschuldig beschouwd, tot zijn of haar schuld onomstotelijk is bewezen. Maar ook deze basisregel in elke rechtsstaat is nog niet overal doorgedrongen. ,,De meeste van de 170 000 rechters hebben niet eens een juridische scholing.''

China heeft een geschiedenis van vijfduizend lange jaren. Maar het huidige Chinese juridische systeem is nog geen 25 jaar oud. Tot het einde van de Culturele Revolutie was het ministerie van justitie gesloten en na 1976 moest China het stelsel van de grond af opbouwen. Precies 212 advocaten waren er toen nog te vinden in het hele land. En hoewel het wettelijk gezag volgens juridisch deskundigen sindsdien veel vooruitgang heeft geboekt, is er volgens professor Robert Sheppard, een specialist op het gebied van het Chinese recht, nog een lange weg te gaan. ,,Er zijn nu meer dan 110 000 advocaten in China, maar het is nog altijd zo dat de partijkaders - of laten we zeggen diegenen die het gezag van de Partij voor hun karretje kunnen spannen - het voor het zeggen hebben. Het duurt nog minstens vijftig jaar voor China enigszins volgens wettelijke regels zal worden geregeerd.''

mailIcon print |