*

 
dossier

Archief

Hongaren prijzen communist Kadar

Runa Hellinga − 28/01/00, 00:00

De regeringsperiode van de laatste communistische leider Janos Kadar is voor de meerderheid van de Hongaren een van de meest glorieuze perioden uit hun vaderlandse geschiedenis.

Dat verrassende gegeven komt uit een enquête over het imago van Hongarije, dat is uitgevoerd in opdracht van de huidige premier.

Kadar was weliswaar de man die in 1956 hielp de Hongaarse opstand te onderdrukken, maar voor de Hongaren was hij toch vooral een ruimdenkende communist.

Naast Kadar noemden de Hongaren de tijd van koning Stefan, die het land duizend jaar geleden kerstende, en de periode waarin de middeleeuwse koning Matthias Corvinus heerste, als meest verlichte perioden van hun historie.

Het tijdperk onder stalinist Rakosi, de Turkse bezetting van 1541 tot 1686 en het fascistische bewind van admiraal Horthy zijn voor de Hongaren de donkerste delen van hun geschiedenis.

Een vierde van de ondervraagden noemde de afgelopen tien jaar, na de val van het communisme, als een van de beste tijdperken voor het land.

Hoewel Hongaren bekend staan om hun pessimisme, blijken twee op elke drie ondervraagden te denken dat het land in de komende tien tot twintig jaar tot de meest succesvolle naties ter wereld zal gaan behoren.

Vier van de vijf mensen vinden dat ze deel uitmaken van een creatief, intelligent en verlicht volk.

De meeste Hongaren zeggen tolerantie, openheid en humaniteit belangrijk te vinden. Om religie of een sterk leger geven maar weinigen.

mailIcon print |