Henk Krul (53) neemt woensdag afscheid als voorzitter van FNV Bondgenoten. Zijn eigen toekomst is wegens een ernstige ziekte ongewis. Maar in de toekomst van de grootste vakbond van Nederland heeft hij, ondanks de moeizame start, alle vertrouwen.
Hij maakt samen met zijn opvolger Hans de Vries een afscheids- respectievelijk kennismakingsrondje langs politici en werkgevers. Voordat hij er zelf erg in heeft, zit Henk Krul tijdens die bezoekjes alweer druk te discussiëren en te onderhandelen. ,,Dat is weer die gedrevenheid. Krul, zeg ik dan tegen mezelf. Hou je kop, in de toekomst moet Hans de kar trekken.'' Noodgedwongen heeft de voorzitter van FNV Bondgenoten het afgelopen jaar al ervaren hoe het is om niet meer aan de sociaal-economische frontlijn te staan. Een bultje op zijn hoofd bleek een uitzaaiing van nierkanker te zijn. Hij is ,,aan het knokken om de onvermijdelijkheid van de statistiek opzij te zetten''. Toen hij voor de nieroperatie op een wachtlijst dreigde te belanden, stuurde hij het ziekenhuis een brief op poten. Met succes: binnen een week werd de nier weggehaald. En de Gak-arts die zonder Krul op te roepen hem volledig wilde afkeuren, heeft het geweten en moest Krul weer voor 40 procent arbeidsgeschikt verklaren. De kans op genezing is niettemin klein: uiteindelijk overleeft slechts vijf procent van de mensen met nierkanker. Met een wrang lachje: ,,Tegen professor Mickisch van het Dijkzigt-ziekenhuis zeg ik: daar betaal ik je voor, om me bij die vijf procent te brengen. Ik heb toch het gevoel dat ik bij de bovenkant van de groep zit. Wat ik wel doe, is elke mogelijkheid beetpakken die er te bedenken is: een experimentele behandeling met Interferon en ik ben zelfs bij een magnetiserende dame geweest.''
De manier waarop Krul over zijn ziekte praat, weerspiegelt zijn wat tegenstrijdige eigenschappen. Aan de ene kant is hij de klassieke vakbondsbestuurder uit het rode nest, stoer en onverzettelijk op de bres voor de belangen van werknemers. Oprechte verontwaardiging over het ,,knuffelen van de aandeelhouders'', terwijl werkgeversorganisatie VNO-NCW ,,de werknemers niet ziet staan'' en durft te spreken over een loonsverhoging van twee procent ,,met daarnaast wat prestatiefrutsels''. Strijdlustig: ,,De sfeer in de bedrijven is zodanig dat we niet eens tot staken hoeven op te roepen. Dat gaat vanzelf met zulke voorstellen. De arbeidsmarkt is zo dat de heren werkgevers wat meer naar ons moeten luisteren. Ze hebben mensen nodig, zo simpel economisch is dat.'' Met zulke teksten is Krul op zijn best - al weten zijn tegenspelers dat het verbale wapengekletter redelijke resultaten uiteindelijk niet in de weg staat. Krul zwakt zijn betoog zelf al af met de toevoeging ,,dat we niet in de fout van de jaren zeventig moeten vervallen om jaar op jaar de lonen fors te verhogen''.
De minder bekende verschijningsvorm van Henk Krul is een zachtaardige, bedeesde en soms bijna verlegen man met twijfels en onzekerheid. Die wordt eventjes zichtbaar in de ,,verschrikkelijke worstelpartij'' die hij doormaakt over zijn toekomst. ,,Als je me in mijn hart kijkt, zou ik de cao voor de grootmetaal willen doen. Ik ben bij de industriebond begonnen als bestuurder bij Hoogovens. Dan zou het mooi zijn om bij de metalektro te eindigen. Dat is het scenario van de hoop, dat ik weer meer kan werken dan de twee dagen per week van nu. Ik ga in elk geval niet thuis de hele week op de bank zitten, al ligt mijn absolute prioriteit wel bij Jacqueline en onze vier kinderen.''
Krul treedt niet vanwege zijn ziekte af als voorzitter. Hij heeft twee jaar geleden bij de totstandkoming van FNV Bondgenoten al zijn voorkeur voor een ,,jonger gezicht'' uitgesproken. Dat krijgt de bond met de 40-jarige Hans de Vries, nu nog bestuurder voor de metaal- en elektrotechnische industrie. ,,Begin '98 zou je zo'n nieuwe jonge voorzitter een valse start geven als je 'm in die troep had gezet.'' Dus kreeg Krul zelf de volle laag over zich heen van de fusie tussen zijn industriebond, de dienstenbond, vervoersbond en voedingsbond. Het leedvermaak was groot - zeker bij werkgevers - toen bleek dat de vakbonden die het altijd beter weten, er in eigen huis een financiële en organisatorische puinhoop van hadden gemaakt. Het tekort, dat op 18 miljoen gulden was begroot, liep op tot 40 miljoen. Onder de duizend werknemers brak muiterij uit. Ze konden hun werk niet naar behoren doen of verloren hun baan als gevolg van de fusie. ,,Heerlijk voer voor de kranten'', meesmuilt Krul. ,,Ik moet toegeven: het is hectischer geworden dan ik had gedacht, daar loop ik niet voor weg. Logistiek zijn er fouten gemaakt en ook in de communicatie naar het personeel en de vereniging. In een korte periode wilden we teveel tegelijk doen. En vier verschrikkelijk eigenwijze clubs met hun eigen mening en de werkorganisaties met allemaal zeer eigenwijs personeel: als werkgever is dat soms wat lastig.''
De vier bonden kozen ,,heel bewust voor de moeilijke weg'' door eerst juridisch te fuseren en pas daarna de werkorganisaties in elkaar te schuiven. ,,Toch zou ik het weer zo doen. Vijfentwintig jaar lang is er gediscussieerd over een grotere eenheid binnen de vakbeweging, maar pas de laatste jaren is er door de fusie gigantisch veel samenwerking van de grond gekomen. En kijk maar naar de fusie tussen de AbvaKabo en de onderwijsbond AOB. Die is stukgelopen omdat ze alles tot in de details wilden regelen. Daar moet ik niet aan denken; dan was FNV Bondgenoten er nooit gekomen.'' In weerwil van het negatieve beeld zit er volgens Krul nu ,,gigantisch de vaart'' in de bond. De leden kunnen terecht bij zeven grote regiokantoren, de bond heeft een bureau voor beroepsziekten opgericht en een vereniging voor zelfstandigen zonder personeel.
In de maak zijn een eigen bureau voor loopbaanadvies en een informatie- en kenniscentrum voor advies over arbeid en inkomen. De jonge, zelfbewuste werknemer die FNV Bondgenoten zo graag als lid wil inschrijven, moeten binnen 24 uur antwoord hebben op zijn vraag. ,,Binnen de organisatie is dat een volstrekte cultuuromslag.''
Met zo'n 500.000 leden is FNV Bondgenoten de grootste vakbond van Nederland. Als tussenstap naar één ongedeelde FNV, werd Krul niet moe te verkondigen. Dus geen aparte vakcentrale en bonden meer ,,die elkaars nota's zitten te becommentariëren'', maar één machtige organisatie met 1,2 miljoen leden, die per sector of bedrijf de leden van dienst is. Het jaartal zei Krul er ook nog bij: 2006, als de Nederlandse vakbeweging honderd jaar bestaat. Dat vooruitzicht is achter de horizon verdwenen nu de FNV de ,,historische misser'' heeft begaan door - na het afhaken van de AbvaKabo - niet in te trekken in het nieuw te bouwen Bondgenoten-kantoor in Woerden. ,,Ik ben ervan overtuigd dat die ongedeelde FNV er komt, maar er is nu wel vertraging ontstaan. Jammer dat de FNV te weinig regie voert.'' Voor FNV Bondgenoten is het rechtstreekse gevolg dat de bond nationaal meer de trom wil gaan roeren over sociaal-economische thema's, enigszins in de voetsporen van de Industriebond FNV. Zo belegt FNV Bondgenoten op 9 maart een bijeenkomst over industrie- en dienstenbeleid. ,,In de bedrijven heeft FNV Bondgenoten de afgelopen twee jaar het voortouw genomen en waren we zeker aanwezig, maar op nationaal niveau hebben we bewust gekozen voor een laag profiel. Dat gaat veranderen. Je kunt je een paar jaar gedeisd houden met het idee van de ongedeelde FNV, maar dat houd je geen tien jaar vol.''
Anders dan in de jaren zeventig zijn van de bond geen revolutionaire ideeën meer te verwachten. De 'rode familie', waartoe ook Krul behoorde, bestaat niet meer. ,,De tijd is voorbij dat de bond zijn visie, boodschap of evangelie van bovenaf over mensen uitstortte. Grotere individuele keuzemogelijkheden, minder uniformiteit, dat is wat mij betreft een stap vooruit. Namelijk de mogelijkheid tot individualiteit binnen solidaire grenzen creëren, dat is onze verworvenheid. Nu regel je dat mondige mensen op grond van loopbaanadvies eigen keuzes kunnen maken. Je moet proberen de vruchten te plukken van je eigen inzet dat die mondigheid vergroot is. Maar dat heeft geen nationale uitstraling en is publicitair lastiger te verkopen dan de boodschap in de jaren zeventig met Wim Kok dat we met z'n allen de prijscompensatie wilden behouden.''
Sinds september vorig jaar is Krul weer op kantoor aan het werk, voor twee dagen per week. ,,Deeltijd-voorzitter zijn heeft ook wel iets aardigs. Je moet je echt tot de hoofdzaken beperken.'' Hoewel het in zijn aard ligt om zich overal mee te bemoeien, waakt Krul ervoor om meer dan die twee dagen te werken. Vermoeidheid is een bijwerking van het medicijn Interferon. Door zijn ziekte heeft Krul geleerd afstand te nemen. ,,Ik ben veranderd. Waarden in het leven beleef ik nu veel genuanceerder. Echt belangrijk ben jezelf, je vrouw en gezin. Als je weet dat je volgens de statistieken niet lang meer te gaan hebt, probeer je elke dag die er is, dieper te maken. De vakbeweging komt dan op de tweede plaats, maar helemaal zonder kan ik ook niet.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.