De Tweede Kamer voelt er niet voor om in de wet vast te leggen dat taakstraffen uitgesloten zijn voor mensen die een zeden- of een geweldsdelict hebben gepleegd. Dat legt de vrijheid van de rechter om een straf op maat op te leggen te veel aan banden, vinden de meeste fracties.
Zij kiezen daarom liever voor het voorstel van minister Korthals (VVD, justitie). Die wil voor het openbaar ministerie een richtlijn opstellen waarin staat dat de officier van justitie in zulke gevallen in beginsel geen taakstraf zal vorderen. De uiteindelijke afweging blijft aan de rechter, die ervoor kan kiezen het OM te volgen of juist af te wijken van de eis van de officier.
,,Als ik minister was, zou ik zo'n richtlijn niet uitvaardigen'', aldus woordvoerder Zijlstra van de grootste coalitiefractie, de PvdA. ,,Het wekt de indruk dat de minister taakstraffen niet altijd goed genoeg vindt. Maar de minister heeft het recht om dat te doen.'' De PvdA gaat dan ook niet mee met GroenLinks, dat de minister oproept af te zien van het uitvaardigen van zo'n richtlijn.
De Kamer debatteerde gisteren over een voorstel van Korthals om taakstraffen aan te merken als zelfstandige straf, naast celstraf en geldboetes. Nu kan een werkstraf alleen worden opgelegd ter vervanging van een onvoorwaardelijke celstraf van maximaal zes maanden. Het voorstel regelt dat iemand een taakstraf kan krijgen voor ieder misdrijf waar een celstraf op staat, al dan niet in combinatie met een celstraf.
Het CDA wees er bij monde van woordvoerder Van de Camp op dat de samenleving een taakstraf nog steeds beschouwt als 'soft.' ,,Als de wetgever zou vastleggen dat bij zeden- en geweldsdelicten geen taakstraf kan worden opgelegd zou dat de maatschappelijke acceptatie ervan vergroten'', aldus van de Camp.
Korthals antwoordt vandaag.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.