*

 
dossier

Archief

Kunstorgaan nog ver weg

Door: redactie − 22/01/00, 00:00

Optimisten voorspellen dat er aan het eind van de 21ste eeuw mensen rondlopen met gekweekte nieren, harten, levers, alvleesklieren, beenmerg, hoornvliezen, zenuwcellen en huid.

Uit embryonale stamcellen, die kunnen uitgroeien tot elk type lichaamscel, zouden biologische ingenieurs ieder gewenst orgaan kunnen bouwen. Pessimisten houden een slag om de arm. Al die verschillende organen kunnen we heus wel een keer kweken, stellen ze, maar op zijn vroegst over een eeuw of vier. Toegegeven: beenmerg, bloedcellen, zenuwweefsel en het insulinevormende gedeelte van de alvleesklier kunnen waarschijnlijk al binnen enkele jaren met succes worden geproduceerd. Deze weefsels zijn relatief eenvoudig, want ze bevatten slechts één celtype. Ingewikkelde organen, zoals de nier, bestaan daarentegen uit vele celsoorten die elk een andere functie hebben. Zo'n complex ontstaat niet vanzelf in een kweekschaaltje. Het kweken van een nier zal heel wat meer tijd kosten dan het genereren van een handjevol bloedcellen. Eenvoudiger lijkt het om organen te gebruiken uit genetisch gemodificeerde dieren: xenotransplantatie. Of om af te gaan op organen van kunststof. Maar op dat punt schetst nevenstaande kaart een te rooskleurig beeld, vinden deskundigen. Het is onmogelijk om precies te voorspellen wanneer voor het eerst een kunstoor of kunstpenis wordt vervaardigd, maar het lijkt uitgesloten dat dit al in 2050 zal gebeuren. Er moeten nog te veel hordes worden genomen. En wat ons ook te wachten staat, het ziet er niet naar uit de we ooit chips in ons brein kunnen inpluggen om onze geheugencapaciteit uit te breiden. Daar bouwen de samenstellers van de atlas toch te veel op hun talent voor sciencefiction.

mailIcon print |