Het is een voortdurende strijd tussen willen en durven. Zo omschrijft Snezana Tarle het werken voor Radio Contact, een van de weinige multi-etnische media in Kosovo. In april ontplofte er een granaat vlakbij de plek waar een aantal journalisten van het in Pristina gevestigde radiostation vergaderden. In juni werd een (Servische) medewerkster beschoten: ze raakte zwaargewond. ,,We moeten om de veiligheid van onze medewerkers denken: Albanezen, Serviërs, Turken, Moslims. Dat kunnen lang niet altijd zo kritisch zijn als we willen'', aldus de Servische, die deze week in Nederland was op uitnodiging van de organisatie Press Now, die onafhankelijke media in het voormalige Joegoslavië steunt.
Radio Contact werd in juni 1998 opgericht door Tarle en haar man Zvonko, een Kroaat. Die had -zowel in Servië als in Kroatië- ervaring met het opzetten van onafhankelijke media én met het ongenoegen dat dat bij de autoriteiten kan oproepen.
Amper twee weken nadat de zender de lucht in was gegaan stond de politie voor de deur.
In juni 1999, na het binnentrekken van de internationale vredesmacht, konden Tarle en haar echtgenoot opnieuw beginnen, in volstrekt gewijzigde, maar niet minder problematische omstandigheden.
Een vrijwel geheel nieuwe, maar wederom multi-etnische staf zag zich als eerste geconfronteerd met de vraag: hoe noemen we onze regio, Kosovo -zoals de Serviërs zeggen en zoals het gebied internationaal wordt aangeduid- of Kosova -zoals de Albanezen het noemen. Het compromis: in de Servisch-talige uitzending wordt gesproken van Kosovo, in de Albanese van Kosova. ,,En we hebben meteen afgesproken'', zegt Tarle,,, dat de Albanezen nooit aangeduid zullen worden als Shiptaren. Dat is een denigrerende term.''
Zes redacteuren -twee Albanezen, twee Serviërs, twee Turken- verzorgen de nieuwsuitzendingen. Iedere maand is een ander eindverantwoordelijk. ,,En dat merk je'', aldus Tarle: Iedere redacteur voelt de hete adem van de 'eigen' groep in de nek. ,,Iedereen die bij ons werkt, moet zich tegenover familie en vrienden verantwoorden.'' Voor de niet-Albanezen is het nog moeilijker: ,,Voor hen is Kosovo nog steeds niet veilig''.
Zelfcensuur is onvermijdelijk, geeft Tarle toe. Sommige onderwerpen worden helemaal vermeden. Zoals de verkiezingen in Servië, eerder dit jaar. De redactie in Pristina durfde haar vingers daar niet aan te branden. De uitweg: twee keer per dag werd het nieuwsbulletin van de onafhankelijke radiozender B2-92 uit Belgrado overgenomen (ook in het Albanees en Turks vertaald).
Over de verkiezingen in Kosovo zelf is wel uitbundig bericht. ,,Vier van onze Albanese medewerkers, die zelf voor het eerst konden gaan stemmen, hebben de hele dag vanuit het veld verslag gedaan.'' Servische luisteraars werd opgeroepen te gaan stemmen, Maar bij Radio Contact zelf heeft niemand de niet-Albanese medewerkers -in totaal heeft het station zo'n 40 mensen, al dan niet met volle baan, in dienst- durven vragen of zij zelf ook aan die oproep gehoor hebben gegeven. Ook de kwestie van de toekomstige status van Kosovo wordt onderling zelden besproken.
Maar heeft het dan wel zin, zo'n station dat onder de luisteraars en de eigen medewerkers niet al te veel stof wil laten opwaaien? Tarle: ,,Je moet ergens beginnen. We laten in ieder geval zien dat samenwerken kan. We proberen kwesties aan de orde te stellen als mensenrechten en tolerantie. En we merken dat steeds meer mensen 'ja' zeggen als we vragen of ze in onze praatprogramma's willen komen. Albanezen en Serviërs. We zijn nu bezig Oliver Ivanovic (leider van de Serviërs in de verdeelde stad Mitrovica - red.) over te halen. We hopen hem zover te krijgen dat hij het gesprek in het Albanees wil voeren.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.