Welkom of niet, de gedenksteen voor Marinus van der Lubbe gaat naar Berlijn. De stichting 'Een graf voor Marinus van der Lubbe' gaat het kunstwerk eind februari naar de Duitse hoofdstad brengen, ook al wil het stadsbestuur van Berlijn er geen plaats voor inruimen.
,,Nergens in de openbare ruimte willen wij zo'n steen, die immers waardering betekent voor een twijfelachtige daad'', zei de Berlijnse ambtenaar Klausa telefonisch tegen Martin Schouten, voorzitter van de stichting.
Op 27 februari 1933 stak de Leidse metselaar Marinus van der Lubbe het parlementsgebouw in Berlijn in brand om de Duitse arbeidersklasse te waarschuwen tegen het nazisme. De 24-jarige Nederlander werd in de Rijksdag aangehouden. Volgens de nazi's was hij een werktuig van de communisten. Die schilderden hem weer af als een provocateur van het Hitler-regime. Kort na de brand werden razzia's uitgevoerd tegen joden en communisten. Van der Lubbe werd ter dood veroordeeld en op 10 januari 1934 in Leipzig onthoofd.
Begin vorig jaar werd een gedenksteen van het Amsterdamse kunstenaarsduo Sluik/Kurpershoek bij het graf van Van der Lubbe in Leipzig geplaatst. Een tweede werd onthuld in Leiden. De derde en laatste moet volgens de kunstenaars en de stichting een plaats krijgen bij de Rijksdag.
Op het gedenkteken voor Berlijn staat, net als op de andere, een deel van het gedicht 'Schoonheid, schoonheid -wat ooit was', dat Van der Lubbe in gevangenschap schreef. Bovendien is er een foto in verwerkt van de plek waar de Leidenaar in 1933 het parlementsgebouw beklom en daarna in brand stak.
Voor Ron Sluik is de gedenksteen niet alleen een kunstenaarsinitiatief, maar wordt het eerherstel van Van der Lubbe veel breder gedragen. Kamervoorzitter Jeltje van Nieuwenhoven heeft bij haar Duitse collega op aangedrongen de steen een plaatsje te gunnen. Berlijn is, in tegenstelling tot Leipzig, niet bereid mee te werken.
,,Men is bang dat zo'n steen gaat werken als een nationaal symbool'', meent Martin Schouten. Die houding bevreemdt hem, vooral omdat de Duitse componist Wolfgang Rihm het gedicht van Van der Lubbe vorig jaar gebruikte voor het muziekstuk 'In doppelter Tiefe', een titel die verwijst naar het feit dat de Leidenaar uit vrees voor acties op dubbele diepte werd begraven. Dat stuk ging in première bij het 50-jarig bestaan van de Bondsrepubliek. De Berliner Philharmoniker speelde de compositie, de Frankfurter Allgemeine Zeitung schreef over een 'staatsmuziek met diplomatieke allure.'
Schouten is er zeker van dat Van der Lubbe ook in Berlijn een steen krijgt. De steen is welkom in kringen van anarchisten en ook de PDS, de voormalige communisten, willen zich er graag over ontfermen. ,,Maar die belangstelling is ons niet zo goed bevallen.''
De 'Berlijnse' steen is tot 26 februari voor het publiek te zien in Het Verzetsmuseum aan de Plantage Kerklaan in Amsterdam.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.