Nederland kan een afgewezen asielzoeker niet uitleveren aan Duitsland, hoewel minister Korthals van justitie hiermee had ingestemd. De 51-jarige Duitser vluchtte naar Kosovo toen zijn gevangenschap werd opgeschort.
Duitsland had om de uitlevering van de man gevraagd omdat hij in de deelstaat Beieren nog een gevangenisstraf van in totaal vier jaar moet uitzitten wegens belediging en fraude. Na ruim een half jaar detentie in een Beierse gevangenis nam hij tijdens een kort verlof in augustus 1998 de wijk naar Nederland en vroeg hier asiel aan. Dat verzoek werd afgewezen omdat de Haarlemse vreemdelingenrechter Duitsland beschouwt als een veilig land.
De Duitser werd in oktober 1998 opgepakt in Hardenberg tijdens een collecte voor Kosovo, waarvoor hij niet de vereiste vergunning had. Hij bleek tevens gezocht te worden door de Duitse justitie. De man verbleef tot september vorig jaar in voorlopige hechtenis. Toen besliste de Zwolse rechtbank om zijn detentie te schorsen vanwege zijn ernstig zieke moeder in Duitsland. De Duitser wachtte zijn uitlevering niet af, maar vertrok richting Kosovo; in Duitsland was hij vluchtelingenbegeleider voor Kosovaren.
Op 12 november gaf de minister zijn goedkeuring aan de uitlevering van de Duitser. Vorige week ontdekte het OM in Zwolle dat de man niet meer op de plek was die hij had opgegeven. Justitie heeft hem nu op de opsporingslijst gezet.
Een woordvoerder van het OM betreurt het dat de rechter de afgewezen asielzoeker de kans heeft geboden zich te onttrekken aan zijn uitlevering. ,,Wij hadden geadviseerd de man niet vrij te laten, omdat we weten dat mensen die op hun uitlevering wachten, over het algemeen vluchtgevaarlijk zijn.''
Jan Sjöcrona, advocaat in Den Haag en gespecialiseerd in uitleveringszaken, noemt het opmerkelijk dat de rechtbank een vreemdeling heeft vrijgelaten die geen enkele binding heeft met Nederland.
,,Dat gebeurt doorgaans alleen wanneer de uit te leveren persoon hier familie en/of vrienden heeft.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.