*

 
dossier

Archief

De wetenschap als slagerij

J. Hartog − 25/01/00, 00:00

Adam Smith heeft economen geleerd dat najagen van eigenbelang de welvaart van anderen bevordert. Geurig brood en mals vlees hebben we niet te danken aan de menslievendheid van bakker en slager, maar domweg aan hun zucht naar gewin. Als we geen taai vlees willen, maar een tongstrelende biefstuk dan is de slager het beste af als hij zo'n biefstuk levert. Zo trekt hij een volle winkel, maakt goede prijzen en kan vervolgens bij de bakker zijn geurige broodje betalen.

Wordt de wetenschap ook zo gestuurd? Concurreren wetenschappers om roem en dient de onderzoeker zo de waarheid, zoals de zelfzuchtige bakker en slager de maatschappelijke welvaart dienen? Een vraag die in zijn reikwijdte meer geschikt is voor een essay-wedstrijd dan voor een column van vijfhonderd woorden, maar toch zijn er parallellen aan te wijzen.

Concurrentie is in ieder geval evident aanwezig in het wetenschapsbedrijf. Professor Piet Borst, de internationaal vermaarde kankeronderzoeker, spreekt in zijn afscheidsrede onverbloemd over concurrentie met andere onderzoeksgroepen in de wereld, over gewonnen slagen en gemiste kansen. De jacht op ontdekkingen en doorbraken als een opwindende internationale zeilrace. Hoe verheven de wetenschap ook moge zijn, aardse drijfveren zijn haar beoefenaren niet vreemd.

Drijft concurrentie het onderzoek naar de waarheid zoals concurrerende bakkers het lekkerste brood ontwikkelen? Tendensen die zeker aanwezig zijn, maar die ook afhankelijk zijn van de mogelijkheid om 'de waarheid' te definiëren. Hoe harder de scheidsrechter oordeelt over wat waarheid is, hoe beter dat gaat. Als je in een laboratorium kunt nagaan of een theorie klopt kun je beter bepalen of de theorie waar is of niet.

Onderzoek drijft dus sterker naar betrouwbare, bestendige kennis in de scheikunde dan in de filosofie. Zonder de mogelijkheid van harde toetsen draait het spel uit op modieuze bewegingen. Al moet worden gezegd dat sommige bewegingen heel bestendig kunnen zijn.

Hét verkoopkanaal voor onderzoek is het wetenschappelijk tijdschrift, en om die kanalen wordt goed gevochten. Aangeboden artikelen worden anoniem door vakgenoten beoordeeld, en afwijzing van tachtig tot negentig procent van de ingestuurde artikelen is geen uitzondering. De internationale tijdschriften zijn belangrijk voor de sturing van het onderzoek omdat via de tijdschriften de agenda tot uiting komt. In de economie wordt de agenda gezet door actuele problemen als werkloosheid of de revolutie in informatica en communicatie (de 'nieuwe economie'). En door de eigen dynamiek van het onderzoek, in de ontwikkeling van nieuwe methoden of een nieuw theoretisch kader. En net als bij ontwikkeling van nieuwe producten kan hier fors worden gedoold. Het is als een zeilrace naar onbekend gebied, waarbij iedereen zijn eigen materiaal mag kiezen. Spannend, uitdagend. Soms met groot succes. Soms leidend tot niets.

In de onderzoeksfinanciering door de overheid wordt meer op prestaties gelet en dat zet ook de concurrentie aan tussen instellingen. Maar onderzoekers weten al lang dat waarheden niet spontaan worden geboren en dat roem zelden gratis is. Dante zei het al, zeven eeuwen geleden: 'Want niet op zachte zetels komt ge ooit tot roem, noch onder donzen spreien'. Menig ondernemer zal het beamen. Al zal hij wellicht roem vervangen door poen.

mailIcon print |