Het is dinsdagnacht in Amsterdam en op het eerste gezicht lijkt er geen taxioorlog te zijn.
Wie beter kijkt, ziet dat de politie er niet gerust op is. Een busje van de mobiele eenheid rijdt van de ene taxistandplaats naar de andere.
Die waakzaamheid is zeker niet misplaatst. Wie met de wachtende chauffeurs van de Taxi Centrale Amsterdam (TCA) bij de standplaatsen praat, hoort dat de haat alleen maar is toegenomen.
Vooral naar de concurrent Taxidirekt: ,,Ze stelen je werk. Ze halen het vreten voor mijn neus weg en dat pik ik niet'', zegt TCA-chauffeur R. de Goede. ,,Het geld dat ik geïnvesteerd heb in mijn vergunning was mijn pensioen'', zegt een ander. ,,Hoe zou jij je voelen als je opeens een ton verliest?'' In plat Amsterdams waarschuwen ze dat het het weekeind weer hommeles wordt: ,,Dit is nog maar het begin...''
De nacht ervoor waren er opnieuw onlusten, toen de politie een TCA-chauffeur aanhield voor fout parkeren. Hij bleek ook bekeuringen niet te hebben betaald en werd meegenomen naar het bureau. Vijftig collega's protesteerden tegen de aanhouding door de Marnixstraat te blokkeren. Een omwonende uitte zijn woede over het verstoren van zijn nachtrust door een bloembak op een van de taxiwagens te gooien. Vervolgens dreigden de chauffeurs diens woning te bestormen. De mobiele eenheid moest ingrijpen.
Al weken wordt geroepen dat het uit de hand loopt, maar niemand lijkt in staat er een einde aan te maken. TCA-chauffeurs worden alleen maar kwader. ,,De overheid is de grote boosdoener, de politie is partijdig en de media geven een verkeerde voorstelling van zaken.''
,,Ik wil gewoon dat het verhaal een keer in de krant komt'', zegt een 23-jarige TCA-chauffeur. Terwijl hij door de vrijwel uitgestorven binnenstad rijdt, vertelt hij hoe het is om een investering van meer dan 160000 gulden in rook te zien opgaan en hoe het voelt als een concurrent zich niet houdt aan regels voor TCA-chauffeurs.
Zijn naam wil hij niet geven. ,,Niemand hoeft te weten dat ik het ben. Er werd net omgeroepen door de mobilofoon dat wij niet meer met de pers moeten praten, omdat ze toch alles verdraaien. Wij worden als gangsters afgeschilderd, terwijl die lui van Taxidirekt provoceren. Het zijn vaak ex-TCA-leden, die er wegens wangedrag zijn gezet: oude snorders uit de Bijlmer, verkrachters en oplichters.''
Deze nacht is er bijna geen taxi van Taxidirekt te bekennen. ,,Die komen pas als de kroegen uitgaan'', vertelt een andere TCA-chauffeur, ,,daarom noemen we ze ook 'de mollen'. Overdag zie je ze niet, ze rijden alleen maar 's nachts als er wat te verdienen valt.''
TCA kon jarenlang in Amsterdam optreden als een soort gilde voor taxichauffeurs. Omdat het een monopoliepositie had, ontstonden er allerlei regels en afspraken, waar iedereen zich aan diende te houden.
Zo is het de bedoeling dat een TCA-chaufeur in een ,,knappe wagen rijdt, er netjes uitziet en rekening houdt met zijn collega's/concurrenten en er in het zicht van de standplaats bijvoorbeeld niet wordt geladen. Dat zijn afspraken. Wij moeten ook op de minder drukke uren rijden. Dat doet Taxidirekt niet. Die pakken alleen de mooie uurtjes. Kijk maar! Geen wagen van Taxidirekt te bekennen.'' Rijdend door het centrum signaleert hij maar vier wagens van de concurrent.
De chauffeur van Taxidirekt heeft een barst in zijn voorruit. Zijn zijspiegel is stuk.
,,Maar dat heeft niets met de taxioorlog te maken'', vertelt deze man. ,,Dat is nog van het vuurwerk''. Ook hij is woedend. Vroeger werkte hij ook bij de TCA, maar hij verkocht zijn nummer op tijd.
,,De overheid stookt ons tegen elkaar op'', roept hij. ,,De overheid probeert de vereniging voor taxiondernemers kapot te maken. Het TCA-bestuur verrijkt zichzelf en heeft ook connecties met de Centrumpartij, maar daar kun je beter niet over schrijven, want dan komt er een brandbom bij Trouw naar binnen. Nu gaat Moszkowicz de TCA verdedigen. Dan wordt het helemaal een lekkere jodenboel. Mij zullen ze niet te pakken krijgen. Ik heb een ijzeren staaf onder mijn stoel en ik heb bij het leger gezeten dus ik weet hoe ik met een Uzi moet omgaan.''
Hij ontsteekt opnieuw in woede als zijn relaas niet wordt begrepen. Uiteindelijk volgt er iets dat op berusting lijkt. ,,Het is mijn lot'', zegt hij. ,,Ik ben te dom voor professor en te slim voor taxichauffeur''.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.