*

 
dossier

Archief

Vijftig jaar terug in de tijd, of toch niet?

Esther Scholten − 07/01/00, 00:00

Door het besneeuwde Poolse landschap reden we in een uurtje de geschiedenis tegemoet. Dertien Nederlandse sportjournalisten op excursie naar Auschwitz. Bij het betreden van de poort 'arbeit macht freiheit' stapten we ruim vijftig jaar terug in de tijd. Of toch niet?

's Ochtends aanschouwden we vol ongeloof de stille getuigen van onbeschrijflijk leed: enorme bergen schoenen, ontheemde babykleertjes en tonnen menselijk haar. In het Duitse concentratiekamp vonden ten minste 1,1 miljoen Joden, zigeuners en politieke gevangenen de dood. We lazen de waarschuwing op het bord bij de ingang van barak nummer 10: Wie het verleden vergeet, zal het opnieuw doormaken.

's Avonds zaten we nog geen vijftig kilometer verderop in een sporthal te kijken naar de volleybalwedstrijd tussen Nederland en Joegoslavië. Beelden van broodmagere Bosniërs achter prikkeldraad, van de vrouwen uit Srebrenica en van de recentere vluchtelingenstroom in Kosovo kwamen plotseling bovendrijven. Maar hoe terecht is dat?

Natuurlijk, de Joegoslavische sportsterren zijn kopstukken van een verwerpelijk politiek systeem. Het nut van een sportboycot laat zich raden. Twee jaar geleden werden ze op het vliegveld van Belgrado feestelijk onthaald door 'hun volk'. De slavische lange mannen hadden zilver gewonnen en schudden allen de hand van Milosevic.

Helden van het veld roepen in ieder land nationalistische gevoelens op. Toch komt de hossende Oranje-massa op de een of andere manier minder dreigend over dan de bloedfanatieke aanhangers van het team van coach Veselin Vukovic. Maar kunnen de bejubelden dat helpen?

Soms wel, twee jaar geleden rende Vladimir Grbic tijdens het WK na iedere wedstrijd provocerend met de nationale vlag langs de tribunes. Dat was toen. Nu gedragen de volleyballers zich low-profile. Aanvoerder Nikola Grbic zei eerder deze week: ,,Sport is een van de sterkste wapens van de politiek. Honderd machinegeweren hebben minder effect dan onze daden.'' Hij liet in het midden of hij daarmee doelde op de eigenwaarde en het moreel van zijn broeders, of op integratie met andere landen, waaraan wedstrijden ook kunnen bijdragen.

mailIcon print |