*

 
dossier

Archief

Zoeken naar bewijs tegen de vrome freaks

Hester Haarsma − 17/10/00, 00:00

De Vereniging tegen de kwakzalverij stelde een lijst op van de kwakzalvers der eeuw, grotendeels afgedwaalde artsen. Niet bovenaan de lijst, maar toch prominent genoeg figureert een aantal gebedsgenezers onder wie wijlen Johan Maasbach. Religieuze freaks zijn het en niet te vertrouwen, oordeelt scherprechter dr. C. Renckens.

Niet alleen medische kwakzalvers weten goedgelovige zielen te misleiden. Ook gebedsgenezers zetten door suggestieve gebeden de toehoorders op het verkeerde been, vindt de Vereniging tegen de Kwakzalverij.

De arts C. Moerman, uitvinder van het kankerdieet, is zaterdag door de Vereniging tegen de Kwakzalverij benoemd tot de grootste kwakzalver van de twintigste eeuw. Op de zwarte lijst veroverde J. Samuels, uitvinder van de Endogene Endocrino-therapie met het korte golven apparaat de tweede plaats en magnetiseur J. Borgman werd derde.

Van de benoemde 'zwakke vakbroeders' moet de vereniging niet veel hebben. De broeders, die allemaal hun laatste adem al hebben uitgeblazen, zijn pijnlijk genoeg nog steeds overduidelijk succesvol, weet C. Renckens, voorzitter van de vereniging. Nog steeds doen zieken veel voor een sprankje hoop op genezing, ten gunste van de alternatieve markt van de geneeskunde.

Het luide protest van de vereniging vindt bij de burgerbevolking weinig gehoor. Ondanks de opmars van alternatieve kruiden, pilletje en smeersels gaat de strijd onverminderd door. ,,Ze bieden valse hoop'', zegt Renckens. Hoop op uitzicht bij een ongeneeslijke ziekte heeft geen zin, vindt hij. Veel beter is het dat patiënten de harde waarheid leren aanvaarden.

Niet alleen de wandel van artsen wordt nauwkeurig onderzocht, ook religieuze leiders kunnen niet vrijblijvend handen opleggen om wonderen te bewerkstelligen of bidden voor genezing. ,,Kwakzalvers beroepen zich vaak op goddelijke inspiratie. Dat doet het goed, zo'n ethische uitstraling'', vertelt Renckens.

En zo staan ook Greet Hofmans, Jomanda en Johan Maasbach op de long list van 25 niet-artsen. Maar zo eenvoudig als het is de geneeskundige theorieën van kankerdokters als Moerman en Houtsmuller te weerleggen door hun behandelmethode te toetsen, zo moeilijk is het de 'goddelijke geneeskracht' te onderzoeken en te meten. Geen God voelt er wat voor om op bevel hetzelfde 'trucje' te doen dat hij eerder heeft gedaan. Renckens, die zelf niet gelovig is, weet wel waarom Maasbach op de lijst staat. Hij vertrouwt Maasbach gewoon niet, zo luidt zijn 'wetenschappelijk gefundeerd' argument. ,,Het is een praatjesmaker, een zakenman. Met bijbels, handen in de hoogte, gebedsgenezing. Hij zal de blaaskanker van broeder Jansen wel even genezen, hij claimt de genezing.''

De religieuze 'freaks' zitten Renckens niet lekker. Zo gemakkelijk kan hij met een wetenschappelijk betoog de artsen met vage kankermiddeltjes in de ban doen, zo ongrijpbaar is de werking van een godspersoon. ,,Je kunt moeilijk zeggen dat Maasbach een oplichter was, maar ik vraag me af wat die vroomheid voorstelde. Een flink religieus sausje is goed voor je business.''

Dat er geen wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar de praktijken van Maasbach, Jomanda of Hofmans, weerhoudt Renckens niet om hen op de lijst van kwakzalvers te zetten, al is het niet het meest geliefde onderwerp van hem om over te praten. Hij kijkt regelmatig op zijn horloge, peinst, schuift heen en weer op zijn stoel als hem naar de werking van gebed wordt gevraagd. ,,Het helpt om het lijden te verlichten, het troost.'' Maar meer dan suggestief kan Renckens het bidden niet noemen. Haastig stapt hij over op zijn rede over kwakzalvers, die ook troost bieden, maar dan in een 'pakket van allemaal onzin'.

Naast het disfunctioneren van het gebed zijn ook wonderen uitgesloten, meent Renckens. ,,Wij geloven absoluut niet in wonderen. Ik weet niet of het ten tijde van Christus gebeurde, maar als je alle verschijningen toen op video had vastgelegd, zou er niks geregistreerd zijn. Dat zou moeilijk worden voor een bijbelexegeet. Ik denk dat een moderne gelovige tegenwoordig wel zonder wonderen kan.'' Renckens kent uit de praktijk wel verhalen over de kracht van de 'suggestie': ,,Een vrouw liet zich opereren zonder verdoving terwijl familieleden voor haar baden. Wat ze met rotsvast geloof en vertrouwen kunnen is indrukwekkend.''

De Vereniging wil Renckens niet omschrijven als atheïstisch. Sommige leden geloven in God, maar dan wel in een God die geen wonderen doet. ,,De natuurwetten zijn zo hard. Ziektes zijn terug te voeren naar scheikundige en fysische processen. Dat is voor de mens nu eenmaal moeilijk te verkroppen.''

Of Hofman, Maasbach en Jomanda kwakzalvers van de eerste orde zijn, betwijfelt Renckens. ,,Hele volksstammen bidden om de genezing van familieleden. Daar heb ik niks op tegen. Ik vind het schattig, maar ik geloof niet dat het helpt. Gebed is onderdeel van het sociale netwerk. Het is net zoiets dat mensen horen bij een parochie of een koor. Dat is heel goed voor de mens en ook voor de gezondheid belangrijk.''

Hoewel Renckens zich met afvallige ambtsbroeders minder op glad ijs bevindt dan met religieuze wonderdokters, blijft hij beide te vuur en te zwaard bestrijden. Noodzakelijk vindt Renckens, want toen de kankerdokter Moerman in 1988 eindelijk stierf, verschenen prompt veertig nieuwe 'moerman-artsen' op het toneel. Aan veertig Maasbachs zou hij niet moeten denken. Die zijn tenslotte niet te vertrouwen.

mailIcon print |