De eerste week van 2000 is zowel voor de nationale mannen- als de vrouwenvolleybalploeg niet zomaar een week. Beide formaties strijden, de mannen in Katowice en de vrouwen in Bremen, om een felbegeerd ticket voor het olympisch toernooi in Sydney. Alleen winst garandeert deelname aan de Spelen. De twee dienstdoende bondscoaches, Toon Gerbrands (mannen) en Pierre Mathieu (vrouwen) beseffen de ernst van de zaak. Ondanks een verre van ideale voorbereiding tonen Gerbrands en Mathieu zich vol vertrouwen.
Toon Gerbrands lacht. Altijd. De veelgeplaagde bondscoach van de volleyballers is een eeuwige optimist. De tegenslagen uit het recente verleden zijn stuk voor stuk 'procesmatig' te verklaren. Dat stelt hem gerust, maar wie nog meer?
Deze week is het erop-of-eronder voor Oranje. De equipe van Gerbrands moet het olympisch kwalificatietoernooi in Polen winnen om zich te plaatsen voor Sydney. Meer kansen krijgt de regerend olympisch kampioen normaal gesproken niet. ,,We weten dat we op nul starten.''
De buitenwacht inmiddels ook. De man bij de benzinepomp, een geliefde figurant in de verhalen van Gerbrands, heeft zijn kritische toon vervangen door een bemoedigender variant. Tegenwoordig krijgt de Haarlemmer niet meer te horen 'dat het slecht gaat met het Nederlandse volleybal'. 'Kom op joh, schouders eronder', klinkt het nu voorzichtig. ,,Eindelijk voel ik weer sympathie.''
Medelijden in plaats van trots; de emotionele verschuiving is een aardige graadmeter voor het verval van 'de lange mannen'. Begin september eindigde het Europees kampioenschap in een deceptie. Titelverdediger Nederland werd in Oostenrijk slechts vijfde. Het was het derde internationale toernooi op rij dat flopte.
Amper vier maanden later, met slechts een handjevol gezamenlijke trainingen in de benen, stelt Gerbrands desondanks dat 'er veel veranderd is'. ,,De startsituatie is duidelijker. We zitten gelukkig weer in de underdog-positie. Er is geen speler meer die zegt: dat doen we wel effe. Voor het EK was dat anders. De absolute focus, weten dat je op nul begint, misten we. Hoe dat kwam? We leunden in onze gedachten te veel op de terugkomst van Peter Blangé.''
Nu beseffen aanvoerder Bas van de Goor en consorten dat 'niemand ze meer komt redden'. Oudgediende Henk-Jan Held heeft een rentree definitief uitgesloten en Olof van der Meulen is 'voorlopig' niet ingegaan op de avances. De helft van de gouden basis van Atlanta '96 is er dehalve, net als in Wenen, ook in Katowice niet bij. Ron Zwerver beëindigde zijn carrière immers.
,,Het is een vierjaarlijkse cyclus. Zes maanden voor de Spelen is duidelijk welke spelers het moeten doen. Punt. De conflictmodellen zijn opgeborgen. Langzaam ontstaat het gevoel dat we elkaar nodig hebben. De discussies of de spelersgroep wel deugt en of de staf de juiste is, voeren we niet meer. Tijdens het EK werden mensen nog weleens onderling afgerekend. Nu niet meer. De nadruk ligt momenteel op elkaars plussen.''
Toeval of niet, die tonen ze in het veld ook steeds vaker. De ergste aanpassingsproblemen met het nieuwe rally-pointsysteem (RPS) lijken verleden tijd. Vorige week won Oranje een toernooi, officieel voor clubteams, in het Belgische Sint-Niklaas. Dat mag nog steeds geen nieuws heten. De nederlaag tijdens de openingswedstrijd (tegen Maaseik) overigens wel. Toch 'heeft België heel positief gewerkt'. Belangrijkste winst is dat Nederland gaandeweg het driedaagse evenement dan eindelijk de benodigde 'nieuwe stijl van spelen' toonde.
'Pompen' luidt het devies voor het nieuwe millennium. Afwachten kan niet meer. Zo snel mogelijk de scorende speler opzoeken. Doordat iedere rally een punt oplevert, is rustig opbouwen verleden tijd. Vroeger kostte één set drie kwartier, nu slechts twintig minuten. Risico nemen met de opslag is noodzakelijk geworden om te zegevieren, zeker nu sinds december de netservice is toegestaan.
Op het Flanders Volley Gala oogde het Nederlandse team minder paniekerig en tegelijk feller dan een paar maanden terug. Guido Görtzen verwoordde het in de Volkskrant zo: ,,We zijn geen makke lammetjes meer.'' Gerbrands vult aan: ,,We spelen gecontroleerder. We protesteren minder bij de scheidsrechter. Dat leidt de aandacht maar af en dan sta je meteen drie punten achter. Gewoon opstellen en volgende bal.''
Nederland was niet het enige land dat moest wennen. Iedereen, weet Gerbrands. ,,We hebben er met z'n allen een jaar overgedaan om de juiste tactiek te vinden. Dat verbaast mij niet. Het hoort bij de procesmatige kant van sport.''
Desondanks duikelde geen enkel topland zo'n diep dal in. Nederland was jarenlang de koning van de side-out, van het terugveroveren van de service. De omschakeling was groot. ,,Wij beheersten het rustig blijven als geen ander. Pas boven de tien punten trokken we alle registers open.''
Aan de vooravond van een van de belangrijkste toernooien uit de geschiedenis van de Nederlandse mannenploeg constateert Gerbrands tevreden dat er veel is veranderd. Of er genoeg is veranderd, durft hij echter niet te voorspellen. Op het zeslandentoernooi zijn Joegoslavië, Polen en Tsjechië geduchte concurrenten.
,,Het toernooisysteem is in ieder geval in ons voordeel.'' Na vijf onderlinge wedstrijden spelen de nummers één en twee nog een finale. Eén misstap hoeft dus niet meteen fataal te zijn. ,,Tijdens het kwalificatietoernooi voor Barcelona '92 acteerde Oranje gedurende de pouleduels niet geweldig, maar greep het op de laatste dag de kans om alles recht te zetten.'' Toon Gerbrands is even stil en lacht dan. Alweer.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.